Op 13-12-2013 14:06, Maurice schreef:
> On Friday, December 13, 2013 1:10:06 PM UTC+1, Flibsy wrote:
>> Op 13-12-2013 11:36, Maurice schreef:
>>
>> [..]
>>
>>> De kans dat 'dagdagelijks' daadwerkelijk uit het taalgebruik verdwijnt,
>>> lijkt me onwaarschijnlijk. Dat geldt ook voor de andere woorden van de
>>> 'Weg met dat woord'-actie van het INL. Zo werkt taal volgens mij niet.
>>>
http://www.inl.nl/onderzoek-a-onderwijs/lexicologie-a-lexicografie/weg-met-dat-woord
>>
>> Swag. Ik probeerde laatst een FaceBook conversatie te volgen tussen 2
>> jongedames:
>>
>> A: ... leuke'onesie'gekregen ...
>> B: gangsterr
>> A: echte swag h�...
>> B: Aiiighttt
>>
>> Ik moest 'onesie', 'swag' en 'Aiiighttt' opzoeken, en ik vermoed dat de
>> mij bekende betekenis van 'gangster' wel niet zal voldoen hier.
>>
>> Vrij zinloos lijstje dus, als dit soort jongerentaal zo hoog staat, het
>> verloop in de jongerentaalschat is zo groot dat een woord al weg is voor
>> je 'weg met dat woord' hebt kunnen roepen.
>
> 'Yolo', 'swag', 'selfie' en in mindere mate 'kids' zijn inderdaad
> jongerenwoorden - waarvan 'kids' intussen duidelijke een plaats in het
> 'gewone' taalgebruik heeft veroverd. Het is niet te voorspellen welke
> jongerenwoorden dat doen, zo leert de geschiedenis. 'Knal-' en 'mieters'
> hebben intussen afgedaan, 'fuif' doet het nog steeds aardig, en weinig
> mensen beseffen nog dat 'zielig' en 'zalig' ooit typische jongeren-
> woorden waren*.
>
> je hebt gelijk als je twijfelt aan de zin van jongerentaal in het lijstje.
> Maar hoe zinloos is de aanwezigheid van de andere woorden?
> - Van 'participatiesamenleving' willen de lui die de term introduceerden
> intussen ook weer af, zoals ze die als een boemerang terug in hun gezicht
> krijgen.
Ook talloze politiekwoorden zijn een kort leven beschoren. Hoef je niet
in een lijstje te zetten om ze weg te krijgen.
> - 'Confederalisme' is een ergerlijk woord omdat in de huidige context
> niemand precies weet wat het betekent en iedereen het naar eigen
> goeddunken invult en mis-/gebruikt.
Veel dagdagelijkse woorden zijn helemaal niet zo exact als we wel
denken, niet zelden zit er een ongedacht begripsverschil tussen
gesprekspartners.
Confederalisme beschouw ik niet als een erg gebruikelijk woord.
> - 'Papadag' zal wel verdwijnen zodra het hele begrip verdwijnt of zodra
> het feit dat vader een keertje voor de kinderen zorgt even gewoon is als
> wanneer moeder dat doet.
Of een blijvert juist omdat het gewoon is dat er mamadagen en papadagen
zijn. Ik zie overigens geen kwaad in deze woorden - vaderdag en
moederdag zijn andere begrippen, papadag en mamadag zeggen ook meer over
de rol die vervuld moet worden.
> - Met 'absoluut' is niks mis, behalve dat sommige mensen het gebruiken als
> een stopwoord. Zo zijn er vele.
Correct. Los in zo'n lijstje gaat het weer nergens over.
> - En 'crisis' is here to stay, toch?
Nooit weggeweest. Nederland zit altijd in een crisis, ik weet niet
anders sinds ik enig idee van het bestaan van politiek heb. De eenheid
crisis staat tot zijn eigen tijdsgewricht als de lichtsnelheid tot het
systeem waarbinnen hij geldt, ieder tijdsgewricht gebruikt de eenheid
maar de eenheid is per systeem/tijdsgewricht anders.
> 'Dagdagelijks' is volgens mij de vreemde eend in de bijt. Een leenwoord dat
> om Joost mag weten welke reden toevallig ingeburgerd is bij een aanzienlijk
> deel van de taalgebruikers en blijkbaar aan een behoefte voldoet/voldeed.
'er' is ook ingeburgerd. Geen mens die precies kan duiden wat voor nut
het heeft, maar het doet iets. Waarom die woorden weg zouden moeten
blijft me een raadsel.
> Het Nederlands kan zonder, maar het Nederlands kon ooit ook zonder
> 'aanhangwagen' - "Dat moet 'bijwagen' zijn!" - en 'voorwoord' - "Dat moet
> 'voorrede' zijn!" - maar toch zijn die woorden nog altijd springlevend**.
Es ist wie der Rudi schon gesagt hat geworden geworden worden: taal
werkt niet volgens lijstjes met woorden die weg moeten.
> Oudste vindplaats voor 'dagdagelijks' in de DBNL: 1916, in het tijdschrift
> 'Neerlandia'.
>
> * Charivarius:
> "Een bakvischje is coquet en lief, royaal en nooit inhalig.
> Ze houdt alleen een beetje veel van 'zielig' en van 'zalig'.
> 't Is zalig weer! Maar zielig dat we net naar school toe moete!
> Hoe zalig, zeg, is zure room, maar zielig vind ik zoete.
> Zeg, v� j't niet zielig? 'k mag niet uit: Ma vindt de wind wat schralig.
> Maar Broer tracteert: marrons glac�s; die zijn gewoonweg zalig!'"
Tsja, die Germanismen. Die waren ook v��l bedreigender dan dat Frans van
zoo lang geleeden natuurlijk.
--
Flibsy