bvd sander
hetzelfde als tussen karel en sander.
Eilko.
<troll>
| Kan iemand mij duidelijk uitleggen wat het verschil is tussen zei en zij.
| bvd sander
</troll>
-- Kees de Graaf, AZU Utrecht, C.N.d...@dit.azu.nl, +31-30-2506079
Nowadays' robots are still very primitive, they only understand very
simple commands like "go left", "stop", and "build car". (- ?)
>Kan iemand mij duidelijk uitleggen wat het verschil is tussen zei en zij.
Meloen is het hele jaar verkrijgbaar met een piek in het voorjaar en
de zomer. De zoete meloen is familie van zowel de komkommer als de
pompoen. Nu verkrijgbaar zijn de gele honingmeloen, galiameloen en
watermeloen. Lekker fris om zo te eten of te combineren met ham,
andere fruitsoorten of als nagerecht met een stukje pittige kaas.
--
Mano
----------------------------------------------------
"What do you think of the singer's execution?"
"I'm all for it."
"Welke stof heb je gebruikt om deze japon te maken?" vroeg hij.
"Zij," zei zij.
Egbert.
--
This message reflects my personal opinions only, not necessarily those
of the company I work for.
R
Hetzelfde als tussen hij en hei (kneuter !).
Rob
Karel wrote:
>
> Kan iemand mij duidelijk uitleggen wat het verschil is tussen zei en zij.
<serieus>
Dit is een onduidelijke vraag. Wat wil je eigenlijk weten?
Beide spellingen representeren dezelfde klank.
Het woord met die klank heefd vele betekenissen, als je die wild weten
kun je het beste een woordenboek raadplegen. Kijk onder 'zei' en 'zij'.
In de gebruikelijke nederlandse spelling schrijven we in ieder geval
'zei' wanneer het woord word gebruikt als de verleden'tijd-vorm van het
werkwoord 'zeggen'.
</serieus>
--
'n Romanheld rees
"Van wat voor materiaal heb je die bezem gemaakt? hei zij."
"Hei," hei hij.
Waarop ik dan weer had kunnen voortborduren met:
Waarop haar man, die op dat moment net de kamer binnenkwam, sardonisch
aanhaakte.
"Hei hij hei?" hei hij?
R
Zij is met een lange ei, en zei met een korte.
--
Arnie
Ben je echd serieus, dad meen je nied.
Sjoko
Karel vraagd:
> > > Kan iemand mij duidelijk uitleggen wat het verschil is tussen zei en zij.
Herman antwoord in de van hem bekende verbuigspelling:
> ><serieus> [..verbuigspelde wedervraag/verwijzing/konkreet antwoord..]
Sjoko meend te moeten opmerken:
> Ben je echd serieus, dad meen je nied.
Ik ben vrijwel de enige die op deze vraag serieus heefd geantwoord, in
een spelling volgens welke vervoeging-d/t's konsekwent en altijd volgens
verbuigingprincipe geschreven worden.
--
'n Romanheld rees
> Sjoko meend te moeten opmerken:
> > Ben je echd serieus, dad meen je nied.
>
> Ik ben vrijwel de enige die op deze vraag serieus heefd geantwoord, in
> een spelling volgens welke vervoeging-d/t's konsekwent en altijd volgens
> verbuigingprincipe geschreven worden.
Maar passanten in nl.taal die Qluum niet kennen, zien alleen maar
spelfouten, daar ontkom je niet aan. Nog menige Sjoko zal op het
verkeerde been worden gezet.
--
Gerrit de Blaauw
Sterker nog, Zij is met een ij en zei is met e i. De lengte maakt niet
echt uit, al zou ik zeggen dat ei meestal langer is dan ij.
.pe
<knip>
>
> Sterker nog, Zij is met een ij en zei is met e i. De lengte maakt niet
> echt uit, al zou ik zeggen dat ei meestal langer is dan ij.
>
Horizontaal wel, verticaal juist niet.
Nooit het verschil begrepen....
Frits.
--
***************************************************************
* name : Zandveld, ir. F. (Frits) *
* address : Philips Research Laboratories, building WL-1.6.18 *
* : Prof. Holstlaan 4 *
* : 5656 AA Eindhoven *
* : The Netherlands *
* Phone : +31-40-2742312 *
* e-mail : zand...@natlab.research.philips.com *
***************************************************************
Het is allebei leuk, op zijn tijd.
.pe
Herman Elderson schreef:
< knip sjoko >
> Ik ben vrijwel de enige die op deze vraag serieus heefd geantwoord, in
> een spelling volgens welke vervoeging-d/t's konsekwent en altijd volgens
> verbuigingprincipe geschreven worden.
Ik heb nooit begrepen waarom je dit principe, dat van toepassing is op
vervoegingen en niet op verbuigingen, niet gewoon het
vervoegingsprincipe noemt,
en dan het geheel dan ook noemt: vervoegspelling.
Maarten Jansonius
Je staat inderdaad toch wel even je ogen uit te wrijven, kan ik je
verzekeren!
Heb je eerst je bureau grondig opgeruimd, want er was te weinig plek
voor het groene boekje....,
bij nader inzien toch ook nog maar eerst de eerste 55 pagina's daarvan
van buiten geleerd....,
het door je partner opgegeven dictee met de moeilijkste woorden heb je
er gelukkig goed vanaf gebracht...,
nog een keer de regels voor het gebruik van komma's erop nageslagen...,
stijlen ook, want dat was ook al weer lang geleden....,
uiteindelijk met hooggespannen verwachtingen nl.taal binnengetreden...,
en dan gelijk bij het eerste bericht (ik begrijp ook niet, waarom ik
mijn statistiekpakket nog na heb gekeken, maar op deze uitspraak ben ik
in elk geval niet te pakken) ogen op steeltjes, verlamde vingertoppen en
ander medisch onverklaarbaar lichamelijk ongemak.
Je staat toch wel even met je oren te wapperen, kan ik je verzekeren!
Wat was ik blij dat lurken geen Nederlands woord is!
E.S. Purpriet
>Kan iemand mij duidelijk uitleggen wat het verschil is tussen zei en zij.
>
>bvd sander
Karel? Sander? Geen? Troll? Visaas?
Maar goed, ik ga erop in. Zei is zegde; zij is hij, maar dan een
meisje of een heleboel.
--
Ruud Harmsen - http://utopia.knoware.nl/~rharmsen/
Maar als je dat allemaal met goed gevolg hebt doorstaan dan kom je
ook met stip binnen als Christader woordvoerder.
Nella
Voor haar?
Nee, op zij. Met haar.
Opzij? Voor haar?
Nee voor mij. Met haar.
Wie haar?
Haar haar. Op mijn zij.
Help!)
Guido
O.
Ik dacht eigenlijk al, dat ik dat te danken had aan de uitslag van die
psychologische testen, die 'deel uitmaakten van de selectieprocedure'.
Per putreis
>> Sjoko meend te moeten opmerken:
>> > Ben je echd serieus, dad meen je nied.
>>
Herman:
>> Ik ben vrijwel de enige die op deze vraag serieus heefd geantwoord, in
>> een spelling volgens welke vervoeging-d/t's konsekwent en altijd volgens
>> verbuigingprincipe geschreven worden.
Gerrit:
>
>Maar passanten in nl.taal die Qluum niet kennen, zien alleen maar
>spelfouten, daar ontkom je niet aan. Nog menige Sjoko zal op het
>verkeerde been worden gezet.
In mijn thuis'sig' vermeld ik e.e.a. Zie onder.
Op 't werk kan dat niet, want ik haak daar ook intern.
Wie langer lurkt dan zijn neus lang is is snel genoeg op de hoogte.
'n modernere Hals
Verbuigspel uw vervoegingen! En spreek Qluum uit als Gluum.
Leg mij dan dat verbuigingprincipe eens uit. Scheeld me een hoop werk bij
het maken van rapporten wanneer ik niet meer op die gallige d/t hoef letten.
Wsl pikt de spellingscontrole dit alleen niet.
Sjoko
Helaas... ook bij de vervuig/verboegspelling moet je nog op d of
t letten, maar dan anders.
.pe
Je hebt zelfs meer kennis nodig van spelling. De aandacht is alleen van
grammatica naar spelling verlegd.
Joke
Joke
Maarten:
> Ik heb nooit begrepen waarom je dit principe, dat van toepassing is op
> vervoegingen en niet op verbuigingen, niet gewoon het vervoegingsprincipe noemt,
> en dan het geheel dan ook noemt: vervoegspelling.
Bij het verbuigspellen van de vervoegingletter baseer je je op de letter
die bij ovt- of bvn-verbuiging opdoemd.
Verbuigspelling zegd iets over de *manier waarop* je de vervoeging
speld, vandaar ook de uitspraak dat ik mijn vervoegingen verbuigspel.
De taaleigenschap die doorgaans als t gerealiseerde mk toevoegd als de
stam niet op een doorgaans als t gerealiseerde mk eindigd, zou ik het
vervoegingsprincipe noemen.
--
'n Romanheld rees
Sjoko wrote:
>
> H.Eld...@wxs.nl (Herman Elderson) schrijfbewerkingen: > Op Thu, 20 May 1999 16:59:50 +0200 schreef Gerrit de Blaauw
> > <g.de....@hot.a2000.nl>:
> >
> > >> Sjoko meend te moeten opmerken:
> > >> > Ben je echd serieus, dad meen je nied.
> > >>
> > Herman:
> > >> Ik ben vrijwel de enige die op deze vraag serieus heefd geantwoord, in
> > >> een spelling volgens welke vervoeging-d/t's konsekwent en altijd volgens
> > >> verbuigingprincipe geschreven worden.
> > Gerrit:
> > >
> > >Maar passanten in nl.taal die Qluum niet kennen, zien alleen maar
> > >spelfouten, daar ontkom je niet aan. Nog menige Sjoko zal op het
> > >verkeerde been worden gezet.
> >
> > In mijn thuis'sig' vermeld ik e.e.a. Zie onder.
> > Op 't werk kan dat niet, want ik haak daar ook intern.
> >
> > Wie langer lurkt dan zijn neus lang is is snel genoeg op de hoogte.
> >
> >
> > 'n modernere Hals
> >
> > Verbuigspel uw vervoegingen! En spreek Qluum uit als Gluum.
>
> Leg mij dan dat verbuigingprincipe eens uit. Scheeld me een hoop werk bij
> het maken van rapporten wanneer ik niet meer op die gallige d/t hoef letten.
> Wsl pikt de spellingscontrole dit alleen niet.
1 regel (voor 1 werkwoordsvorm al toegepast), gebaseerd op de
taaleigenschap die zich openbaard bij verbuigen.
Daarbij twee ezelsbruggen (waarvan 1 zeer breed bekend en toegepast)
beide gebaseerd op diezelfde taaleigenschap.
Komd-ie!
Schrijf als eind-d of -t van een werkwoordsvorm *altijd* de letter die
ontstaad
bij ontvoltooid'verleden'tijd-verbuiging: hij fietst want fietste, hij
vreesd want vreesde.
Je kund ook het bijvoeglijk naamwoord gebruiken: de gevreesde
tegenstander.
(Je taalgevoel zal je daarbij altijd naar de goede letter leiden, ook
voor onregelmatige werkwoorden. De regelmatige verbuiging van lezen zou
hij leesde, het geleesde boek opleveren)
Hulp 1.
De werking van die taaleigenschap van nederlandstaligen is samengevat in
't kofschip ('t fokschaap), een minder onvolledige woord is
schaakfotopoesje: eindigd de stam van het werkwoord op een
medeklinkerKLANK die voorkomd in s-ch-k-f-t-p-sj dan verbuig je met t,
anders met d.
Voor onregelmatig verbogen werkwoorden kun je dus deze regel toepassen:
wezen, was, geweesD.
In sommige gevallen is de werkwoordvorm niet afgeleid van de stam van
het werkwoord zelf.
Dan is er wederom je taalgevoel dat je helpt: heefD, omdat
'heeffen/hefen' geen bestaanbaar nederlands is.
Hulp 2.
Helpt dat gevoel je niet, baseer je dan op analogie (rijm): geen hefen
want er is geen werkwoord dat je speld met '-efen'.
--
H. als ondernemer
Verbuigspeld zijn vervoegingen, en lost zo wel even een probleem op:
Er waren 100 mensen uitgenodigd om te komen, maar die zijn niet allemaal
op de bruiloft geweesd.
Zeg bruidje van me, moet ik alleen de geweesde mensen een bedankkaartje
sturen?
Of: De pen die je al weer kwijt bend is gewoon de geheefde pen. Vrij
baan voor het taalgevoel!
Herman Elderson schreef:
>
> Maarten Jansonius wrote:
> Herman:
> > > Ik ben vrijwel de enige die op deze vraag serieus heefd geantwoord, in
> > > een spelling volgens welke vervoeging-d/t's konsekwent en altijd volgens
> > > verbuigingprincipe geschreven worden.
>
> Maarten:
> > Ik heb nooit begrepen waarom je dit principe, dat van toepassing is op
> > vervoegingen en niet op verbuigingen, niet gewoon het vervoegingsprincipe noemt,
> > en dan het geheel dan ook noemt: vervoegspelling.
>
> Bij het verbuigspellen van de vervoegingletter baseer je je op de letter
> die bij ovt- of bvn-verbuiging opdoemd.
ovt-verbuiging? als ovt onvoltooid verleden tijd betekent, dan kan dit
toch echt allen maar betrekking hebben op vervoeging, nooit op
vebuiging.
bvn-verbuiging ? als bvn bijvoeglijk naamwoord betekent, dan is de
verbuiging de eind-e in bijvoorbeeld grote, kleine of goede. Maar wat
heeft dat met de 'verbuigspelling' van werkwoordsvervoegingen te maken?
De bvn-verbuiging voegt NOOIT een t of d toe dus hoe dat ermee te maken
kan hebben vat ik niet.
Maarten Jansonius
Verbuiging is dus zoals je zelf zegt de -e. Verbuig een ovt en je hebt de
zelfde -e _en_ je hoort tot je verrassing dat de ervoor niet een -t- is
maar een -d-. Kijk aan: verbuigen.
Joke
> O.
> Ik dacht eigenlijk al, dat ik dat te danken had aan de uitslag van die
> psychologische testen, die 'deel uitmaakten van de selectieprocedure'.
>
> Per putreis
Nee, die zijn verplicht voor de ARBO.
Langdurige blootstelling aan nl.taal kan namelijk de geestelijke
gezondheid nadelig beïnvloeden.
Nella
Maanranders: Preutspier
.pe
Ruud Harmsen heeft geschreven in bericht
<3743ca4b...@news.knoware.nl>...
>Op 20 May 1999 10:02:10 +0100 schreef of citeerde "Karel"
><ge...@geen.nl> in nl.taal:
>
>>Kan iemand mij duidelijk uitleggen wat het verschil is tussen zei en zij.
>>
>>bvd sander
>
En in opperste extase zwommen ze samen richting strand, waar de kok de
pan voor de haaievinnensoep al bijna boven het kampvuur had hangen en
zich zichtbaar stond te verkneukelen over deze toevallige, maar uiterst
gelukkige combinatie.
Speurt prei!
Nou, voor langdurige blootstelling hebben ze de 'ignore' uitgevonden.
Het venijn zit 'm dit keer meer in het eerste, leververse begin :-(
Christa's Halfom
Die moet je een keer in het medische circuit droppen.
Als ze dat ding weten te traceren, kan menig midlife-huwelijksbootje
alsnog om de klippen heen gelaveerd worden.
Zijn er ook anti-viagrapillen? Zo ja, dan kunnen die uit de handel.
Nou nog een keer een 's' in mijn naam laten bijzetten.
Eraan laten toevoegen.
En 's' bijzetten, dat klint niet. Bij-essen.
Daar word je waarschijnlijk te snel dik van.
Met een 's' opplussen.
Reus per pit
>Sterker nog, Zij is met een ij en zei is met e i. De lengte maakt niet
>echt uit, al zou ik zeggen dat ei meestal langer is dan ij.
Volgerns menige schoolmeester bestaat ei uit twee letters en ij uit maar één
letter. En dan is ei dus langer dan ij.
De Duitsers maken ook onderscheid tussen een lange s en een korte s. De korte s
staat veelal aan het einde van een woord, of aan het einde van een voorvoegsel.
Het woord Ausscheidungsdrüse bevat een korte, een lange, een korte en weer een
lange s.
--
Feico Nater
http://home.wxs.nl/~taaleffect
----------
Komm, holder Lenz, des Himmels Gabe, komm!
Aus ihrem Todesschlaf erwecke die Natur.
Rob
____________________________________
Vader bromt na: "lacht ihr Bösen mich aus?"
(Alberich, Rheingold 1e akte)
>> Maarten over verbuigspelling:
>> > Ik heb nooit begrepen waarom je dit principe, dat van toepassing is op
>> > vervoegingen en niet op verbuigingen, niet gewoon het vervoegingsprincipe noemt,
>> > en dan het geheel dan ook noemt: vervoegspelling.
>> Herman:
>> Bij het verbuigspellen van de vervoegingletter baseer je je op de letter
>> die bij ovt- of bvn-verbuiging opdoemd.
>
>[..]
>De bvn-verbuiging voegt NOOIT een t of d toe dus hoe dat ermee te maken
>kan hebben vat ik niet.
Verbuigspelling verteld hoe je de eind d/t moet spellen. Of die letter
door vervoeging is gekomen is niet van belang.
Vergelijk: je speld 'hoofd' wegens 'hoofden', breed wegens brede.
Je speld 'speld' wegens spelde.
Herman Elderson schreef:
>
> Op 21 May 1999 15:33:21 GMT schreef Maarten Jansonius
> <maar...@sci.kun.nl>:
>
> >> Maarten over verbuigspelling:
> >> > Ik heb nooit begrepen waarom je dit principe, dat van toepassing is op
> >> > vervoegingen en niet op verbuigingen, niet gewoon het vervoegingsprincipe noemt,
> >> > en dan het geheel dan ook noemt: vervoegspelling.
>
> >> Herman:
> >> Bij het verbuigspellen van de vervoegingletter baseer je je op de letter
> >> die bij ovt- of bvn-verbuiging opdoemd.
> >
> >[..]
>
> >De bvn-verbuiging voegt NOOIT een t of d toe dus hoe dat ermee te maken
> >kan hebben vat ik niet.
>
> Verbuigspelling verteld hoe je de eind d/t moet spellen. Of die letter
> door vervoeging is gekomen is niet van belang.
> Vergelijk: je speld 'hoofd' wegens 'hoofden', breed wegens brede.
Okee, dat vat ik. bedankt. Het heeft dus ook betrekking op andere
woorden dan werkwoorden, vandaar verbuigspelling. Ik had me niet
gerealiseerd dat de verbuigspelling zich ook uitstrekte tot hoofd en
hond enzo.
> Je speld 'speld' wegens spelde.
>
groeten
Maarten Jansonius
Joke schreef:
>
> Maarten Jansonius :
> >Herman:
> >> Maarten:
> >> > [waarom verbuigspelling en geen vervoegspelling.]
> >>
> >> Bij het verbuigspellen van de vervoegingletter baseer je je op de letter
> >> die bij ovt- of bvn-verbuiging opdoemd.
> >
> >ovt-verbuiging? als ovt onvoltooid verleden tijd betekent, dan kan dit
> >toch echt allen maar betrekking hebben op vervoeging, nooit op
> >verbuiging.
> >
> >bvn-verbuiging ? als bvn bijvoeglijk naamwoord betekent, dan is de
> >verbuiging de eind-e in bijvoorbeeld grote, kleine of goede. Maar wat
> >heeft dat met de 'verbuigspelling' van werkwoordsvervoegingen te maken?
> >De bvn-verbuiging voegt NOOIT een t of d toe dus hoe dat ermee te maken
> >kan hebben vat ik niet.
> >
>
> Verbuiging is dus zoals je zelf zegt de -e. Verbuig een ovt
-----<gekopieerd van boven>
#> >ovt-verbuiging? als ovt onvoltooid verleden tijd betekent, dan kan
dit
#> >toch echt allen maar betrekking hebben op vervoeging, nooit op
#> >verbuiging.
-----</gekopieerd van boven>
(nogmaals) dus: een werkwoordsvorm (ovt bijvoorbeeld) wordt niet
verbogen maar vervoegd.
> en je hebt de
> zelfde -e _en_ je hoort tot je verrassing dat de ervoor niet een -t- is
> maar een -d-. Kijk aan: verbuigen.
vervoegen dus. een -d maakt een vervoeging niet tot een verbuiging !
Maar Herman heeft het al nader verklaard.
Maarten Jansonius
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
..
[Kouw & Slik schreef:]
Per putreis
[Peter Koopman:]
Maanranders: Preutspier
[Kouw & Slik]
Reus per pit
Leuk, maar echt waarderen kan ik die anagrammen pas als ik ook de gewone
versie (de 'naam' zeg maar) weet...
(geen zin om een permutatieprogramma te draaien en daarna alle uitslagen
door te lezen (he nee ik bedenk nu plosteling : deze afschuwelijke
manier is toch niet een van jullie bronnen van anagrammen hoop ik???? ))
Met het volste vertrouwen in jullie creativiteit
Maarten Jansonius
>Je speld 'speld' wegens spelde.
Net als 'spind', 'steld' en 'klagd', nietwaar.
--
Reinier (en het ligt niet eens aan De Nieuws Spelling dit keer)
>Leuk, maar echt waarderen kan ik die anagrammen pas als ik ook de gewone
>versie (de 'naam' zeg maar) weet...
>Met het volste vertrouwen in jullie creativiteit
Ik doe mijn best.
--
Feico "Oncreatief" Nater
http://home.wxs.nl/~taaleffect
>>Herman: Je speld 'speld' wegens spelde.
>
>Net als 'spind', 'steld' en 'klagd', nietwaar.
klaagd.
Verder korrekt.
... maar het lukt niet?
Kom, Feico, dit klinkt volstrekt ongeloofwaardig!!!
Of ben je gewoon benieuwd naar dat 'permutatieprogramma'?
Christa's Honneurs
(dan meer weer....)
> Ik doe mijn best.
>
> --
> Feico "Oncreatief" Nater
Hoofdprijs!
Ben
Aha!
'n betoger!
>Op 24 May 1999 01:57:41 +0200 schreef Reinier Post <r...@win.tue.nl>:
>
>>>Herman: Je speld 'speld' wegens spelde.
>>
>>Net als 'spind', 'steld' en 'klagd', nietwaar.
>
>klaagd.
>
>Verder korrekt.
Ik dacht even aan de zelfstandige naamwoorden,
--
Reinier
Ben Gorte schreef:
>
> [over anagrammen:]
>
> > Ik doe mijn best.
> >
> > --
> > Feico "Oncreatief" Nater
>
> Hoofdprijs!
ah, ik zie 'm nu pas, Feico !
prachtig.
Maarten Jansonius
Herman Elderson schreef:
> Schrijf als eind-d of -t van een werkwoordsvorm *altijd* de letter die
> ontstaad bij ontvoltooid'verleden'tijd-verbuiging:
-moet toch echt vervoeging zijn-
> (Je taalgevoel zal je daarbij altijd naar de goede letter leiden, ook
> voor onregelmatige werkwoorden. De regelmatige verbuiging van lezen
-vervoeging dus voor wat betreft ovt-
> Voor onregelmatig verbogen werkwoorden kun je dus deze regel toepassen:
Nogmaals: een werkwoord wordt niet verbogen maar vervoegd.
> H. als ondernemer
>
> Verbuigspeld zijn vervoegingen, en lost zo wel even een probleem op:
>
> Er waren 100 mensen uitgenodigd om te komen, maar die zijn niet allemaal
> op de bruiloft geweesd.
> Zeg bruidje van me, moet ik alleen de geweesde mensen een bedankkaartje
> sturen?
>
> Of: De pen die je al weer kwijt bend is gewoon de geheefde pen. Vrij
> baan voor het taalgevoel!
Dit innovatieve taalgebruik heeft niets meer te maken met spelling, ook
niet als die woordvormen toevallig uit de ezelsbruggetjes van de
'verbuigspelling' komen. Een spelling kan nooit betrekking hebben op de
taal zelf: dus als je 'geheefd' ipv 'gehad' voorstaat kan dat, maar dat
is ingrijpender dan een spellingvoorstel alleen.
'de gewezen burgemeester' is trouwens gewoon goed Nederlands voor 'de
ex-burgemeester'. 'Geweesd' is dus niet per se nodig voor gebruik als
bijvoeglijk naamwoord, alleen jij doet er ook nog nieuwe dingen mee.
vr. gr.
Maarten Jansonius
Ja, ik zet dagelijks znw's in de verleden tijd, vooral znw's die in
mv-verbuiging een t krijgen.
Is trouwens niet heel erg gek. Zijn er geen talen die dat doen,
verleden zelfstandige naamwoorden?
(Serieuze vraag, hoe gek het ook klinkt)
.pe
Stel dat -o de vervuiging/verboeging voor verleden znw is, dan is Dana
van Dana International een Mano. Of Mano is een vorige echtgenoot. Kan
ook beide. Dubbelzinnig, maar dat zit in ex-man ook al ingebakken, en
hoeft een bezoek aan Antwerpen niet te verhinderen.
.pe
>Is trouwens niet heel erg gek. Zijn er geen talen die dat doen,
>verleden zelfstandige naamwoorden?
Als in "We aten gisteren kwamkwammersloeg"? Wij kunnen het trouwens
heel goed: zet ergens 'ex-' voor en je hebt een verleden znw.
--
Mano, ex-kampioen thai-, kick- en garageboksen
Dan ware het nog altijd manno, spelling gezien, dus Mano hoefd zich niet
aangesproken te voelen.
--
Herman (H. als Ondernemer) Elderson.
Inderdaad.
> ook niet als die woordvormen toevallig uit de ezelsbruggetjes van de
> 'verbuigspelling' komen. Een spelling kan nooit betrekking hebben op de
> taal zelf: dus als je 'geheefd' ipv 'gehad' voorstaat kan dat, maar dat
> is ingrijpender dan een spellingvoorstel alleen.
de gehadde pen?
> 'de gewezen burgemeester' is trouwens gewoon goed Nederlands voor 'de
> ex-burgemeester'. 'Geweesd' is dus niet per se nodig voor gebruik als
> bijvoeglijk naamwoord, alleen jij doet er ook nog nieuwe dingen mee.
de gewezen mensen?
De door mij genoemde voorbeelden zijn in het dagelijks woordgebruik wel
degelijk taalhobbels, waar we omheen formuleren. Iemand die is
langsgeweesd noemen we niet de langsgeweesde persoon (gewezen betekend
iets anders), een pen die we niet meer hebben noemen we niet de gehadde
pen.
Maar in de hypotetische (ik had onlangs verkondigd dat ik overbodige h's
ging weglaten. Belofte maakt schuld) keuze tussen geweesde en geweeste
zal het nederlands taalgevoel eerder naar geweesde dan geweeste leiden.
Mij bekruipt wel eens het gevoel dat we dit soort verbuigingen niet meer
durven maken omdat we niet op ons taalgevoel durven vertrouwen. We
schrijven geweesT, maar een verbuiging met D (geweesDe) klopt dan niet,
terwijl geweesTe indruist tegen het taalgevoel. Dan zeggen we het maar
niet.
Zo huiveren wij ook bij het verbuigen van woordjes als sneu (sneue),
bijdehand, en formuleren er het liefst omheen.
El Mano! Was jij niet wereldkampioen volgens de door jouzelf
opgerichte wereldwijde profboksassociatie, gesponsord door Dana
International Groente en Fruit BV te Doetinchem? Jouw producer, was
dat niet.... kom... iets met Hero..... hij kon heel aardig schaken...
.pe
>Mano wrote:
>> Mano, ex-kampioen thai-, kick- en garageboksen
>
>El Mano! Was jij niet wereldkampioen volgens de door jouzelf
>opgerichte wereldwijde profboksassociatie, gesponsord door Dana
>International Groente en Fruit BV te Doetinchem? Jouw producer, was
>dat niet.... kom... iets met Hero..... hij kon heel aardig schaken...
Ik kan niet op elk punt ingaan, wegens belangen van en uit angst voor
derden, maar uit het strafrechtelijk onderzoek bleek onder meer:
- dat Dana International Groente en Fruit BV wel degelijk, en bij
meerdere gelegenheden, *ook* in groente en fruit heeft gehandeld;
- dat de profboksassociatie in meerdere opzichten legaal kon worden
genoemd en stipt de hondenbelasting betaalde (geen geringe
kostenpost);
- dat schakers binnen de associatie een gering aanzien genoten.
--
Mano
Hij is zelfs beter dan het rookgordijn er omheen ;-)
>Feico, dit klinkt volstrekt ongeloofwaardig!!!
Nu is het maar te hopen, dat ONgeloof ook je redding kan zijn.
Iets Purper
In mijn geval dan toch terecht.
Mijn taalgevoel zou mij zonder meer 'geweeste' ingeven.
'Geweesde' lijkt me iets teveel op 'verweesde' en dat is toch iets
anders.
Hoewel ook in dit geval duidelijk is, dat iemand er geweest is.
Christa's Honneurs
Toch blijft het vreemd dat de woorden Beste Els/Hans (doorhalen wat
niet verlangd wordt) op het briefpapier voorgedrukt waren. Maar ik
moet zeggen dat het wapenschild met de twee gekruiste gloeiende poken
gestiletteerd op een veld van keel heel toepasselijk was.
.pe
Die beperking is heel bewust en houd de gevolgen overzichtelijk.
De regel raakt uitsluitend de spellingen van vervoegingen, en heefd
daarbuiten geen invloed.
> We schrijven 'ik heb' vanwege
> 'hebben', waarom schrijven we dan niet ook 'huiz' vanwege 'huizen', of
> 'loopen' vanwege 'ik loop'?
Dat zijn twee andere onderwerpen van heel andere aard. De gevolgen van
wijzigingen gaan verder dan op het eerste gezicht lijkt.
> Mi. dienen vooraleerst de regels die 't laatste geval be"invloeden te
> worden afgeschaft: 1) inkortingen van lange klinkers na 'n zgn. open
> lettergreep
> 2) verdubbeling van medeklinkers waar anders volgens 1) 'n open
> lettergreep zou ontstaan.
Een komplikatie: in veel gevallen houd de klinker het midden tussen lang
en kort.
Hoe zou je 'natuur' gaan schrijven, en 'apart'? Hiermee heb je bij veel
onbeklemtoonde lettergrepen te maken.
In je spelling kun je dan twee dingen doen: je staad zowel de lange als
de korte klinker toe, of je schrijfd een korte of lange klinker voor
(waarvoor dan weer een heldere regel als grondslag moet komen).
(Even voor de duidelijkheid: ik heb hiermee ge'eksperimenteerd in deze
nieuwsgroep.
Zie dejanews: 'ekspihrimenteely', 'volkspellinn'.
Is een voor mij bijzonder leerzame ervaring geweesd!
Bovenstaande komplikatie kwam daaruit naar voren. Kijk je naar het
probleem dat je daar moet oplossen, kijk dan ook eens naar de huidige
spellingmetodiek. Mijn konklusie is uiteindelijk geweesd dat die
metodiek de beste oplossing bied!)
> 'n Rechtlijnig woordbeeld bevordert zowel de leessnelheid als de
> leerbaarheid: /
Je hebd hier gelijk in, maar de taal is zelf niet zo rechtlijnig;
klanken zijn niet zo ekspliciet als we voor spelling graag zouden
willen.
> /beide factoren die alleen maar toenemen in 't huidig
> tijdsgewricht, terwijl de schrijfsnelheid (voor zover die al zou
> afnemen) alleen maar minder belangrijk wordt nu zaken als spraakinvoer
> en automatische vertaling terrein winnen.
Ook daarin ga ik mee. Maar vertaling van de zeer vari'erende spraak naar
de zeer vaste spelling vraagd om een spellingmetodiek waarin de
spraakvariatie zoveel mogelijk word genivelleerd met behoud van de
rechtlijnigheid/leesbaarheid.
De huidige nederlandse spelling doed het daarin zo slecht nog niet, heb
ik ervaren!
> Als je daar 'n stemhebbende
> medeklinkerbehoudregel-ondanks-stemverlies-wegens-woordeinde
> aantoevoegd, hebben we 'n nieuw spellingssysteem wat weer 'n paar
> eeuwtje meekan: noem 't maar de woordbeeldspe(l)ling.
Die eind-sz en vf: daar was ook iets mee, maar 'k heb het nu even niet
paraat. Sorry, maar 't komd wel weer ter sprake.
>Toch blijft het vreemd dat de woorden Beste Els/Hans (doorhalen wat
>niet verlangd wordt) op het briefpapier voorgedrukt waren. Maar ik
>moet zeggen dat het wapenschild met de twee gekruiste gloeiende poken
>gestiletteerd op een veld van keel heel toepasselijk was.
Els en Hans vonden het helemaal niet vreemd. Zij beseften heel goed
dat de aangeboden bescherming de moeite van het overwegen waard was.
--
Mano
> Mij bekruipt wel eens het gevoel dat we dit soort verbuigingen niet meer
> durven maken omdat we niet op ons taalgevoel durven vertrouwen. We
> schrijven geweesT, maar een verbuiging met D (geweesDe) klopt dan niet,
> terwijl geweesTe indruist tegen het taalgevoel. Dan zeggen we het maar
> niet.
In dit geval hebben we ons taalgevoel helemaal niet nodig. De infinitief
die bij "geweest" hoort is namelijk van oorsprong "wezen". Dat dat
werkwoord is verdrongen door "zijn" doet daar niets aan af.
En omdat het "wezen" is en niet "wesen", zou het voltooid deelwoord
ook in de nu geldende spelling gespeld moeten worden als "geweesd"!
(Hoewel "bedezen" helemaal niet (meer) bestaat, schrijven we immers ook
om dezelfde reden "bedeesd" en niet "bedeest".)
--
Gerrit de Blaauw
Toch is het een beetje kruidenierswerk. Net als die wapenleveranties
aan 1 partij. Vanaf nu exporteren we komplete regionale konflikten.
.pe
> In dit geval hebben we ons taalgevoel helemaal niet nodig. De infinitief
> die bij "geweest" hoort is namelijk van oorsprong "wezen".
Overigens kan ook het taalgevoel hier leiden tot de spelling "geweesd".
De woorden "geweest" en "was" hebben duidelijk dezelfde wortel, en "was
ik" wordt vaak uitgesproken als "wazzik", waaruit blijkt dat het
stemhebbende einde van de stam (-z dus) nog steeds in het hoofd van veel
Nederlandstaligen zit. (Bij wassik-zeggers gaat *deze* vlieger uiteraard
niet op.)
--
Gerrit de Blaauw
Volgens mij schrijven we "bedeesd" met een d op het eind niet vanwege
een of ander uitgestorven werkwoord, maar vanwege de verbuiging: in "het
bedeesde kind" klinkt er duidelijk een /d/ tussen de /s/ en de schwa.
Bij "geweest" werkt dit niet, omdat de verbogen vorm *geweesde/*geweeste
niet bestaat. Die verbogen vorm is onregelmatig: "gewezen", zoals in "de
gewezen president", en daar hebben we in dit verband niets aan. Maar
inderdaad: als we de standaardregel toepassen, zou "geweest" met een d
op het eind moeten. Aan de andere kant: de vervoeging van het werkwoord
"zijn" is zo onregelmatig, dan kan dit er ook nog wel bij :-)
Egbert.
--
This message reflects my personal opinions only, not necessarily those
of the company I work for.
De uitspraak 'wazzik' lijkt me veel meer het gevolg van het feit dat er
de korte i op volgd.
Verder begin ik eeen rondzing-idee te ontwikkelen van de opmerkingen
rond 'geweesd/t'...
Lijkt me een onjuiste indruk. Vergelijk bassik, nassik, plassik, wassik
(van wassen), verkassik, ...
> Verder begin ik eeen rondzing-idee te ontwikkelen van de opmerkingen
> rond 'geweesd/t'...
Bedoel je dat er cirkelredeneringen worden gebruikt? Het argument wezen
> geweesd lijkt me ijzersterk.
--
Gerrit de Blaauw
>>>Leuk, maar echt waarderen kan ik die anagrammen pas als ik ook
>>>de gewone versie (de 'naam' zeg maar) weet...
>>>Met het volste vertrouwen in jullie creativiteit
>>
>>Ik doe mijn best.
>>Feico "Oncreatief" Nater
>
>... maar het lukt niet?
>Kom, Feico, dit klinkt volstrekt ongeloofwaardig!!!
>Of ben je gewoon benieuwd naar dat 'permutatieprogramma'?
Het lukt wel degelijk. Ik heb geen permutatieprogje nodig.
--
Feico (Free Action) Nater
http://home.wxs.nl/~taaleffect
>(Hoewel "bedezen" helemaal niet (meer) bestaat, schrijven we immers ook
>om dezelfde reden "bedeesd" en niet "bedeest".)
En zelfs "gedeisd".
>> > > In dit geval hebben we ons taalgevoel helemaal niet nodig. De infinitief
>> > > die bij "geweest" hoort is namelijk van oorsprong "wezen".
Gerrit:
>> > Overigens kan ook het taalgevoel hier leiden tot de spelling "geweesd".
>> > De woorden "geweest" en "was" hebben duidelijk dezelfde wortel, en "was
>> > ik" wordt vaak uitgesproken als "wazzik", waaruit blijkt dat het
>> > stemhebbende einde van de stam (-z dus) nog steeds in het hoofd van veel
>> > Nederlandstaligen zit. (Bij wassik-zeggers gaat *deze* vlieger uiteraard
>> > niet op.)
Herman:
>> De uitspraak 'wazzik' lijkt me veel meer het gevolg van het feit dat er
>> de korte i op volgd.
Gerrit:
>Lijkt me een onjuiste indruk. Vergelijk bassik, nassik, plassik, wassik
>(van wassen), verkassik, ...
Bij mij ook wassik.
'k Heb dus geen revvespreek.
>> Verder begin ik eeen rondzing-idee te ontwikkelen van de opmerkingen
>> rond 'geweesd/t'...
>
>Bedoel je dat er cirkelredeneringen worden gebruikt? Het argument wezen
>> geweesd lijkt me ijzersterk.
Daar begon het onderwerp dan ook mee..
gijpiwel?
Klopt niet, ik zeg net zo makkelijk "wazzik mijn eigen kleren", en dat
komt van wassen, geen z in zicht. Bij wie dit doet worden ALLE s-en en
f-en voor een woord met een klinker z en v (bij Limburgers a la Chriet
T. ook p, t en k ==> b, d, g). Daarom is het ook zo moeilijk (ook voor
mij, met mn grote mond) om fatsoenlijk Engels te praten, waar de s van
this, yes, cease en lease geen z mag worden, en die van is en alle
meervouden en derde personen enkelvoud wel, en dat ongeacht navolgende
medeklinkers.
--
Ruud Harmsen - http://utopia.knoware.nl/~rharmsen/
Peter Elderson schreef:
>
> Herman Elderson wrote:
> > Ja, ik zet dagelijks znw's in de verleden tijd, vooral znw's die in
> > mv-verbuiging een t krijgen.
>
> Is trouwens niet heel erg gek. Zijn er geen talen die dat doen,
> verleden zelfstandige naamwoorden?
>
> (Serieuze vraag, hoe gek het ook klinkt)
Nee, die zijn er niet. Er zijn A) talen met verplichte tijdsmarkering op
her werkwoord (zoals het Nederlands); er zijn B) talen zonder
tijdsmarkering (zoals het Chinees, je kunt wel "gisteren" toevoegen maar
niet een algemene aanduiding die verleden tijd betekent), en er zijn C)
talen die wel een verplichte tijdsmarkering hebben maar dan niet op het
werkwoord, dus bijv. een gescheiden woordje dat los staat of zelfs
elders aangehecht wordt (niet ondenkbaar aan het onderwerp of het zgn
topic, dan zit je dus heel dicht bij wat wij "verleden naamwoorden"
zouden kunnen noemen, maar de verleden-tijdsaanduiding heeft scope over
het predikaat, de handeling dus, en niet over het zelfst. nw. alleen,
dus het is toch anders). Er zijn in deze laatste categorie zijn ook
talen met aparte subjectspronomina (zoals "ik") voor de verelden tijd.
Twee rijtjes dus, een voor tt en een voor vt.
tot uw dienst,
Maarten Jansonius
~heeft net een college taaltypologie gevolgd~
Herman Elderson schreef:
>
> Maarten Jansonius neemd iets te serieus:
sorry.
<knip wegens weigering door newsserver>
> > ook niet als die woordvormen toevallig uit de ezelsbruggetjes van de
> > 'verbuigspelling' komen. Een spelling kan nooit betrekking hebben op de
> > taal zelf: dus als je 'geheefd' ipv 'gehad' voorstaat kan dat, maar dat
> > is ingrijpender dan een spellingvoorstel alleen.
>
> de gehadde pen?
> de verloren pen ?
>
> > 'de gewezen burgemeester' is trouwens gewoon goed Nederlands voor 'de
> > ex-burgemeester'. 'Geweesd' is dus niet per se nodig voor gebruik als
> > bijvoeglijk naamwoord, alleen jij doet er ook nog nieuwe dingen mee.
>
> de gewezen mensen?
de doden ? :)
> De door mij genoemde voorbeelden zijn in het dagelijks woordgebruik wel
> degelijk taalhobbels, waar we omheen formuleren. Iemand die is
> langsgeweesd noemen we niet de langsgeweesde persoon (gewezen betekend
> iets anders), een pen die we niet meer hebben noemen we niet de gehadde
> pen.
langsgekomen persoon kan wel denk ik ..
>
> Maar in de hypotetische (ik had onlangs verkondigd dat ik overbodige h's
> ging weglaten. Belofte maakt schuld)
goed zo. mee eens.
> keuze tussen geweesde en geweeste
> zal het nederlands taalgevoel eerder naar geweesde dan geweeste leiden.
>
> Mij bekruipt wel eens het gevoel dat we dit soort verbuigingen niet meer
> durven maken omdat we niet op ons taalgevoel durven vertrouwen. We
> schrijven geweesT, maar een verbuiging met D (geweesDe) klopt dan niet,
> terwijl geweesTe indruist tegen het taalgevoel. Dan zeggen we het maar
> niet.
Maar hoe zit het dan met het Schaakfotopoesje ? Op grond daarvan zou het
toch geweeste moeten zijn ... Ik heb dat met die -s toch al nooit
gesnopen (of is het alleen -sch dat telt, dat zou alles verklaren...):
het is ook vreesde, niet vreeste dat weet ik toch wel zeker. Of is het
dan weer de z van vrezen en wezen die niet in 'schaakfotopoesje' zit,
terwijl de s van plassen er wel in zit (plaste). Dat zal het zijn....
Overigens kun je dan ipv 'schaakfotopoesje' ook 'stemloos + t,
stemhebbend + d' onthouden (als je ch als stemloos en g als stemhebbend
telt klopt-ie helemaal). De 'achterliggende' regel zou dan zijn: sufiix
-d van verleden tijd wordt naar -t geassimileerd bij stemloze
medeklinkers (voor -en in de inf). zoiets. klinkt best logisch, al zeg
ik 't zelf *glim*. Zijn die colleges fonologie toch nog ergens goed voor
geweest (of heet dit nou weer fonetiek, dat weet ik ook nooit).
nou ja..
Maarten Jansonius
>> Is trouwens niet heel erg gek. Zijn er geen talen die dat doen,
>> verleden zelfstandige naamwoorden?
>>
>> (Serieuze vraag, hoe gek het ook klinkt)
>
>Nee, die zijn er niet.
Ik wil niet lullig doen, maar het is bekend dat er talen zijn die een
groot aantal verschillende woorden hebben om de toestand van een
object weer te geven. Een voorbeeld zou kunnen zijn het Nederlands
waar we verschillende termen hebben voor regen. (Stortbui, hoosbui,
bui, het miezert [misschien niet het beste voorbeeld]).
(En ja hoor) bij de Eskimo's zijn er zo verschillende termen voor
sneeuw. Er is er een voor vers gevallen sneeuw, maar ook een voor oude
(bevroren) sneeuw. Ik weet niet hoe deze woorden gevormt worden, of
het allemaal afleidingen zijn van een soort stamwoord, maar is dit
niet een tijdsindicatie aan een zelfstandig naamwoord?
Ook dit is serieus bedoeld.
Martien van Geffen
--
There are three rules to succeed at any (boulder) problem...
unfortunately, no one knows what these three rules are.
John Gill (1986)
[s -> z]
> Daarom is het ook zo moeilijk (ook voor
> mij, met mn grote mond) om fatsoenlijk Engels te praten, waar de s van
> this, yes, cease en lease geen z mag worden
... en evenzo is het voor mij zo moeilijk acceptabel Engels te praten,
ondanks kennis van grammatica, ondanks streetwise, ondanks taalgevoel:
de essen kleuren (als al niet erger) naar esjen.
--
Tank pep, Romeo
De "hoax" betreft de getallen (twintig, veertig, honderd soorten sneeuw
worden soms genoemd). Wat ik heb gehoord klopt de opmerking van Martien
wel en zijn er iets van drie stamwoorden: een voor vallende sneeuw (dus
meer voor het weertype dan voor het materiaal), en twee voor liggende
sneeuw: een voor poedersneeuw en een voor vastgekoekte sneeuw.
Het misverstand over de formidabele aantallen heeft te maken met de
manier waarop in de Inuit-talen woorden worden gevormd. Voorbeeld ter
illustratie: "qeqertaq" = eiland; "qeqertarsuaq" = groot eiland;
"qeqertannguaq" = klein eiland. Nu kun je enthousiast gaan roepen: goh,
ze hebben drie verschillende woorden voor eiland, afhankelijk van hoe
groot het is! Maar dat is een beetje flauwekul, want de lettergrepen
"-rsua-" en "-nngua-" kun je in vrijwel elk stamwoord inbouwen en hebben
dan vrijwel dezelfde functie als onze bijvoeglijke naamwoorden "groot"
en "klein".
En op dezelfde manier kun je nog veel meer woordcomponenten inbouwen,
zodat uiteindelijk een enkel woord de informatie van een halve of hele
zin kan bevatten.
Tuurlijk. Wat ware een belofte nog waard als dat niet zo zou zijn? ;-)
> > keuze tussen geweesde en geweeste
> > zal het nederlands taalgevoel eerder naar geweesde dan geweeste leiden.
> >
> > Mij bekruipt wel eens het gevoel dat we dit soort verbuigingen niet meer
> > durven maken omdat we niet op ons taalgevoel durven vertrouwen. We
> > schrijven geweesT, maar een verbuiging met D (geweesDe) klopt dan niet,
> > terwijl geweesTe indruist tegen het taalgevoel. Dan zeggen we het maar
> > niet.
> Maar hoe zit het dan met het Schaakfotopoesje ? Op grond daarvan zou het
> toch geweeste moeten zijn ... Ik heb dat met die -s toch al nooit
> gesnopen (of is het alleen -sch dat telt, dat zou alles verklaren...):
> het is ook vreesde, niet vreeste dat weet ik toch wel zeker. Of is het
> dan weer de z van vrezen en wezen die niet in 'schaakfotopoesje' zit,
> terwijl de s van plassen er wel in zit (plaste). Dat zal het zijn....
Even citeren uit de uitleg van verbuigspelling voor vervoegingen, eerder
in deze draad:
>Hulp 1.
>De werking van die taaleigenschap [het verschijnen van d of t bij verbuiging] van >nederlandstaligen is samengevat in 't kofschip ('t fokschaap), een minder >onvolledige woord is schaakfotopoesje: eindigd de stam van het werkwoord op een
>medeklinkerKLANK die voorkomd in s-ch-k-f-t-p-sj dan verbuig je met t,
>anders met d.
De stam van een werkwoord is gebaseerd op de KLANK van het gehele
werkwoord. Haal daar de eind-(e)n vanaf en je hebd de stam:
weezen->weez, vreezen->vreez.
Deze vorm, die nog *niets* met de spelling te maken heefd, bepaald of de
vervoegingletter als D of T word gerealiseerd.
Het is deze vorm, waarop het schaakfotopoesje moet worden toegepast, op
basis van de KLANKEN(s-ch-k-f-t-p-sj), en per see NIET op basis van
spelling.
Daarom: weezen->weeZ->geweeZDe, vreezen->vreeZDe.
Pas daarna gaan we spellinggrappen uithalen: een z na de klinker in de
lettergreep spellen we s, en de vervoegingletter schrijven we op basis
van de de realisatie in verbuiging als bovengenoemd.
> Overigens kun je dan ipv 'schaakfotopoesje' ook 'stemloos + t,
> stemhebbend + d' onthouden (als je ch als stemloos en g als stemhebbend
> telt klopt-ie helemaal). De 'achterliggende' regel zou dan zijn: sufiix
> -d van verleden tijd wordt naar -t geassimileerd bij stemloze
> medeklinkers (voor -en in de inf). zoiets. klinkt best logisch, al zeg
> ik 't zelf *glim*. Zijn die colleges fonologie toch nog ergens goed voor
> geweest (of heet dit nou weer fonetiek, dat weet ik ook nooit).
Inderdaad: de wetenschap heefd vastgesteld dat stemhebbendheid bepalend
is voor de realisatie van de vervoegingletter in de verbuiging, en heefd
die vaststelling in 't kofschip (veel te) kernachtig beschreven in de
vorm van de nederlandse stemloze fonemen. Het schaakfotopoesje vertoond
een aantal veelvoorkomende ekstra fonemen.
Dat 't kofschip tegenwoordig volstrekt gemisinterpreteerd word en tot
bezopen spellingresultaten leid (gedeletet, ge'upgraded) is inmiddels
wel gebleken; een trieste konstatering.
>Op Thu, 27 May 1999 18:26:03 GMT schreef of citeerde
>mvge...@no-spam-iae.nl (Martien van Geffen) in nl.taal:
>>(En ja hoor) bij de Eskimo's zijn er zo verschillende termen voor
>>sneeuw. Er is er een voor vers gevallen sneeuw, maar ook een voor oude
>>(bevroren) sneeuw.
>Ik hoor altijd vertellen dat dat een "hoax" is. Zie de FAQ van
>sci.lang of daaromtrent.
Citaat.
"De antropoloog Laura Martin heeft deze mythe kunnen terugvoeren op
een passage in het boek van Franz Boas, Handbook of American Indian
Languages, van 1911, waar hij opmerkt dat het Eskimo kennelijk
verschillende woorden heeft voor sneeuw: 'aput' voor sneeuw op de
grond, 'gana' voor vallende sneeuw, 'piqsirpoq' voor jagende sneeuw,
en 'qimuqsuq' voor een sneeuwstorm."
Het vaak aangehaalde aantal van honderden (b)lijkt erg overdreven.
Daarom ook voor de eerlijkheid:
"De linguist Geoffrey Pullum heeft recentelijk op deze
Eskimo-sneeuwinflatie gewezen. [...]Dictionary of West Greenlandic
Eskimo Language, uit 1927, precies twee woordstammen geeft voor
sneeuw, 'qanik' voor sneeuw in de lucht en 'aput' voor sneeuw op de
grond."
Blijkbaar zijn gana, piqsirpoq en qimiqsuq afleidingen van qanik.
Toch is er een woord voor nog niet gevallen sneeuw en sneeuw op de
grond. Misschien niet zo spectaculair als je dacht, maar toch
verschillende woorden. Mijn vraag blijft dus staan.
Bron: "De wetenschap van het woord", vertaling uit het Engels "The
science of words" van George A. Miller. ISBN 9073035155
Een beetje of de rekkert, misschien, Herman, maar zou jij zsm de q/g
spelling weer in ere willen herstellen.
Ik zit na een maand of wat kijken nog steeds te veel tegen het
woordbeeld aan te hikken met die spelling van jou, en ik had de indruk
dat dat met de g/q beter lag. Dat gaf een 'rustiger' beeld, omdat het
oog door de vele q-s eerder geneigd is de vastgeroeste traditie los te
laten.
Overigens vond ik de t-spelling van Frits ook niet zo verkeerd, al
was-ie wat minder onderbouwd.
Hadden we al gevraagd waarom we niet 'gewoon' dat hele gedoe van 'd'
achter dit en 't' achter dat op basis van stammen en klanken overboord
gooien en ons toeleggen op de t voor Tegenwoordig en Toekomstig en de D
voor voltooiD en verleDen
(Ik heb een paar afleveringen gemist, en NEE, ik ga de draad niet zoeken
bij Deja of Remarq (!))
--
Ruud "Hij heefd zijn werk goed gedaan, maar waar heeft-ie het eigenlijk
over" Bruijnesteijn
SDS Sport.Data.Systems GmbH
>Een beetje of de rekkert, misschien, Herman, maar zou jij zsm de q/g
>spelling weer in ere willen herstellen.
Niet zsm. En niet ten koste van verbuigspelling.
>[Ruud kon aan q/g spelling wel wennen, vond Frits' t-spelling ook wel gaan ondanks gebrek aan onerbouwing]
>
>Hadden we al gevraagd waarom we niet 'gewoon' dat hele gedoe van 'd'
>achter dit en 't' achter dat op basis van stammen en klanken overboord
>gooien en ons toeleggen op de t voor Tegenwoordig en Toekomstig en de D
>voor voltooiD en verleDen
Wel gevraagd, dacht ik. Maar da's onzin. Stam en klank zijn
taalrealiteiten, geen spellingverzinsel. De spelling moet daar zoveel
mogelijk bij aansluiten.
>(Ik heb een paar afleveringen gemist, en NEE, ik ga de draad niet zoeken
>bij Deja of Remarq (!))
Dan niet.
Interessant. Het is hetzelfde systeem als in Esperanto dus: lees voor
qeqerta insul, voor rsua eq en voor nngua et, en vat q op het als
zelfstandig-naamwoordssuffix dat in het Esperanto o is: insulo,
insulego, insuleto.
Wat is trouwens de uitspraak van die q, en van de nng?
>Het misverstand over de formidabele aantallen heeft te maken met de
>manier waarop in de Inuit-talen woorden worden gevormd. Voorbeeld ter
>illustratie: "qeqertaq" = eiland; "qeqertarsuaq" = groot eiland;
>"qeqertannguaq" = klein eiland. Nu kun je enthousiast gaan roepen: goh,
>ze hebben drie verschillende woorden voor eiland, afhankelijk van hoe
>groot het is! Maar dat is een beetje flauwekul, want de lettergrepen
>"-rsua-" en "-nngua-" kun je in vrijwel elk stamwoord inbouwen en hebben
>dan vrijwel dezelfde functie als onze bijvoeglijke naamwoorden "groot"
>en "klein".
Ik weet dichter bij huis ook wel een taal te vinden waarin iets dergelijks
voorkomt.
--
Feico Nater
http://home.wxs.nl/~taaleffect
----------
Komm, holder Lenz, des Himmels Gabe, komm!
Aus ihrem Todesschlaf erwecke die Natur.
>"De antropoloog Laura Martin heeft deze mythe kunnen terugvoeren op
>een passage in het boek van Franz Boas, Handbook of American Indian
>Languages, van 1911, waar hij opmerkt dat het Eskimo kennelijk
>verschillende woorden heeft voor sneeuw: 'aput' voor sneeuw op de
>grond, 'gana' voor vallende sneeuw, 'piqsirpoq' voor jagende sneeuw,
>en 'qimuqsuq' voor een sneeuwstorm."
Wij kennen nog 'fiern' voor sneeuw die al een tijd geleden gevallen is, maar
overigens onaangeroerd. Het Engels kent 'slush' voor de smurrie die ontstaat als
het dooit.
En 'sleet', hetgeen 'slush' is als het zich nog in de lucht bevindt =)
Gedeeltelijk zelfs wel heel dichtbij; de woordcomponent -nngua- heeft
natuurlijk ongeveer dezelfde functie als het Nederlandse -tje.
Een taal als Turks heeft een veel uitgebreider systeem van dit soort
betekenisdragende lettergrepen. Ik vermoed dat de eerste persoon die de
"honderd soorten sneeuw" vond, niets van het Turks afwist, anders was
zijn denkfout hem wel opgevallen.
Ik weet te weinig van het Turks en het Groenlands om hun systemen met
elkaar te vergelijken. Wat me opvalt aan Groenlandse teksten is dat de
woorden zo ongelooflijk lang zijn, nog langer dan in het Turks, en elke
zin bestaat hooguit uit vier of vijf woorden. Op basis hiervan zou je
denken dat het systeem in het Groenlands nog verder is doorgevoerd dan
in het Turks.
Het Groenlands gaat op dit punt nog verder. Op het gevaar af dat ik nu
grammaticafouten ga maken nog een paar voorbeelden:
"naar het grote eiland": qeqertarsuamut
"op het kleine eiland": qeqertannguami
En als je wil zeggen: "ik ben op het kleine eiland" ga je weer wat aan
het einde vastplakken. Maar als je wil zeggen: "ik zit op het kleine
eiland te vissen", gebruik je de "op het kleine eiland"-vorm van
hierboven, en plak je de component die "ik" betekent vast aan het
stamwoord voor "vissen".
> Wat is trouwens de uitspraak van die q, en van de nng?
De /q/ is een k die diep in de keel uitgesproken wordt. Je krijgt een
heel aardige imitatie als je de Nederlandse /k/ en /g/ aansluitend op
elkaar probeert uit te spreken.
De /nng/ is een lang aangehouden /ng/ (de /g/ klinkt niet afzonderlijk).
Over het algemeen kun je zeggen dat alle medeklinkers wat verder
achterin de mond worden uitgesproken, ook de /r/ klinkt vanuit een
diepte waar Haagse Harrie alleen maar van kan dromen.
Aan klemtonen doen ze nauwelijks in het Groenlands, waarschijnlijk omdat
elke lettergreep wel wat belangrijks te zeggen heeft.
Egbert Lenderink schreef:
> Een taal als Turks heeft een veel uitgebreider systeem van dit soort
> betekenisdragende lettergrepen. Ik vermoed dat de eerste persoon die de
> "honderd soorten sneeuw" vond, niets van het Turks afwist, anders was
> zijn denkfout hem wel opgevallen.
>
> Ik weet te weinig van het Turks en het Groenlands om hun systemen met
> elkaar te vergelijken. Wat me opvalt aan Groenlandse teksten is dat de
> woorden zo ongelooflijk lang zijn, nog langer dan in het Turks, en elke
> zin bestaat hooguit uit vier of vijf woorden. Op basis hiervan zou je
> denken dat het systeem in het Groenlands nog verder is doorgevoerd dan
> in het Turks.
Het systeem heet in elk geval: agglutinatie, vandaar dat deze talen
agglutinatieve talen worden genoemd. Verder heb je flecterende talen
(zoals het Nederlands, waar de -t in "loopt" meedere betekenissen
draagt: het is tegelijkertijd een markering voor ott en 3e persoon en
enkelvoud) en isolerende talen zoals het Chinees, waarbij alle
betekeniselementen in principe losse woordjes zijn.
uw lopende vraagbaak (ahum, kuch, reutel)
Maarten Jansonius
Zoals het citaat al aangeeft zijn het geen (verleden)tijdsmarkeringen,
maar verschillende woordstammen. Verder durf ik met grote zekerheid te
zeggen dat de (eventuele) tijdsmarkering in het Inuit en/of in het
Groenlands NIET op het zelfstandig naamwoord wordt aangehecht, of het
moet zijn dat de hele zin een groot geheel wordt. En zelfs in het
onwaarschijnlijke geval dat de tijsmarkering bijvoorbeeld aan het
onderwerp of topic aangehecht wordt is het een tijsmarkering voor het
predikaat (de handeling dus) en niet een tijdsmarkering die het
zelfstandig naamwoord zelf betreft, dus vind ik dat je zelfs dan niet
echt kunt spreken van een verleden zelfstandig naamwoord.
Ik weet dit alles overigens omdat mij onlangs is uitgelegd dat
eigenschapswoorden (in het Nederlands bijvoeglijk naamwoorden) in veel
talen werkwoorden zijn, maar juist alleen in die talen die géén
tijdsmarkering aan het werkwoord kennen. Kennelijk "past" een
tijdsmarkering niet bij een eigenschapswoord, waarschijnlijk omdat de
eigenschap dan te tijdsgebonden wordt afgespiegeld. Overigens heeft
bijv. het Russisch, dat meestal gewoon bijvoeglijk naamwoorden gebruikt,
wel (tijdsgemarkeerde) werkwoorden voor eigenschappen als "ziek" en
"hongerig", dus precies de meest "tijsinstabiele" eigenschappen.
groeten van een student Taal, Spraak & Informatica (TSI),
Maarten Jansonius.
Het lijkt mij gezien het gegeven voorbeeld niet dat het Groenlands nu
direct een agglutinerende taal is, maar eerder een infigerende taal.
Een taal dus waarin in de stam infixen ingebouwd kunnen worden.
Een agglutinerende taal zoals het Turks en het Japans plakt
(agglutineert) suffixen (geen infixen) achter de stam. De reeksen kunnen
(vooral in het Turks) tamelijk lang worden.
Uit een agglutinerende taal kan al gauw een flecterende taal ontstaan,
doordat de suffixen met de stam en met elkaar assimileren, waardoor de
suffixen niet meer direct als suffix te herkennen zijn maar meer de vorm
van een vervoegingsuitgang aannemen. Dit is bijvoorbeeld het geval in
een taal die zeer nauw verwant is aan het Japans, het Ryukyu dat
gesproken wordt op onder ander Okinawa in Zuid-Japan. In het Japans
daarentegen zijn de suffixen nog zeer goed afzonderlijk herkenbaar.
Groeten Steven Hagers (Japanoloog)
> Wat is trouwens de uitspraak van die q, en van de nng?
> --
> Ruud Harmsen - http://utopia.knoware.nl/~rharmsen/
Ik denk een 'k'-klank net als in het Arabisch: Iraq
Een wat zachtere (stemhebbende?) k
Steven Hagers
Als je het laatste element, bijvoorbeeld de o van een
Esperanto-zelfstandig naamwoord, ook gewoon als een suffix opvat, dat
maakt suffix of infix niet meer uit. Er zijn dan alleen bepaalde
regels voor de volgorde waarin de suffixen achter elkaar moeten staan,
en er is in veel gevallen minstens één suffix verplicht, zoals -o, -a,
-i, -as, enz. in Esperanto
De -q aan het einde van "qeqertaq" (eiland) en "qeqertarsuaq" (groot
eiland) hoort niet bij het stamwoord, maar het is een soort van
naamvalsmarkering. Zo is het meervoud "qeqertaat" (eilanden), en vorm je
constructies als "op het eiland" en "op de eilanden" als "qeqertami" en
"qeqertaanni".
[alles onder voorbehoud van spelfouten, maar het gaat om het algemene
idee]
Het lijkt er dus wel degelijk op dat alle elementen achteraan het
stamwoord worden gekleefd, en dus is het volgens de bovenstaande
definitie wel degelijk agglutinerend.
Het één spreekt het ander tegen.
Ik heb even mijn Groenlandse taalgids (*) erbij gepakt:
-q- er en lukkelyd i halsen. Man lukker halsen ved dr/obelen med
den nederste del af tungen. Naar man aabner igen, faar man
automatisk denne karakteristiske halslyd.
-n- som i nej.
-ng- som i lange.
De -q- is iets tussen de k en de keel r in schat ik zo. -n- en
-ng- zijn als in het Nederlands. En nu moet dus iedereen de
dagen van de week kunnen uitspreken (vanaf maandag): ataasinngorneq,
marlunngorneq, pingasunngormeq, sisamanngorneq, tallimanngorneq,
arfininngorneq en sapaat.
--
* Gr/onlandsk Parl/or, Atuakkiorfik, Nuuk, 1993, ISBN 87 558 0895 6.
--
dik t. winter, cwi, kruislaan 413, 1098 sj amsterdam, nederland, +31205924131
home: bovenover 215, 1025 jn amsterdam, nederland; http://www.cwi.nl/~dik/