mvg
Er+voorzetsel schrijf je (bijna) altijd aan elkaar. Dus erop, ertussen,
eronderdoor, eropuit.
Guido
>
>Is het "je kan er op rekenen" of "je kan erop rekenen" ? Google geeft
>geen uitsluitsel.
>
De Taalunie wel
http://taalunieversum.org/taal/advies/tekst/3/
--
Toch is 'r kauw jonger
>
> Is het "je kan er op rekenen" of "je kan erop rekenen" ? Google geeft
> geen uitsluitsel.
Nee, het is "je kunt er op rekenen".
Je kunt erop rekenen.
(want: "Daarop kun je rekenen" is een correct alternatief)
--
Jeroen
En daarmee wordt 'kan je er op/erop rekenen' naar de dialecthoek verwezen!
Eveneens zonder J
apkus
Nee, "je kan erop rekenen" is niet echt fout, maar wel ambigue.
Het kan namelijk zowel "jij kunt ... " als "men kan ... " betekenen.
>
> Eveneens zonder J
Eveneens??
>
> apkus
--
Jeroen
> > Is het "je kan er op rekenen" of "je kan erop rekenen" ? Google geeft
> > geen uitsluitsel.
>
> Nee, het is "je kunt er op rekenen".
Mee eens, als bedoeld is dat je ergens op mag vertrouwen.
Maar als 'er' naar - zeg - een rekenmachine verwijst, zou ik kiezen voor:
"je kunt erop rekenen"
analoog aan "je kunt ermee rekenen".
Sorry voor deze spuit-11-reactie, maar na mijn vakantie lees ik de oude
berichten gedoseerd door.
a
[...]
Precies andersom. Dat wilde je toch horen?
> > > Nee, het is "je kunt er op rekenen".
> > Mee eens, als bedoeld is dat je ergens op mag vertrouwen.
> > Maar als 'er' naar - zeg - een rekenmachine verwijst, zou ik kiezen
voor:
> >
> > "je kunt erop rekenen"
>
> Precies andersom. Dat wilde je toch horen?
Echt waar? + Nee hoor.
Maar ik begin wel weer te twijfelen aan het onderscheid.
Ik zou in ieder geval schrijven:
je kunt erop zitten (stoel)
je kunt erop spelen (de fluit)
ik trek erop uit (de wijde wereld)
ik trap erop (de trapper)
en vind daarom "ik kan erop rekenen" beter.
a
Ik laat wat gangbaar is even buiten beschouwing. Bij de figuurlijke
betekenis van 'er op' neig ik naar 'erop', een apart begrip.
Bij de stoel, de fluit, de trapper en de rekenmachine is het echt 'daar
op' ---> 'er op'.
> Bij de stoel, de fluit, de trapper en de rekenmachine is het echt 'daar
> op' ---> 'er op'.
Dan heb je een meningsverschil met de ANS. Voor de duidelijkheid: ik zeg
niet dat je het met de ANS eens moet zijn, hoor: vrijheid, blijheid. Ik vind
die aaneenschrijfregel niet zo aangenaam; maar ik krijg de indruk dat die
wel tot het Nederlands behoort.
Ik heb geleerd dat 'er' en een voorzetsel dat er direct op volgt, in
principe aanéén geschreven worden. Een uitzondering is als het voorzetsel
dat direct op 'er' volgt het begin is van een tussengevoegd zinsdeel.
Overigens kunnen er wel woorden en zinsdelen tussen 'er' en een voorzetsel
gevoegd worden, waardoor ze (dus) niet meer aanéén geschreven kunnen worden.
Dat komt neer op:
Ik zit ermee (er + met).
Hij zingt erover (er + over).
Hij zingt er niet over.
Hij zingt er met (niet ermee) zijn mooie stem over.
a
Wie zou deze malle gewoonte toch bedacht hebben en waarom? Het zijn twee
woorden, het voelt als twee woorden, er kan een woord of zelfs een heel
zinsdeel tussen gefrommeld worden (zie hierboven), dus geen reden om de
woorden er en over aan elkaar te plakken.