De natuur is volop in bloei. Dat betekent dat we als gemeente weer moeten maaien. Op sommige plaatsen doen we dat meer dan op andere plaatsen. We laten het gras lang waar dat kan en maaien het kort waar dat moet. Waar we minder maaien is meer ruimte voor (andere soorten) planten om te groeien. Deze zijn ook aantrekkelijker voor vlinders, bijen en libellen. Als we minder maaien, mag er geen sprake zijn van een onveilige situatie. Op grasvelden waar veel mensen recreëren of kinderen spelen, houden we het gras kort.
Tijdens de bloeimaanden april en mei maaien we dus wel, maar kijken zorgvuldig waar we dat wel en waar we dat niet doen. Grasvelden waar bijvoorbeeld paardenbloemen, madeliefjes, paarse dovenetels, ereprijs en pinksterbloemen bloeien, slaan we dan tijdelijk over.
Deze maanden groeien de grasaren volop. Grasaren zijn erg vervelend voor honden. Honden snuffelen graag overal aan en hierdoor ‘kruipen’ deze plantjes onder andere in de oren, tussen de tenen, in de neus en in de huid van uw huisdier. De gemeente kan ze niet overal weghalen, controleer daarom uw hond daarom regelmatig.