Pepe
godver de godver........is de Nederlandse scholier dan echt imbeciel? Het
regeltje is zo eenvoudig:
'het gebeurDe...' dus ' het is gebeurD'
'ik feliciteerDe...' dus ' gefeliciteerD'
en
hij/zij maakT, wandelT, huilT .......dus....... hij/zij biedT, zendT,
treedT,
Dit kan een kind van 4 toch nog snappen?
H.
Grotendeels mee eens, in die zin dat een kind van 4 toch ook nog wel
worstelt met het probleem 'pappa, wat voor letter is dit?' Daarnaast (zie
mijn eerdere bescheiden bijdragen in deze groep) ben ik van mening dat het
te moeilijk gemaakt wordt op school. Derde persoon enkelvoud is stam+t,
behalve als de stam op een d eindigt want dan is het stam-d+dt.
Dientengevolge krijg je invuloefeningen waar soms de hele stam staat
afgebeeld (hij loop..) en soms een gedeelte (hij wor..). Ik heb me trouwens
laten vertellen dat dat anno 2005 inmiddels is bijgesteld in de
schoolboekjes.
--
De Antwoordman
Dat is de vraag niet.
De vraag is volgens mij *wat er op tegen* is om 'hij bied' te schrijven
ipv 'hij biedt'.
Ik denk dat daar wel iets met de Grondbeginselen der Nederlandse
Spelling te doen valt: de Algemene Regels die nog altijd de basis van de
Nederlandse spelling zijn, en al bijna anderhalve eeuw borg staan voor
stabiliteit in de grote lijnen van onze spelling. Iedere afwijking van
die Algemene Regels is ongewenst tot het tegendeel bewezen is.
De vervoegingen schrijven we, eenvoudig gesteld, als de stam met soms
een voorvoegsel en vaak een achtervoegsel.
Dat we de stam altijd op dezelfde manier schrijven is conform de
Gelijkvormigheidsregel, die voorschrijft dat we een woord in iedere
afleiding en samenstelling in dezelfde vorm weergeven.
Dat we in dezelfde grammaticale situatie altijd hetzelfde achtervoegsel
schrijven is conform de Analogieregel, die ons vertelt dat we bij een
keuze tussen meerdere weergaven van een klank, die niet door de
Uitspraak-, Gelijkvormigheids- en Afleidingsregel is opgelost, de
analogie moeten volgen van een vergelijkbaar woord, waaarvan we de
spelling wel zeker weten.
Tegelijkertijd is te constateren dat deze Analogieregel wordt overtreden
als de vervoeging zou eindigen op een d na een d-klank, of een t na
een t-klank; een anomalie die vrijwel geen aandacht krijgt.
Dat maakt de vraag toch een stuk interessanter, want waarom wel in dat
geval, en niet bij een t na een d-klank?
--
Devbag
Maar maak_ ik, maak_ jij, maakt_ hij/zij, maak/ maakt ( gebiedend) en dan
nog het kof- dan wel fokschip. Best ingewikkeld, vegeleken bij Engels. Ik
weet niet of Nederlands zo simpel is, om dat te kunnen beoordelen moet je,
denk ik, geen Nederlander zijn.
Nederlands is in ieder geval voor buitenlanders een moeilijke taal om te
leren, dat hoor ik telkens weer van ze.
Desalniettemin, het is gewoon een kwestie van een stukje theorie, en
eindeloos oefenen, dan krijg je het vanzelf in de vingers. 'Struikelblokken'
heette zo'n boekje vroeger bij ons op school, links werkwoordsvormen, rechts
moeilijke woorden.
Jammer dat die lesmethode volkomen naar de ratsmodee- jiddisch voor
Filistijnen- Romeins voor kloten- is, ik blijf van mening dat het de enige
methode is om een taal goed te leren, of meer in z'n algemeenheid: om wat
dan ook te leren, moet je eerst de gereedschappen in handen krijgen, en er
dan mee oefenen. Beheers je de basis, ga dan maar spelevaren met
talenpractica of wat dies meer zij, maar dan heb je die basis tenminste. Die
ontbreekt tegenwoordig, ook in de bètasfeer, kinderen krijgen tegenwoordig
een tabellenkaart en een rekenmachine mee, op het eindexamen Latijn krijgen
ze volgende keer een woordenboek Nederlands erbij, omdat ze vorig jaar niet
uit de vragen kwamen, omdat daar het woordje 'sedert' in voorkwam, wat
niemand kende.
Maar goed, onze taal is best te leren, als je maar volhoudt, en als je het
maar goed aanpakt.
Hier een leuke handleiding van een- kennelijk- boze Belg:
http://homes.esat.kuleuven.be/~athomas/werkwoorden.html
That reminds me aan een cryptogramopgave: boos in Brussel ( 7).
--
R.@.@.Sk@l
Die nog wel. Vroeger hield dat dan levenslang, maar tegenwoordig keldert
de intelligentie na de vijfde klas (groep 7) basisonderwijs. Ik denk dat
het aan de media's ligt.
Of "Hij biet". Dan staat er precies wat je zegt. Die d van de stam mag
van mij best een t worden aan het eint, d/t wisselingen en s/z
wisselingen zijn zowel in spraak als in schrift immers heel gewoon.
Een medium, twee media, hoeveel media's dan?
--
R.@.@.Sk@l
J kn zlfs d klnkrs wl wgltn,tkt k snllr, n s bvndn mltntrprtbl!
--
R.@.@.Sk@l
Kwenie, ik ben al van de basisschool af.
--
Je hep drie soorte mense: die wel kenne telle en die da nie kenne.
Welke soort militanteëierpureetabel bedoel je?
n hr, vlkmn hldr
grtn
rchrd
--
Richard van Schaik
f.m.a.vans...@THISwanadoo.nl
http://www.fmavanschaik.nl/
Hap!
--
Devbag
Dat is niet overeenkomstig de huidige principes der Nederlandse
spelling, en wel het principe dat zorgt voor de onmiddellijke
herkenbaarheid van woorden in 'compozieten en derivaten' en meer van dat al.
Je zegt trouwens niet altijd 'biet', dat is sterk afhankelijk van de
omliggende klanken, en je persoonlijke taalomgeving. Grote kans dat je
in 'hij biedt 1 dollar' een zuivere d laat horen.
Dankzij de Algemene Regels van de Grondbeginselen is spelling
grotendeels onafhankelijk van juist de omliggende klanken en
persoonlijke taalomgevingen, en dat maakt teksten voor alle
neerlandertalers prima leesbaar.
Die d van de stam mag
> van mij best een t worden aan het eint, d/t wisselingen en s/z
> wisselingen zijn zowel in spraak als in schrift immers heel gewoon.
Kan best, maar enige vastigheid in de schriftelijke weergave van taal
seku woorden is ook wel zo rustig, qua lezen.
Nee, ik vind dat op jouw voorstel wel wat tegen is.
Maar misschien beperken we ons beter tot wat er tegen 'hij bied' is, dat
was tenslotte de vraag.
--
Devbag
> Of "Hij biet". Dan staat er precies wat je zegt. Die d van de stam mag
> van mij best een t worden aan het eint, d/t wisselingen en s/z
> wisselingen zijn zowel in spraak als in schrift immers heel gewoon.
En je sluit mooi aan bij het Zweeds en IJslands. Ook meegenomen,
nietwaar.
Dt zg k.
--
R.@.@.Sk@l
multiïnterpretabel.
glf k.
--
R.@.@.Sk@l
compozieten
rotfl
Ik vinnut maar niks, met een zet,
--
R.@.@.Sk@l
Zeg uhhhh, net je bed uit?????
--
R.@.@.Sk@l
Verschrijving.
--
Devbag
niks verschrijving, foud is fout!!
>
> niks verschrijving, foud is fout!!
Wat jij wil.
--
Devbag
Ja, daarom vroeg ik het nog even na.
Nee, maar die had je toch ter diskussie gesteld?
> en wel het principe dat zorgt voor de onmiddellijke
> herkenbaarheid van woorden in 'compozieten en derivaten' en meer van dat al.
Op het oog herkennen is vooral gewoontevorming. Dus daar til ik niet zo
zwaar aan, zeker als het om uitgangetjes gaat.
> Je zegt trouwens niet altijd 'biet', dat is sterk afhankelijk van de
> omliggende klanken, en je persoonlijke taalomgeving. Grote kans dat je
> in 'hij biedt 1 dollar' een zuivere d laat horen.
Hep ik nevvernooit gehoort.
> Dankzij de Algemene Regels van de Grondbeginselen is spelling
> grotendeels onafhankelijk van juist de omliggende klanken en
> persoonlijke taalomgevingen, en dat maakt teksten voor alle
> neerlandertalers prima leesbaar.
>
> Die d van de stam mag
>> van mij best een t worden aan het eint, d/t wisselingen en s/z
>> wisselingen zijn zowel in spraak als in schrift immers heel gewoon.
>
> Kan best, maar enige vastigheid in de schriftelijke weergave van taal
> seku woorden is ook wel zo rustig, qua lezen.
>
> Nee, ik vind dat op jouw voorstel wel wat tegen is.
>
> Maar misschien beperken we ons beter tot wat er tegen 'hij bied' is, dat
> was tenslotte de vraag.
Dat het eindigt met een d terwijl je een t zegt.
Ik dach tatje eindelek normaal ging srijve.
> Nee, maar die had je toch ter diskussie gesteld?
Niet in de zin van 'zullen we ze maar overboord gooien'. Meer in de zin
van hoe staan we ervoor?
>>en wel het principe dat zorgt voor de onmiddellijke
>>herkenbaarheid van woorden in 'compozieten en derivaten' en meer van dat al.
>
>
> Op het oog herkennen is vooral gewoontevorming. Dus daar til ik niet zo
> zwaar aan, zeker als het om uitgangetjes gaat.
Ik weet niet hoe leesbaar Nederlandse teksten blijven als je deze
houding verder doorvoert. Er ontstaat dan vrees ik een grote varieteit
aan verschillende spellingen voor dezelfde woorden in dezelfde
situaties; je moet wel erg veel gewoontes vormen seku woordbeelden
herkennen.
>>Je zegt trouwens niet altijd 'biet', dat is sterk afhankelijk van de
>>omliggende klanken, en je persoonlijke taalomgeving. Grote kans dat je
>>in 'hij biedt 1 dollar' een zuivere d laat horen.
> Hep ik nevvernooit gehoort.
Zegt niet zoveel. Je verwacht bijvoorbeeld niet anders te horen. Maar
jaren eerder is in deze nieuwsgroep al duidelijk geworden dat lang niet
iedere neerlandertaler meent een t uit te spreken in 'brood'. De
verstemlozing is lang niet bij iedereen een even sterke eigenschap.
Maar een 'schrijf wat je hoort' houding betekent wel dat je met de
invloed van assimilatie rekening moet houden. Natuurlijk kun je zeggen
dat het je niets uitmaakt.
>>Dankzij de Algemene Regels van de Grondbeginselen is spelling
>>grotendeels onafhankelijk van juist de omliggende klanken en
>>persoonlijke taalomgevingen, en dat maakt teksten voor alle
>>neerlandertalers prima leesbaar.
[..]
>>Maar misschien beperken we ons beter tot wat er tegen 'hij bied' is, dat
>>was tenslotte de vraag.
> Dat het eindigt met een d terwijl je een t zegt.
Waarvan jij *verwacht* dat je een t zegt.
--
Devbag
Voor deze uitgangsvorm ga ik gewoon soepeltjes over op een ander
uitgangspunt. D'r was er toch een over schrijven wat je hoort?
>>>en wel het principe dat zorgt voor de onmiddellijke
>>>herkenbaarheid van woorden in 'compozieten en derivaten' en meer van dat al.
>> Op het oog herkennen is vooral gewoontevorming. Dus daar til ik niet zo
>> zwaar aan, zeker als het om uitgangetjes gaat.
>
> Ik weet niet hoe leesbaar Nederlandse teksten blijven als je deze
> houding verder doorvoert. Er ontstaat dan vrees ik een grote varieteit
> aan verschillende spellingen voor dezelfde woorden in dezelfde
> situaties; je moet wel erg veel gewoontes vormen seku woordbeelden
> herkennen.
Alleen de al bestaande d/t overgang verder doorvoeren. Trouwens, het
woortbeelt is nu dat alle varianten met t, d en dt door elkaar gehusselt
voorkomen, en dat neemt nog zienderogen toe (zoals je zelf al een jaar
of vijf zes zeven geleden betoogde en helemaal gelijk in hat) dus veel
erger kan het niet worden als je één duidelijke keus maakt.
>>>Maar misschien beperken we ons beter tot wat er tegen 'hij bied' is, dat
>>>was tenslotte de vraag.
>
>> Dat het eindigt met een d terwijl je een t zegt.
>
> Waarvan jij *verwacht* dat je een t zegt.
Ik weet zeker dat jij biet zegt als je biedt of bied bedoelt.
Vlgones een oznrdeeok op een Eglnese uvinretsiet mkaat het neit uit
in wlkee vloogdre de ltteers in een wrood saatn, het einge wat
blegnaijrk is is dat de eretse en de ltaatse ltteer op de jiutse
patals saatn. De rset van de ltteers mgoen wllikueirg gpletaast
wdoren en je knut vrelvogens gwoeon lzeen wat er saatt. Dit kmot
odmat we neit ekle ltteer op zcih lzeen maar het wrood als gheeel.
--
R.@.@.Sk@l
Ik vraag me af wat Bnneo Bkestean daarvan vint.
> Nederlands is in ieder geval voor buitenlanders een moeilijke taal om te
> leren, dat hoor ik telkens weer van ze.
Maar mijn ervaring is dat ze meestal geen problemen hebben met
-d, dt en dat soort zaken, maar eerder met de woordvolgorde in een
zin (dat is ook niet altijd eenvoudig uit te leggen, heb ik gemerkt - je
doet het vanzelf goed, maar toen ik probeerde er de regels uit te
destilleren, bleek het ingewikkelder te zijn dan ik dacht), en met de
vraag of een werkwoord zwak of sterk is (overigens ook voor sommige
Nederlanders vaak nog een struikelblok).
> Vlgones een oznrdeeok op een Eglnese uvinretsiet mkaat het neit uit
> in wlkee vloogdre de ltteers in een wrood saatn, het einge wat
> blegnaijrk is is dat de eretse en de ltaatse ltteer op de jiutse
> patals saatn. De rset van de ltteers mgoen wllikueirg gpletaast
> wdoren en je knut vrelvogens gwoeon lzeen wat er saatt. Dit kmot
> odmat we neit ekle ltteer op zcih lzeen maar het wrood als gheeel.
Maar dit hebben we de laatste jaren al zó vaak voorbij zien komen...
Ja en? En hoezo 'maar'?
--
R.@.@.Sk@l
Ja. En welk lidwoord ergens bij hoort. En dat we in halve zinnen praten. En
hoe het met meervouden zit. ( Komt een vrouw bij de dokter....). En in het
klooster leren ze 'groter dan' en 'even groot als', om vervolgens
dicteemeester Philip Freriks in het Journaal te horen zeggen '....even snel
dan....'.Enz.enz.
--
R.@.@.Sk@l
> Ja en? En hoezo 'maar'?
Dat we het nu wel zo langzamerhand weten...
Ik weet het: repetitio mater studiorum est, maar soms kan
de repetitio me toch wat te veel worden.
Dan ga je na het weekend, lekker uitgerust, verder. :D
--
R.@.@.Sk@l
[..]
> Voor deze uitgangsvorm ga ik gewoon soepeltjes over op een ander
> uitgangspunt. D'r was er toch een over schrijven wat je hoort?
De Algemene Regels zijn niet willekeurig van toepassing. Misschien moet
je ze eens echt lezen.
[..]
>>>Op het oog herkennen is vooral gewoontevorming. Dus daar til ik niet zo
>>>zwaar aan, zeker als het om uitgangetjes gaat.
>>
>>Ik weet niet hoe leesbaar Nederlandse teksten blijven als je deze
>>houding verder doorvoert. Er ontstaat dan vrees ik een grote varieteit
>>aan verschillende spellingen voor dezelfde woorden in dezelfde
>>situaties; je moet wel erg veel gewoontes vormen seku woordbeelden
>>herkennen.
>
>
> Alleen de al bestaande d/t overgang verder doorvoeren. Trouwens, het
> woortbeelt is nu dat alle varianten met t, d en dt door elkaar gehusselt
> voorkomen, en dat neemt nog zienderogen toe (zoals je zelf al een jaar
> of vijf zes zeven geleden betoogde en helemaal gelijk in hat) dus veel
> erger kan het niet worden als je één duidelijke keus maakt.
Ik betoog ook allang een andere vereenvoudigende oplossing, die niet
alle grondbeginselen van de Nederlandse spelling naar de prullebak
verwijst, en die al het goede en probleemloze van de bestaande spelling
behoudt.
>>>>Maar misschien beperken we ons beter tot wat er tegen 'hij bied' is, dat
>>>>was tenslotte de vraag.
>>
>>>Dat het eindigt met een d terwijl je een t zegt.
>>
>>Waarvan jij *verwacht* dat je een t zegt.
>
> Ik weet zeker dat jij biet zegt als je biedt of bied bedoelt.
Dan weet je meer dan ik.
--
Herman
Hat ik gedaan. Het zijn in ieder geval geen regels, eerder trents. Ze
zijn tamelijk onvoorspelbaar wel of niet van toepassing, voor kwa orde
betreft. Voor elk geval waar een regel van toepassing is, heb je een
geval waar hij niet van toepassing is.
>
> [..]
>
>>>>Op het oog herkennen is vooral gewoontevorming. Dus daar til ik niet zo
>>>>zwaar aan, zeker als het om uitgangetjes gaat.
>>>
>>>Ik weet niet hoe leesbaar Nederlandse teksten blijven als je deze
>>>houding verder doorvoert. Er ontstaat dan vrees ik een grote varieteit
>>>aan verschillende spellingen voor dezelfde woorden in dezelfde
>>>situaties; je moet wel erg veel gewoontes vormen seku woordbeelden
>>>herkennen.
>>
>> Alleen de al bestaande d/t overgang verder doorvoeren. Trouwens, het
>> woortbeelt is nu dat alle varianten met t, d en dt door elkaar gehusselt
>> voorkomen, en dat neemt nog zienderogen toe (zoals je zelf al een jaar
>> of vijf zes zeven geleden betoogde en helemaal gelijk in hat) dus veel
>> erger kan het niet worden als je één duidelijke keus maakt.
>
> Ik betoog ook allang een andere vereenvoudigende oplossing, die niet
> alle grondbeginselen van de Nederlandse spelling naar de prullebak
> verwijst, en die al het goede en probleemloze van de bestaande spelling
> behoudt.
En je wou zeggen dat een eint-t alle grontbeginselen van de Nederlantse
spelling en al het goede en probleemloze van de bestaande spelling naar
de prullebak verwijst?
Nee, het zijn regels. Ze schrijven voor hoe woorden gespeld moeten
worden, wil je ze kunnen vinden in het WNT. Dat is ook de directe
aanleiding voor de opstelling van de Grondbeginselen geweest.
De regels zijn evenwel niet zomaar verzonnen, maar zijn vooral
gedestilleerd uit de spellingsituatie van die tijd, een situatie die na
een paar eeuwen spellingevolutie was ontstaan. Juist daardoor konden ze
door alle spelling-gebieden relatief vlot worden aanvaard, en juist
daardoor ook hebben ze de Nederlandse spelling de afgelopen ruim 140
jaar op hoofdlijnen stabiel gehouden.
> / Ze zijn tamelijk onvoorspelbaar wel of niet van toepassing,
> voor kwa orde betreft.
Wil je eens uitleggen, met voorbeelden, wat je hiermee precies bedoelt?
> Voor elk geval waar een regel van toepassing is, heb je een
> geval waar hij niet van toepassing is.
Ga ik na je uitleg op in.
>>>Alleen de al bestaande d/t overgang verder doorvoeren. Trouwens, het
>>>woortbeelt is nu dat alle varianten met t, d en dt door elkaar gehusselt
>>> voorkomen, en dat neemt nog zienderogen toe (zoals je zelf al een jaar
>>>of vijf zes zeven geleden betoogde en helemaal gelijk in hat) dus veel
>>>erger kan het niet worden als je één duidelijke keus maakt.
>>
>>Ik betoog ook allang een andere vereenvoudigende oplossing, die niet
>>alle grondbeginselen van de Nederlandse spelling naar de prullebak
>>verwijst, en die al het goede en probleemloze van de bestaande spelling
>>behoudt.
>
>
> En je wou zeggen dat een eint-t alle grontbeginselen van de Nederlantse
> spelling en al het goede en probleemloze van de bestaande spelling naar
> de prullebak verwijst?
Ik wil zeggen dat je eerst moet nagaan of je met een schijnbaar
vereenvoudigende maatregel niet allerlei complicaties creeert in je
spelling, doordat je bijvoorbeeld stabiliserende mechanismes verstoort.
Ik wil bijvoorbeeld zeggen dat het niet nodig seku gewenst is
'brood-broden' in 'broot-broden' te veranderen.
D/t problemen komend hoofdzakelijk in een deel van de spelling van
vervoegingen voor; dan heeft het de voorkeur de problemen als het kan
binnen dat probleemgebied op te lossen, en het gebied daarbuiten met
rust te laten.
Gevalletje Mug en Olifant.
--
Devbag
Ik haal jouw aanhaling aan:
"Voor de Algemene Regels is het onbelangrijk of je nu 'onbelangrijk',
'onbylannreik', 'onbylanqreik', 'onbelanqreik' of 'onbelangreik'
schrijft;..."
Maar de Algemene Regels schrijven wel voor dat je hij biedt of hij bied
moet schrijven, maar niet hij biet?
> De regels zijn evenwel niet zomaar verzonnen, maar zijn vooral
> gedestilleerd uit de spellingsituatie van die tijd, een situatie die na
> een paar eeuwen spellingevolutie was ontstaan. Juist daardoor konden ze
> door alle spelling-gebieden relatief vlot worden aanvaard, en juist
> daardoor ook hebben ze de Nederlandse spelling de afgelopen ruim 140
> jaar op hoofdlijnen stabiel gehouden.
Mogelijk, maar niet op een detail als de eind-d of dt. Of poezen/poesen.
of zoo/zo. Of welke plaktekens je in samenstellingen kan gebruiken. Of
waar je hoofdletters mag/moet schrijven. Of de tussen-n. Daarvoor kan je
van alles beredeneren, en er is altijd wel een bazisregel voorhanden om
je keuze te verklaren.
>> / Ze zijn tamelijk onvoorspelbaar wel of niet van toepassing,
>> voor kwa orde betreft.
>
> Wil je eens uitleggen, met voorbeelden, wat je hiermee precies bedoelt?
Er is altijd wel een bazisregel voorhanden om een bepaalde keuze te
verklaren.
> Ik wil zeggen dat je eerst moet nagaan of je met een schijnbaar
> vereenvoudigende maatregel niet allerlei complicaties creeert in je
> spelling, doordat je bijvoorbeeld stabiliserende mechanismes verstoort.
d/t/dt is ver genoeg heen om te kunnen konstateren dat de stabilizatie
niet meer werkt, zo die er ooit was.
> Ik wil bijvoorbeeld zeggen dat het niet nodig seku gewenst is
> 'brood-broden' in 'broot-broden' te veranderen.
Ik heb met geen van beide problemen.
> D/t problemen komend hoofdzakelijk in een deel van de spelling van
> vervoegingen voor; dan heeft het de voorkeur de problemen als het kan
> binnen dat probleemgebied op te lossen, en het gebied daarbuiten met
> rust te laten.
> Gevalletje Mug en Olifant.
Net die ene mug zorgt ervoor dat de olifant het dorp verderop niet
vertrapt. Te druk met zijn tranende oog.
De Uitspraakregel voor dat de bestanddelen van het woord 'bied' in
lettertekens moeten worden weergegeven. Voor wat betreft de 'd' op het
eind van het woord biedt het transcriptiesysteem daarvoor 3
mogelijkheden: d-dt-t.
De Gelijkvormigheidsregel schrijft voor dat een woordbestanddeel met een
bepaalde betekenis in iedere samenstelling/verbuiging op dezelfde wijze
gevormd moet worden. Dat houdt in dat de vorm 'bied' in verplicht is.
Dan houden we nu nog de keuze tussen dt en t over. De Afleidingsregel is
hier niet vn toepassing, zodat de Analogieregel de zaak moet oplossen.
>>De regels zijn evenwel niet zomaar verzonnen, maar zijn vooral
>>gedestilleerd uit de spellingsituatie van die tijd, een situatie die na
>>een paar eeuwen spellingevolutie was ontstaan. Juist daardoor konden ze
>>door alle spelling-gebieden relatief vlot worden aanvaard, en juist
>>daardoor ook hebben ze de Nederlandse spelling de afgelopen ruim 140
>>jaar op hoofdlijnen stabiel gehouden.
>
>
> Mogelijk, maar niet op een detail als de eind-d of dt. Of poezen/poesen.
> of zoo/zo. /
Het Transcriptiesysteem, niet de Algemene Regels, bepaalt welke
weergavemogelijkheden er zijn, bijvoorbeeld voor klanken in
eindposities. De Algemene Regels leiden je bij het kiezen uit de
mogelijkheden.
> / Of welke plaktekens je in samenstellingen kan gebruiken. Of
> waar je hoofdletters mag/moet schrijven.
Inderdaad.
Of de tussen-n.
Toch wel.
> Daarvoor kan je
> van alles beredeneren, en er is altijd wel een bazisregel voorhanden om
> je keuze te verklaren.
Nee, zo werkt dat dus niet. Aan de Uitspraakregel moet altijd worden
voldaan. Aan de Gelijkvormigheidsregel moet altijd worden voldaan,
tenzij de Uitspraakregel dan zou worden overtreden.
Pas als deze twee niet tot eenduidige spelling leiden zijn Afleiding-
seku Analogieregel aan de beurt.
>>>/ Ze zijn tamelijk onvoorspelbaar wel of niet van toepassing,
>>>voor kwa orde betreft.
[..]
> Er is altijd wel een bazisregel voorhanden om een bepaalde keuze te
> verklaren.
Dat is ook de bedoeling.
Maar niet de Algemene Regels bepalen de mogelijkheden waaruit gekozen
kan worden, dat is het transcriptiesysteem. De Algemene Regels bepalen
hoe uit de mogelijkheden een keuze gemaakt kan worden.
>>Ik wil zeggen dat je eerst moet nagaan of je met een schijnbaar
>>vereenvoudigende maatregel niet allerlei complicaties creeert in je
>>spelling, doordat je bijvoorbeeld stabiliserende mechanismes verstoort.
>
> d/t/dt is ver genoeg heen
in enkele vervoegingssituaties
om te kunnen konstateren dat de stabilizatie
in enkele vervoegingssituaties
> niet meer werkt, zo die er ooit was.
De Algemene Regels bieden in de betreffende vervoegingssituaties
onvoldoende houvast. Ook de Analogieregel is hier moeilijk toe te
passen. Oorzaak is met name dat de spelling hier afhankelijk is van de
grammaticale positie van het woord, en de Algemene Regels bemoeien zich
daar niet mee.
>>Ik wil bijvoorbeeld zeggen dat het niet nodig seku gewenst is
>>'brood-broden' in 'broot-broden' te veranderen.
>
> Ik heb met geen van beide problemen.
Daar gaat het niet om. Wat goed geregeld is, en geen problemen geeft,
moet je zo laten, en niet veranderen omdat er ergens anders een probleem
is. De kans is groot dat je meer problemen veroorzaakt dan je oplost.
>>D/t problemen komend hoofdzakelijk in een deel van de spelling van
>>vervoegingen voor; dan heeft het de voorkeur de problemen als het kan
>>binnen dat probleemgebied op te lossen, en het gebied daarbuiten met
>>rust te laten.
>>Gevalletje Mug en Olifant.
>
>
> Net die ene mug zorgt ervoor dat de olifant het dorp verderop niet
> vertrapt. Te druk met zijn tranende oog.
Die beeldspraak ontgaat me volkomen.
--
Devbag
Peter Elderson wrote:
> Devbag:
>
>>>>De Algemene Regels zijn niet willekeurig van toepassing. Misschien moet
>>>>je ze eens echt lezen.
>>>
>>>Hat ik gedaan. Het zijn in ieder geval geen regels, eerder trents. /
>>
>>Nee, het zijn regels. Ze schrijven voor hoe woorden gespeld moeten
>>worden, wil je ze kunnen vinden in het WNT. Dat is ook de directe
>>aanleiding voor de opstelling van de Grondbeginselen geweest.
>
>
> Ik haal jouw aanhaling aan:
> "Voor de Algemene Regels is het onbelangrijk of je nu 'onbelangrijk',
> 'onbylannreik', 'onbylanqreik', 'onbelanqreik' of 'onbelangreik'
> schrijft;..."
>
> Maar de Algemene Regels schrijven wel voor dat je hij biedt of hij bied
> moet schrijven, maar niet hij biet?
De Uitspraakregel schrijft voor dat de bestanddelen van het woord 'bied'
in lettertekens moeten worden weergegeven. Voor wat betreft de 'd' op
het eind van het woord biedt het transcriptiesysteem daarvoor 3
mogelijkheden: d-dt-t.
De Gelijkvormigheidsregel schrijft voor dat een woordbestanddeel met een
bepaalde betekenis in iedere samenstelling/verbuiging op dezelfde wijze
gevormd moet worden. Dat houdt in dat de vorm 'bied' in ieder geval
verplicht is.
Dan houden we nu nog de keuze tussen dt en d over. De Afleidingsregel is
hier niet van toepassing, zodat de Analogieregel de zaak moet oplossen.
>>De regels zijn evenwel niet zomaar verzonnen, maar zijn vooral
>>gedestilleerd uit de spellingsituatie van die tijd, een situatie die na
>>een paar eeuwen spellingevolutie was ontstaan. Juist daardoor konden ze
>>door alle spelling-gebieden relatief vlot worden aanvaard, en juist
>>daardoor ook hebben ze de Nederlandse spelling de afgelopen ruim 140
>>jaar op hoofdlijnen stabiel gehouden.
>
>
> Mogelijk, maar niet op een detail als de eind-d of dt. Of poezen/poesen.
> of zoo/zo. /
Het Transcriptiesysteem, niet de Algemene Regels, bepaalt welke
weergavemogelijkheden er zijn, bijvoorbeeld voor klanken in
eindposities. De Algemene Regels leiden je bij het kiezen uit de
mogelijkheden.
> / Of welke plaktekens je in samenstellingen kan gebruiken. Of
> waar je hoofdletters mag/moet schrijven. /
Inderdaad.
> / of de tussen-n.
Toch wel.
> Daarvoor kan je
> van alles beredeneren, en er is altijd wel een bazisregel voorhanden om
> je keuze te verklaren.
Aan de Uitspraakregel moet altijd worden voldaan. Aan de
Gelijkvormigheidsregel moet altijd worden voldaan, tenzij de
Uitspraakregel dan zou worden overtreden.
Pas als deze twee niet tot eenduidige spelling leiden zijn Afleiding-
seku Analogieregel aan de beurt, om de definiteve keuze te bepalen.
[..]
> Er is altijd wel een bazisregel voorhanden om een bepaalde keuze te
> verklaren.
Dat is ook de bedoeling.
Maar niet de Algemene Regels bepalen de mogelijkheden waaruit gekozen
kan worden, dat is het transcriptiesysteem. De Algemene Regels bepalen
hoe uit de mogelijkheden een keuze gemaakt moet worden.
>>Ik wil zeggen dat je eerst moet nagaan of je met een schijnbaar
>>vereenvoudigende maatregel niet allerlei complicaties creeert in je
>>spelling, doordat je bijvoorbeeld stabiliserende mechanismes verstoort.
>
> d/t/dt is ver genoeg heen /
in enkele vervoegingssituaties
> / om te kunnen konstateren dat de stabilizatie /
in enkele vervoegingssituaties
> / niet meer werkt, zo die er ooit was.
De Algemene Regels bieden in de betreffende vervoegingssituaties
onvoldoende houvast. Ook de Analogieregel is hier moeilijk toe te
passen. Oorzaak is met name dat de spelling hier afhankelijk is van de
grammaticale positie van het woord, en de Algemene Regels bemoeien zich
daar niet mee.
>>Ik wil bijvoorbeeld zeggen dat het niet nodig seku gewenst is
>>'brood-broden' in 'broot-broden' te veranderen.
>
> Ik heb met geen van beide problemen.
Daar gaat het niet om. Wat goed geregeld is, en geen problemen geeft,
moet je zo laten, en niet veranderen omdat er ergens anders een probleem
is. De kans is groot dat je meer problemen veroorzaakt dan je oplost.
>>D/t problemen komend hoofdzakelijk in een deel van de spelling van
>>vervoegingen voor; dan heeft het de voorkeur de problemen als het kan
>>binnen dat probleemgebied op te lossen, en het gebied daarbuiten met
>>rust te laten.
>>Gevalletje Mug en Olifant.
>
>
> Net die ene mug zorgt ervoor dat de olifant het dorp verderop niet
> vertrapt. Te druk met zijn tranende oog.
Die beeldspraak ontgaat me volkomen.
--
Devbag
Maar weer niet bij het Urdu, het TakkiTakki en het Verweggistaans. En
die talen - met alle respect voor de Scandinavische talen natuurlijk -
zijn toch wel even belangrijker om op aan te sluiten, zeg nou zelf.
--
Devbag
>Ja. En welk lidwoord ergens bij hoort. En dat we in halve zinnen praten. En
>hoe het met meervouden zit. ( Komt een vrouw bij de dokter....).
Verband?
>En in het
>klooster leren ze 'groter dan' en 'even groot als', om vervolgens
>dicteemeester Philip Freriks in het Journaal te horen zeggen '....even snel
>dan....'.Enz.enz.
Een vluggertje? Voor de camera???
--
Ruud Harmsen - http://rudhar.com
>>>Gevalletje Mug en Olifant.
>>
>> Net die ene mug zorgt ervoor dat de olifant het dorp verderop niet
>> vertrapt. Te druk met zijn tranende oog.
>
> Die beeldspraak ontgaat me volkomen.
De olifant krijgt de mug in het oog, waardoor zijn koers een millimeter
verandert, waardoor zhij langs het bibberende dorp dendert. Ik hep je
beedspraak lekker verandert.
>> Maar de Algemene Regels schrijven wel voor dat je hij biedt of hij bied
>> moet schrijven, maar niet hij biet?
>
> De Uitspraakregel schrijft voor dat de bestanddelen van het woord 'bied'
> in lettertekens moeten worden weergegeven. Voor wat betreft de 'd' op
> het eind van het woord biedt het transcriptiesysteem daarvoor 3
> mogelijkheden: d-dt-t.
> De Gelijkvormigheidsregel schrijft voor dat een woordbestanddeel met een
> bepaalde betekenis in iedere samenstelling/verbuiging op dezelfde wijze
> gevormd moet worden. Dat houdt in dat de vorm 'bied' in ieder geval
> verplicht is.
> Dan houden we nu nog de keuze tussen dt en d over. De Afleidingsregel is
> hier niet van toepassing, zodat de Analogieregel de zaak moet oplossen.
> ...
> Het Transcriptiesysteem, niet de Algemene Regels, bepaalt welke
> weergavemogelijkheden er zijn, bijvoorbeeld voor klanken in
> eindposities. De Algemene Regels leiden je bij het kiezen uit de
> mogelijkheden.
> ....
Wat mij betreft een hoop blabla. Als je blazen - blaas kan maken, dan
kan je ook bieden - biet maken. Zelfde verschil: zachte letter wort
eindstandig hart.
Hm. Het is wel blabla die bepaalt hoe ook jij schrijft, daar veranderen
je eigen transcriptieafwijkingen niets aan.
Als je blazen - blaas kan maken, dan
> kan je ook bieden - biet maken. Zelfde verschil: zachte letter wort
> eindstandig hart.
Natuurlijk kan dat. Maar moet het ook? Het antwoord is: nee, het moet
niet, want het gaat prima zo.
Los daarvan zou je eerst even moeten nagaan of er niet een praktische
reden is waarom z en v aan het eind veranderen naar s en f, en de b en d
niet.
Zelf. Of is het zelv?
Behoudens uitzonderingen. Dat gelt voor alles. Die principiële
toestanden worden door mensen onwillekeurig en door taalgremia
willekeurig toegepast, in een hutsekluts van achteraf-logika.
Zoals je zelf al aangeeft laten we de vervoegings-t al weg als er op het
eind al een t staat. Dat doen we ook in het voltooid deelwoord; daar
laten we bovendien de d weg als-ie er al staat.
Heel veel is er m.i. niet op tegen om 'hij bied' te schrijven.
Je verliest in het weglaten van die t wel wat informatie bij het lezen,
maar die informatie kan gemist worden omdat deze in het onderwerp al
zit. Bovendien missen we die informatie ook in 'hij schiet' en dat
levert geen enkel probleem op.
Anders zit het met het voltooid deelwoord. Voltooid deelwoorden doen ook
dienst als bijvoeglijk naamwoord, en kunnen dus verbogen worden. De man
die is gefeliciteerd is de gefeliciteerde man; de verbuiging ontstaat
door een 'e' toe te voegen, zoals bij alle bijvoeglijk naamwoorden.
Zou je gefeliciteert schrijven, dan ging dat niet meer op. Gevolg zou
zijn dat je twee verschillende methoden gaat krijgen om de laatste
letter van een bijvoeglijk naamwoord te bepalen en daarmee verschuif je
de moeilijkheid alleen maar.
--
Devbag
>Wat mij betreft een hoop blabla. Als je blazen - blaas kan maken, dan
>kan je ook bieden - biet maken. Zelfde verschil: zachte letter wort
>eindstandig hart.
Rond 16/17 honderd deden ze dat ook. Geen enkel probleem. De regeltjes
zijn maar nieuwlichterij.
Nee hoor, ik vermijt dat je dingen moet bepalen, weten, bedenken of
beredeneren. Je schrijft gewoon de klank die je zegt. Dus aan het eint
wort d altijt tm, zowel in spraak als in schrift. Dat is de enige soort
regel die echt voor iedereen werkt. En helemaal in lijn met een van de
bazisregels, ik ben de nummers en de kreten vergeten maar knappere
koppen dan ik zullen dat ongetwijfelt zonder mankeren ophoesten.
Veel te beredeneert allemaal. Moest je voor doorgeleert hebben, en dat
kon alleen de bovenklasse zich veroorloven. Maar dat gelt nu allemaal
niet meer: iedereen heeft volgens de toenmalige standaart doorgeleert
dus de prikkel om je op die manier te onderscheiden is weg.
De uitzondering is een heel klein onderdeel, waar mensen moeite mee
hebben. Dat kun je in dit geval ook binnen het kleine probleemgebied
oplossen, dus zonder dat je daarbuiten wijzigingen veroorzaakt.
> Dat gelt voor alles. Die principiële
> toestanden worden door mensen onwillekeurig en door taalgremia
> willekeurig toegepast, in een hutsekluts van achteraf-logika.
Niets achteraf-logica, die regels zijn er en worden door vrijwel
iedereen dagelijks onbewust toegepast. Je kunt zo af en toe stilstaan en
kijken of die oude regels nog altijd opgaan. Je kunt ze ook gebruiken om
te verklaren waarom dingen zo zijn zoals ze zijn, en je kunt ze ook
hanteren als leidraad in bepaalde detailberegelingen.
Je kunt ze bovendien gebruiken om na te gaan of je detailregeling wel in
het spellingsysteem past, en wat de gevolgen van een ogenschijnlijk
eenvoudige ingreep kunnen zijn.
Ik betwijfel of de taalgremia die kennelijk besluiten op spellinggebied
mogen nemen de Algemene Regels nog wel eens naast een leuk ideetje
leggen. Deden ze dat maar wel, dan werden ons een hoop inconsequente,
onbegrijpelijke, complexe en onhanteerbare regeltjes bespaard. De
n-beregeling bijvoorbeeld lijkt me namelijk volstrekt niet goed te
hutseklutsen aan de hand van de Algemene Regels.
--
Devbag
:-)
--
Devbag
Dat denk ik niet. Er wort niks toegepast, behalve het naäpen. Zodra de
mensen regeltjes moeten toepassen raken ze onzeker en kiezen in minstens
de helft van de gevallen verkeert. Want ze denken onbewust: ik zou het
uit mezelf zus doen, maar daar waren tegenwoordig regels voor die
ingewikkelt en onbegrijpelijk zijn, dus ik zal het maar anders doen.
Dat zeg ik, onbewust.
> Zodra de
> mensen regeltjes moeten toepassen raken ze onzeker en kiezen in minstens
> de helft van de gevallen verkeert. Want ze denken onbewust:
Dat denk ik niet. Er wordt niets gedacht, behalve het na-apen.
> ik zou het
> uit mezelf zus doen, maar daar waren tegenwoordig regels voor die
> ingewikkelt en onbegrijpelijk zijn, dus ik zal het maar anders doen.
Er is niets onbegrijpelijk aan de Algemene Regels, die er niet pas
tegenwoordig zijn, maar al ruim 140 jaar.
Van die helemaal niet ingewikkelde regels is niemand zich in het
dagelijks gebruik bewust, maar iedereen past ze wel toe.
Je hebt de bewuste toepassingen die ik had beschreven geknipt. Het zij zo.
--
Devbag
Omdat het zo niet werkt.
Daar is wel iets voor te zeggen, maar zo'n wijziging is erg ingrijpend.
Stabiliteit van een spellingssysteem is ook een waardevolle eigenschap,
en naar mijn mening veel waardevoller dan de eigenschap van makkelijke
leerbaarheid.
Gerard van Wilgen
Ik vint het erg meevallen. Vergeleken met Gluum 7.9.3.1 ... Ik doe het
eint-t'tje vandaag zo konsekwent mogelijk, en ik zou het niet ingrijpent
willen noemen, sterker nog, voor je't weet weet je niet anders.
Het voelt niet aan als ingrijpent, denk ik, omdat je in spraak ook
allang de eint-t gebruikt, wat iedere keer een afwijking is op: spreek
uit wat je schrijft, en schrijf wat je uitspreekt.
t'Is eerder bevrijdent dan ingrijpent.
Ook als je bijvoorbeeld een sollicitatiebrief of een c.v. voor een
fantastische droombaan zou moeten schrijven?
Gerard van Wilgen
Toch echt wel een probleem van de huidige patatgeneratie hoor, die
nauwelijks meer in staat is een behoorlijke brief te schrijven zonder
spellings-of vervoegingsfouten. Tot ergernis van vele ouderen, die in
vroeger jaren ook taalonderwijs hebben genoten en kennelijk wél in staat
waren de regels en grammatica te begrijpen en op de juiste manier toe te
passen. Ligt dat nou aan de armetierige manier waarop men tegenwoordig
onderwijs geeft of aan de lamlendigheid van de tegenwoordige scholier, die
niet meer gewend is zich aan enigerlei inspanning over te geven, teneinde
fatsoenlijk zijn moerstaal te kunnen schrijven. Ik begin me langzamerhand
toch wel erg oud te voelen ;-)
rob
Daar zijn we nou even niet mee bezig. Het ging over bazisregels en
transkripsiesistemen, wat er allemaal mogelijk zou kunnen zijn binnen
dat stelsel. De vraag wert gestelt of je bijvoorbeelt hij biet zou
kunnen schrijven ipv hij biedt. Ik zei ja, dat kan, en ik nu ik pakweg
een dag vrij rigoereus eint-t's schrijf hou ik dat staande.
Het woortbeelt went zeer snel, zo snel dat je al gauw een geestelijke
alarmbel hoort als je je vertikt, wat na enige tijt dus vrijwel niet
meer gebeurt. Kommunikatief is er al helemaal geen probleem, niemant
begrijpt het gestelde verkeert, altans niet vanwege de eint-t's.
Dat komt doordat het zo simpel is: d aan het eint kan niet meer, dat
wort altijd t. Even simpel als blazen - ik blaas. Z aan het eint kan
niet, dat wort altijd s. Behalve bij fez. Maar dat is duidelijk een
vreemde eent in de bijt.
OK, begrijp ik....... alleen die fez.......... toch weer een uitzonderingen
op jouw regel :-(
Overigens waar die z in bazis vandaan komt is me ook een raa(t)sel. En hoe
zit het met ij en ei ?? (eint en bijt)
beetje "inkonsekwent" wel makker!
rob
1. Konsekwentheit was geen doel.
2. De z in bazis schrijf ik al langer, ook andere essen die ik
normaliter als z uitspreek worden zetten. Ook niet konsekwent trouwens,
soms vint ik het te gek staan, en 't is ook een stuk lastiger dan die
eint-t, echt niet normaal hoe makkelijk je die aanleert.
> Toch echt wel een probleem van de huidige patatgeneratie hoor, die
> nauwelijks meer in staat is een behoorlijke brief te schrijven zonder
> spellings-of vervoegingsfouten. Tot ergernis van vele ouderen, die in
> vroeger jaren ook taalonderwijs hebben genoten en kennelijk wél in staat
> waren de regels en grammatica te begrijpen en op de juiste manier toe te
> passen. Ligt dat nou aan de armetierige manier waarop men tegenwoordig
> onderwijs geeft of aan de lamlendigheid van de tegenwoordige scholier, die
> niet meer gewend is zich aan enigerlei inspanning over te geven, teneinde
> fatsoenlijk zijn moerstaal te kunnen schrijven. Ik begin me langzamerhand
> toch wel erg oud te voelen ;-)
Het ging in deze draad om de spelling van d/t in enkele
vervoegingssituaties. Die waren in de jaren 70 net zo goed een probleem
voor veel mensen.
Deze vervoegingen volgens de spellingberegeling goed te spellen vereist
ongelijk andere spellingregels, een grammaticaal gevoel dat lang niet
iedereen heeft.
Goede toepassing van de op zich simpele regels vraagt een
taalknobbeltje; jammer dat lang niet iedere gebruiker dat knobbeltje heeft.
--
Devbag
Vandaar dat ik met een robuuste oplossing kom. Al heb je een taaldeuk,
dan nog kan je de eint-t toepassen.
Alles overboord maar, volledige spellinganarchie, fuck rulez man, yeah
man, yeah.
Tot je erachter komt waarom het zo prettig was dat de spelling
anderhalve eeuw geleden gestabiliseerd werd.
Dan pak je de Grondbeginselen van 1863 er weer bij, en komt erachter dat
die zo gek nog niet waren, en je gebruikt ze weer met hetzelfde doel...
--
Devbag
Dat zeg ik nergens en sta ik ook niet voor. Ik zeg dat de eint-t prima
gaat, mocht je een praktische oplossing zoeken voor het d/dt/t probleem.
En wel een stuk beter dan jouw eind-d, want daar zat veel te veel
geredeneer achter.
> zou je eerst even moeten nagaan of er niet een praktische
> reden is waarom z en v aan het eind veranderen naar s en f,
> en de b en d niet.
En vegeet niet de g->k, zoals in ketting -> kettinqje.
--
Affijn, Ruud
"Gewoon is een tijger."
> Toch echt wel een probleem van de huidige patatgeneratie hoor
Welnee, dat systeem bestond al duizenden jaren geleden, bij de
Fuinietsiejers of de Etrusken of zo; hadden we nooit moeten loslaten.
Da's iets totaal anders.
--
Devbag
Maar als zaken verklaard worden vanuit regels roep je 'blabla' en
'hutsekluts van achteraf-logika', en impliceer je dat de regels alleen
maar worden bijgezocht om kromme zaken recht te praten.
> Ik zeg dat de eint-t prima
> gaat, mocht je een praktische oplossing zoeken voor het d/dt/t probleem.
Om 5% probleemgevallen op te lossen, verander je 100%, zonder te weten
of je daarmee nieuwe problemen creeert. Ik vind dat niet praktisch.
> En wel een stuk beter dan jouw eind-d, want daar zat veel te veel
> geredeneer achter.
Geen idee waar je het over hebt.
--
Devbag
>> Ik zeg dat de eint-t prima
>> gaat, mocht je een praktische oplossing zoeken voor het d/dt/t probleem.
>
> Om 5% probleemgevallen op te lossen, verander je 100%, zonder te weten
> of je daarmee nieuwe problemen creeert. Ik vind dat niet praktisch.
d/dt/t is een klein deel van de spelling. Niet 100%. Het kreëert geen
problemen als men de eint-t (klank) als t zou spellen. Heel praktisch,
want je bent in één klap van alle geredeneer af. Verklaring vanuit
bazisdingesen is niet meer nodig. Niemant hoeft het meer fout te doen,
want het schrijft precies zo als het klinkt. Een d aan het eint van een
woort wort niet meer geschreven. Geen d/dt/t fouten meer. Zo zouden ze
er meer moeten verzinnen. Houzee!
Jij wilde in bepaalde gevallen d aan het eint schrijven. Achter het
bepalen van de bepaalde gevallen zat allerlei geredeneer.
Hij doed ipv hij doet, of zoiets. Of viel dat nou juist niet onder die
regel?
>Dat komt doordat het zo simpel is: d aan het eint kan niet meer, dat
>wort altijd t. Even simpel als blazen - ik blaas. Z aan het eint kan
>niet, dat wort altijd s. Behalve bij fez. Maar dat is duidelijk een
>vreemde eent in de bijt.
Voeg de daad bij het woord. Daar hoor ik een d, dus t is niet logisch.
Zo kan ed ook. SNS-reclame, in Lumburg een d, elders ook niet zelden.
Dad ig ed effe gezegt heb.
Laat alles alsjeblieft zoals het is. Het recente gemorrel is al erg
genoeg.
>Toch echt wel een probleem van de huidige patatgeneratie hoor, die
>nauwelijks meer in staat is een behoorlijke brief te schrijven zonder
>spellings-of vervoegingsfouten. Tot ergernis van vele ouderen, die in
>vroeger jaren ook taalonderwijs hebben genoten en
Ouderen kunnen net zo min spellen. Laat me niet lachen.
>kennelijk wél in staat
>waren de regels en grammatica te begrijpen en op de juiste manier toe te
>passen.
Wel nee.
>Ligt dat nou aan de armetierige manier waarop men tegenwoordig
>onderwijs geeft of aan de lamlendigheid van de tegenwoordige scholier, die
>niet meer gewend is zich aan enigerlei inspanning over te geven, teneinde
>fatsoenlijk zijn moerstaal te kunnen schrijven.
Dat riepen de Romeinen ook al over de jeugd van toen.
>Devbag:
>
>> zou je eerst even moeten nagaan of er niet een praktische
>> reden is waarom z en v aan het eind veranderen naar s en f,
>> en de b en d niet.
>
>En vegeet niet de g->k, zoals in ketting -> kettinqje.
Dat doet me denken aan PRdV, in wiens uitzending gisteren weer
veelvuldig schrijve was was het woord 'jongentje'. Goddank staat het
niet in de Woordenlijst. jongetje ook niet, maar dat staat wel bij bij
jongen. Maar dan is het dus onregelmatig. Waarom eigenlijk?
Ik meen dat woord eerder te hebben gezien, ging het toen niet over de
Schiedammer Parkmoord? Is het politiejargon? Of nemen ze daar alleen
hypercorrecten aan?
Ook de vele los schrijving en viel en op.
Maar je schrijft toch niet alleen voor jezelf? Volgens mij schiet je er
niets mee op. Als je een boodschappenbriefje of een bericht voor nl.taal
schrijft, kun je je eigen systeem gebruiken, maar niettemin moet je het
algemene systeem goed beheersen voor de meeste andere gevallen waarin je
iets op schrift moet stellen.
Jij moet nu dus twee systemen beheersen, waarbij je de kans loopt dat je
per ongeluk af en toe de regels van het ene systeem in het andere toepast.
Gerard van Wilgen
En gelijk hadden ze! Discipline is de sleutel tot het succes.
"Now take my case. I've been here five years, and every night they take
me down for ten minutes, then they hang me up again ... which I regard
as very fair ... in view of what I done ... and if nothing else, it's
taught me to respect the Romans, and it's taught me that you'll never
get anywhere in life unless you're prepared to do a fair day's work for
a fair day's pay ..."
;-)
Gerard van Wilgen
Ik zit in de proeftuin. In het echt kom ik daar niet aan. Dat doen
anderen wel voor mij.
--
pe
> Jij moet nu dus twee systemen beheersen, waarbij je de kans loopt dat je
> per ongeluk af en toe de regels van het ene systeem in het andere toepast.
sGeen enkel probleem. Anderen vergissen zich vaker dan ik. Ik stel ook
niet voor dat mensen twee verschillende sistemen moeten hanteren. Ik
kijk hoe lastig of makkelijk het is. Tot nu toe: erg makkelijk, voelt
heel gewoon aan, en kwa kommunikatie nul verwarring.
--
pe
> sGeen enkel probleem. Anderen vergissen zich vaker dan ik. Ik stel ook
> niet voor dat mensen twee verschillende sistemen moeten hanteren. Ik
> kijk hoe lastig of makkelijk het is. Tot nu toe: erg makkelijk, voelt
> heel gewoon aan, en kwa kommunikatie nul verwarring.
Tot de noot aan de man komt, dan zal je nootgedwongen de 'd' weer moeten
gebruiken.
--
peanuts
[...]
Besef je wel hoe belachelijk je hieronder (en elders ook)
bezig bent?
De "regels" die ten grondslag liggen aan de NLse spelling
vullen elkaar aan, in een bepaalde volgorde ("beschaafde
uitspraak" is het eerste principe).
Er kan geen sprake zijn van "overtredingen" als waren het
verkeersregels die op particulieren van toepassing zijn.
De spelling is één geheel, en niet een gereedschapkistje
waar de taalgebruiker zelf mee aan de slag moet.
Ook al lijkt de spelling soms een wanordelijk lijkend samenstel.
Die "regels" (orospronkelijk 4 in aantal: beschaafde uitspraak,
etymologie, gelijkvormigheid en analogie) zijn een richtsnoer
voor de bedenkers van de spelling geweest, geen voorziening
waar de taalgebruiker naar eigen vermogen en inzicht
de "juiste spelling" moet bakken.
> Tegelijkertijd is te constateren dat deze Analogieregel wordt overtreden als de vervoeging zou eindigen op een d na een d-klank,
> of een t na een t-klank; een anomalie die vrijwel geen aandacht krijgt.
[...]
S.
Gevangen tussen twee ijzeren tangen!
(De 2 Eldersons zijn weer broederlijk verenigd),
als kiem van een nog te vormen kliek, met
wellicht een eerste harde kern eromheen van 3, 4
kornuiten.
Afijn we zullen er snel genoeg achter komen.
S.
--
Volgend bericht van R. Harmsen:
"Onzin".
> (De 2 Eldersons zijn weer broederlijk verenigd),
> als kiem van een nog te vormen kliek, met
> wellicht een eerste harde kern eromheen van 3, 4
> kornuiten.
Wat een aanname....
> Afijn we zullen er snel genoeg achter komen.
....'tuurlijk, jochie.
> Volgend bericht van E. Schade:
> "Ik Ben Boos; Ze Doen Het Weer!".
Nou wat zei ik? De eerste Elderson-steunbetuiging komt
van "spring toch"- suďcide-crimineel" Willempie.
S.
> van "spring toch"- suïcide-crimineel" Willempie.
ROFLMAO! Tjongejonge, wat kun jij happen.....
Ook deze zin is zonder enig misverstant te lezen.
Besef je wel hoe onbeschoft die binnenkomer is?
Tendentieus geleuter van de haktrol Schade. Kijkt nergens naar maar hakt
er gelijk op los.
Geleuter.
Met het grote betekenisverschil tussen noot en noot is dat dan ook heel
gemakkelijk uit de context te halen. Bij een zin als "hij bekent dat hij
bekent is" wort het toch al wat lastiger door de meerdere mogelijke
betekenissen van bekent (elke vorm).
> Toch echt wel een probleem van de huidige patatgeneratie hoor, die
> nauwelijks meer in staat is een behoorlijke brief te schrijven zonder
> spellings-of vervoegingsfouten.
Als je de "huidige" (wie was de vorige dan?) patatgeneratie goed
begrepen had, dan had je geweten dat dat niet waar is. De
patatgeneratie schrijft überdehaupt geen brieven meer, maar sms-t zich
wezenloos, en emailt de verf van de deuren.
> > Besef je wel hoe belachelijk je hieronder (en elders ook)
> > bezig bent?
>
> Besef je wel hoe onbeschoft die binnenkomer is?
Besef je wel dat dat normaal gedrag is bij Schade?
Hij bekent dat hij bekent is. Geen enkel probleem. Maar je kan
ongetwijfelt frasen en zinnen verzinnen waar wél misverstant mogelijk is
- net als bij elke andere keuze. Gelukkig maar, dan kunnen we vrolijk
blijven woordspelen.
Ja hoor: de scheld- & suďcide-club is weer (bijna) compleet.
Lasteren en hakken door (als altijd) Schade.
> >> Ik zeg dat de eint-t prima
> >> gaat, mocht je een praktische oplossing zoeken voor het d/dt/t probleem.
> > Om 5% probleemgevallen op te lossen, verander je 100%, zonder te weten
> > of je daarmee nieuwe problemen creeert. Ik vind dat niet praktisch.
> [...] Niemant [...] eint [...]
> woort wort [...]/
Gisteren schreef je dat dit gewaagde en belangwekkende experiment
maar een dag zou duren. Wegens succes geprolongeerd?
> /Houzee!
Hm.
--
<