In mijn familie is dit een gangbaar gebruik van dat woord, maar het
blijkt niet in Van Dale te staan. Vandaar dat ik mij afvraag of er
andere mensen zijn die het kennen, wellicht uit een dialect.
Hartelijk dank,
Sander.
Sent via Deja.com
http://www.deja.com/
> Kent iemand het woord ruizelen, in de betekenis van 'uitvallen'?
> Zoals in: "De kerstboom ruizelt dit jaar enorm."
>
> In mijn familie is dit een gangbaar gebruik van dat woord, maar het
> blijkt niet in Van Dale te staan. Vandaar dat ik mij afvraag of er
> andere mensen zijn die het kennen, wellicht uit een dialect.
>
Ik ken het woord 'ruizelen' niet, maar het voldoet aan alle regels van
de Nederlandse taal. Het is een frequentief van het woord 'ruisen'. En
ik heb ook wat klank betreft direct een goede voorstelling van de
betekenis van het woord.
Vriendelijke groet,
Sanne
>Kent iemand het woord ruizelen, in de betekenis van 'uitvallen'?
>Zoals in: "De kerstboom ruizelt dit jaar enorm."
>
>In mijn familie is dit een gangbaar gebruik van dat woord, maar het
>blijkt niet in Van Dale te staan. Vandaar dat ik mij afvraag of er
>andere mensen zijn die het kennen, wellicht uit een dialect.
>
>
>Hartelijk dank,
>
Uit Groot woordenboek der Nederlandse taal:
ruizelen
ruizelen
onovergank. werkw.; ruizelde, h. geruizeld
1 Ÿ ruisen, ritselen
de wind ruizelt in de blaren
groet,
Joop
> Kent iemand het woord ruizelen, in de betekenis van 'uitvallen'?
> Zoals in: "De kerstboom ruizelt dit jaar enorm."
>
> In mijn familie is dit een gangbaar gebruik van dat woord, maar het
> blijkt niet in Van Dale te staan. Vandaar dat ik mij afvraag of er
> andere mensen zijn die het kennen, wellicht uit een dialect.
In Limburg is het een vrij gangbaar woord ('rתתzelen' in dialect). Ik
ken het ook alleen maar in de betekenis die je noemt: het afvallen van
de droge naalden van de kerstboom.
Mouseman.
(knip)
> Ik ken het woord 'ruizelen' niet, maar het voldoet aan alle regels van
> de Nederlandse taal. Het is een frequentief van het woord 'ruisen'.
ES: Valt te betwijfelen, gezien de z-klank in het grondwoord.
Zo komt *duizelen* ook niet van een grondwoord met *duis-.
Er is echter wel een woord *roezen*, verwant met *ruizen* en *ruzie*....
*ruizen* = 'zich vermaken'....
*rauzen* (uitgesproken: *rausen*): 'drukte maken'.
O, wacht eens Zanne, je sit toch in Amsterdam...dus dan heb je sowieso
maar één s/z-foneem... :->
>En
> ik heb ook wat klank betreft direct een goede voorstelling van de
> betekenis van het woord.
ES: Ik echt niet....
XRutj@s
Het staat wél in Verschueren:
rui'zelen (ruizelde, heeft geruizeld) {verwant met: ruisen} Verhalend.
zacht ruisen, ritselen: de wind ruizelt in de dorre bladeren;
de dorre bladeren ruizelen.
Groeten,
Michel
Wout
matt...@my-deja.com wrote in message <93mv2u$7qh$1...@nnrp1.deja.com>...
rūgelje, verspreid neervallen of laten neervallen (van droge stoffen);
sneuvelen, in de strijd vallen; der tuskenśt _ er tussenuit vallen; sterven;
der yn _ , veel geld kosten.
Ik ken het voor kestbomen en voor het vallen van roet uit de schoorsteen in
de open haard.
Frits
Martien.
> Sorry als ik mijn tweede antwoord op de verkeerde plaats zet maar ik heb
> gisteravond gereageerd en wat me opviel is, dat veel mensen het associėren
> met een bepaald geluid (geruis van die naalden die vallen en zo
Nou die naalden hoor je echt niet vallen. Ik denk meer dat het een
verbastering is van ruien, de kerstboom is in de rui dus.
'n Gannefkerel.
Als dieren haren verliezen "ruizelen" ze ook.
Frans
<matt...@my-deja.com> wrote in message news:93mv2u$7qh$1...@nnrp1.deja.com...
Frans, wil je voortaan regageren onder het bereageerde?
Frits