EBo
Vermelding van de oorspronkelijke auteur ware wel zo netjes.
Ik kende dit rijm reeds, wie was de ge'inspireerde poeet?
--
Heldere Snorman
Godfried Bomans, en hij lag niet op een dakterras maar zat voor het
vensterglas en hij verveelde zich niet stierlijk maar onnoemelijk.
--
Peter Koopman peer.m...@euronet.nl
I tried to take a late night piss
but the toilet moved so again I missed
- The Pogues (Rain Street)
EBo
Herman Elderson heeft geschreven in bericht <37032AE7...@wxs.nl>...
>EBo wrote:
>>
>> Ik lag laatst op mijn dakterras
>> Mij stierlijk te vervelen
>> Ik wou dat ik twee hondjes was
>> Dan kon ik samen spelen
>
>Vermelding van de oorspronkelijke auteur ware wel zo netjes.
>
>Ik kende dit rijm reeds, wie was de ge'inspireerde poeet?
>
>--
>
>Heldere Snorman
Ik ga voor Toon.
> Ik ga voor Toon.
... maar het is toch echt van Godfried
annelies
Kijk, daar zijn we gelijk uit Annelies.
R
Geen sprake van. Godfried heeft het vertaald, het oorspronkelijke gedichtje
was in het Engels. Helaas weet ik niet meer van wie. Dat geheugen van mij,
net een ijzeren vergiet (Kees v Kooten)
FEngelen
Die heeft ook hele mooie dingen gemaakt, maar deze is echt van
Godfried Bomans.
Eric
>> > Ik ga voor Toon.
>> ... maar het is toch echt van Godfried
> Kijk, daar zijn we gelijk uit Annelies.
Inderdaad!
Nou, dit is helemaal nieuw voor me, dat het uit het Engels zou komen.
Maar dan ben ik heel benieuwd naar de oorspronkelijke tekst; zou het
daar ook net speels klinken als in GB's vertaling?
annelies
>> Ik lag laatst op mijn dakterras
>> Mij stierlijk te vervelen
>> Ik wou dat ik twee hondjes was
>> Dan kon ik samen spelen
>
>Vermelding van de oorspronkelijke auteur ware wel zo netjes.
>
>Ik kende dit rijm reeds, wie was de ge'inspireerde poeet?
Er is ooit een boekje uitgegeven met de titel "ik wou dat ik twee hondjes was"
dat vol staat met gedichten die Droogstoppel niet zou waarderen. Ongetwijfeld
staat de naam van de dichter daar ook in.
Een zekere Achmad in Bagdad
lag plat met zijn gat op zijn badmat.
Hij las daar zijn dagblad
en iedereen zag dat!
't Is raar maar in Bagdad daar mag dat.
--
Feico Nater
http://home.wxs.nl/~taaleffect
----------
Komm, holder Lenz, des Himmels Gabe, komm!
Aus ihrem Todesschlaf erwecke die Natur.
De onthulling van het "plagiaat" van Bomans heeft een jaartje of wat geleden
in Vrij Nederland gestaan (was niet op 1 april hoor) Verder weet ik helaas
niets meer.
FEngelen
>
>De onthulling van het "plagiaat" van Bomans heeft een jaartje of wat
geleden
>in Vrij Nederland gestaan (was niet op 1 april hoor) Verder weet ik helaas
>niets meer.
>
>FEngelen
>
Ik wel; het gedichtje heet "Spleen" (Eng.; milt: de zetel der
zwaarmoedigheid)
Rob
Er wordt altijd bijverteld: "naar het Duits van Friedrich Torberg)".
Verder wordt ook wel beweerd dat het van Michel van der Plas zou zijn,
ik denk dat dat een misverstand is, ontstaan doordat het verschenen is
in een door hem samengestelde bundel.
--
dik t. winter, cwi, kruislaan 413, 1098 sj amsterdam, nederland, +31205924131
home: bovenover 215, 1025 jn amsterdam, nederland; http://www.cwi.nl/~dik/
Je bedoelt toch niet deze? Geen hondjes achter dit vensterglas, geloof
ik. Wel zwaarmoedig...
(http://www.csusm.edu/public/Enigma/Poetry/Frost11.html)
Spleen
Sunday: this satisfied procession
Of definite Sunday faces;
Bonnets, silk hats, and conscious graces
In repetition that displaces
Your mental self-possession
By this unwarranted digression.
Evening, lights, and tea!
Children and cats in the alley;
Dejection unable to rally
Against this dull conspiracy.
And Life, a little bald and gray,
Languid, fastidious, and bland,
Waits, hat and gloves in hand,
Punctilious of tie and suit
(Somewhat impatient of delay)
On the doorstep of the Absolute.
- T. S. Eliot
January 1910
Groeten,
Boudewijn, Kox.
"I guarantee you that isn't true," said Mike Rinder, a top official for Scientology
>
>CSFE heeft geschreven in bericht <7e0itp$8cm$1...@news.telekabel.nl>...
>>
>
>>
>>De onthulling van het "plagiaat" van Bomans heeft een jaartje of wat
>geleden
>>in Vrij Nederland gestaan (was niet op 1 april hoor) Verder weet ik helaas
>>niets meer.
>>
>>FEngelen
>>
>Ik wel; het gedichtje heet "Spleen" (Eng.; milt: de zetel der
>zwaarmoedigheid)
Deze heeft in ieder geval een "window pane"...
(http://www.geocities.com/Athens/Acropolis/2012/poems/dowson01.html#5)
(For Arthur Symons)
I WAS not sorrowful, I could not weep,
And all my memories were put to sleep.
I watched the river grow more white and strange,
All day till evening I watched it change.
All day till evening I watched the rain
Beat wearily upon the window pane.
I was not sorrowful, but only tired
Of everything that ever I desired.
Her lips, her eyes, all day became to me
The shadow of a shadow utterly.
All day mine hunger for her heart became
Oblivion, until the evening came,
And left me sorrowful, inclined to weep,
With all my memories that could not sleep.
Ernest Dowson
There was a young lady of Ryde
Who ate some green apples and died
The apples fermented
Inside the lamented,
And made cider inside her inside
Auteur mij onbekend.
Feico Nater wrote:
> On Thu, 01 Apr 1999 10:14:31 +0200, Herman Elderson <h.eld...@wxs.nl> wrote in
> nl.taal:
>
> >> Ik lag laatst op mijn dakterras
> >> Mij stierlijk te vervelen
> >> Ik wou dat ik twee hondjes was
> >> Dan kon ik samen spelen
> >
> >Vermelding van de oorspronkelijke auteur ware wel zo netjes.
> >
> >Ik kende dit rijm reeds, wie was de ge'inspireerde poeet?
>
> Er is ooit een boekje uitgegeven met de titel "ik wou dat ik twee hondjes was"
> dat vol staat met gedichten die Droogstoppel niet zou waarderen. Ongetwijfeld
> staat de naam van de dichter daar ook in.
>
> Een zekere Achmad in Bagdad
> lag plat met zijn gat op zijn badmat.
> Hij las daar zijn dagblad
> en iedereen zag dat!
> 't Is raar maar in Bagdad daar mag dat.
>
> --
> Feico Nater
> http://home.wxs.nl/~taaleffect
> ----------
> Komm, holder Lenz, des Himmels Gabe, komm!
> Aus ihrem Todesschlaf erwecke die Natur.
--
Frans Boone
>het oorspronkelijke gedichtje was in het Engels.
Onwaarheid, twas duits.
>Helaas weet ik niet meer van wie.
Ik zou maar eens in de Duitse literatuur beginnen te zoeken. Achim von
Arnim bv.
--
Ruud Bruijnesteijn
SDS Sport.Data.Systems GmbH
Samengesteld door Vic van de Reijt, uitgegeven bij Bert Bakker. Een prachtige
opmerking uit het voorwoord:
"Het ongewild komische is weggelaten en daarmee het gehele oeuvre van
Elly de Waard, ...".
> Een zekere Achmad in Bagdad
> lag plat met zijn gat op zijn badmat.
> Hij las daar zijn dagblad
> en iedereen zag dat!
> 't Is raar maar in Bagdad daar mag dat.
Alex van der Heide.
Een fraai boekwerk inderdaad. Een oude, maar wel een van de mooiste is
van J.M.W. Scheltema, het heet Hosz Pit'a, en begint zo:
Hosz pit'a
Aggou jehosz pit'a
Dik kesgommelmettun toet
Hosz pit'a
Tibesz tehosz pit'a
Di debedde v'oron sdoet.
Segge seffe, worruw'ack kurd'an
Mottu nogwa tvan deb'ack kurd'an
Mottu melluk, mottek'ag gull'an
El ke 'og tente s'el lufte d"on.
En Coos Neetebeem mag natuurlijk niet ontbreken:
Rozen verwelken
En schepen vergaan
Dus lig niet te melken
Maar doe er wat aan
Die dus! Zoals ook deze:
Fabriken stehen Schlot an Schlot,
vorm Hurenhaus das Licht ist rot.
Ein blinder Bettler starrt zur Höh,
ein kleines Kind hat Gonorrhoe.
Eitrig der Mond vom Himmel trotzt.
Ein Dichter schreibt. Ein Leser kotzt.
Friedrich Torberg (1908-1979)
"Groszstadtlyrik"
> Inderdaad!
>
> Nou, dit is helemaal nieuw voor me, dat het uit het Engels zou komen.
> Maar dan ben ik heel benieuwd naar de oorspronkelijke tekst; zou het
> daar ook net speels klinken als in GB's vertaling?
>
> annelies
>
>
Ach, wie weet Annelies!!
Als je de juiste snaren kan raken moet dat lukken!!
>CSFE wrote:
>>
>> Geen sprake van. Godfried heeft het vertaald,
>Waarheid.
>
>>het oorspronkelijke gedichtje was in het Engels.
>Onwaarheid, twas duits.
>
>>Helaas weet ik niet meer van wie.
>Ik zou maar eens in de Duitse literatuur beginnen te zoeken. Achim von
>Arnim bv.
Je bedoelt vast deze niet:
http://www.stellenboschvillage.com/tourism.html
"Achim von Arnim se unieke ondergrondse kelder teen die berge van
Franschhoek is bekend vir sy reeks gehalte vonkelwyne gemaak van
Chardonnay en Pinot Noir. Van die seisoen se laaste pars word 'n
landgoedbrandewyn genaamd Fine de Jourdan gemaak. Na die distillering
in 'n antieke koper potketel, word die brandewyn vir drie jaar
verouder in die unieke, gewelfde kelder."
Maar deze wel:
http://gutenberg.aol.de/
http://gutenberg.aol.de/autoren/frames/arnim.htm
"(Ludwig) Achim von Arnim
Geboren am 26.1.1781 in Berlin; gestorben am 21.1.1831 in Wiepersdorf
/ Kreis Juterborg."
Helaas kon ik zo gauw geen teksten vinden die iets met het betreffende
gedichtje te maken lijken te hebben. Was het een kinderversje?
Nou, zoals we intussen elders al leerden was het van Torberg, maar in
het kader van de zelfwerkzaamheid zet ik mensen liefst niet al te ver op
het goede spoor.
Me schoot zo snel geen eerdere 'A' dan von Arnim te binnen...
>Boudewijn van Ingen wrote:
Ik had natuurlijk ook al naar een geschikt gedicht van Torberg
gezocht. Maar niets gevonden, wat met "twee hondjes" te maken had.
Die "Groszstadtlyrik" had ik ook al gezien, ja. Ik wil best vrij
"zelfwerkzaam" zijn, verder, maar een titel lijkt me wel het minste.
Ik heb geen zin om alles van Torberg door te lezen op zoek naar die
twee hondjes.
Toch wil ik nog steeds meer weten over de achtergronden van dit
gedichtje.
Ik weet niet eens zeker of het ooit onder Godfried Bomans' naam is
gepubliceerd (heb ik nog niet eens na gezocht, sorry), maar ik ben
geintrigeerd door de gedachte dat het weleens plagiaat zou kunnen
zijn.
Inmiddels heb ik dus iets van Ernest Dowson gevonden wat op zijn minst
lijkt op twee van de vier regels die ik gezien heb. Maar ik ben ervan
overtuigd dat dat onvoldoende is om de "clou" van de Nederlandstalige
versie te verklaren.
Een kleine "clue" die mijn search-engine zou kunnen helpen om het
juiste gedicht te kunnen vinden zou ik zeker op prijs stellen...
Bij voorbaat dank...
Begin er maar aan, dan komt de zin vanzelf wel!
<Knip>
> Een kleine "clue" die mijn search-engine zou kunnen helpen om het
> juiste gedicht te kunnen vinden zou ik zeker op prijs stellen...
Die 'search engine' kan je vergeten, een 'suchmachine' komt al wat
verder. Hoewel ik het gedicht in kwestie niet op het net gevonden heb.
Het staat in de bundel.... eh... scheisse^h^h^hbe, waar heb ik die...
het was een boek vol krantenpoezie, kleine stukjes van kort voor de
oorlog (de tweede).
We zullen eens gaan kijken bij onze Weense vrienden... U hoort nog van
mij.
Is de oorspronkelijke tekst van de vermoedelijk Duitse dichter nog
steeds niet achterhaald of heb ik iets gemist?
groeten,
annelies
Ik zat er ook nog op te wachten, dus ben zelf maar eens gaan
zoeken (webfretje laten zoeken, dat is - zie www.ferretsoft.com)
Ik vind op het web verwijzingen naar het gedichtje als: "Spleen".
Ik vermoed dat dat "Spelen" moet zijn.
De oogst:
Torberg, Friedrich (eigentl. F. Kantor),
* 16. 9. 1908 Wien, † 10. 11. 1979
Erzähler, Essayist und Kritiker. Bis 1938 als Publizist und
Theaterkritiker in Prag und Wien tätig, flüchtete über die
Schweiz nach Frankreich, 1940 in die USA, wo er als Drehbuchautor
in Hollywood und New York lebte, 1951 Rückkehr nach Wien
(selectief geciteerd www.aeiou.at/aeiou.encyclop.t/t609865.htm)
Wat ik ook vind, is dat hij betrokken is geweest bij de
heruitgave van "Franz Mittler: Gesammelte Schüttelreime"
En als ik kijk naar wat "Schüttelreime" zijn, dan zou het wel
eens daarvandaan kunnen komen.
(met uitleg: http://www.ub.fu-berlin.de/~goerdten/stinde69.html)
Voorbeeld van een "Schüttelreim" (stukje geciteerd)
Beispiele. Sonnenwende - Wonnen sende, Klagesang - Sage klang,
Wangenpracht - Prangen wacht, Krieg sehnen - Sieg krönen, Weben
Lieder - Leben wieder, Feierlichst - Leier fichst.
Kleiden wir die zum Verse gehörigen, fehlenden Worte in Versfüße
ein, so entstehen nun daraus folgende Verse:
Daß um die Zeit der Sonnenwende
Der Sommer neue Wonnen sende.
Und wie aus alter Sage klang
Sein schwermutvoller Klagesang.
In rosig zarter Wangen Pracht
Der Unschuld ganzes Prangen wacht.
Die nach gerechtem Krieg sich sehnen,
Sie werden mit dem Sieg sich krönen.
Laß mich, Apollo, leben wieder,
Zu Deinem Ruhm mich weben Lieder.
Wenn Du für Deine Leier fichst,
So thu' es ernst und feierlichst.
--
Christa
Toch is 'r kauw jonger
Spleen is goed. Bomans baseerde zich op een Duits versje van Friedrich
Torberg, hij vertaalde of bewerkte het.
Ik vond op http://speelpenning.com/quotes.htm
Ik zit mij voor het vensterglas
onnoemelijk te vervelen.
Ik wou dat ik twee hondjes was
dan kon ik samen spelen.
-- Godfried Bomans
I sit at home and I'm so bored -
it is such lousy weather.
I wish I were two little dogs,
so I could play together.
Source: poem "Spleen" by Godfried Bomans(1913-1971), undertitled: "naar
het Duits van Friedrich Torberg" (after the German by Friedrich
Torberg). English translation by Bert Speelpenning 1998. I have never
seen the version by Torberg (1908-1979).
Copernic bracht me op http://www.aeiou.at/aeiou.encyclop.t/t609865.htm
met foto van:
Torberg, Friedrich (eigentl. F. Kantor), * 16. 9. 1908 Wien, † 10. 11.
1979 ebd., Erzähler, Essayist und Kritiker. Bis 1938 als Publizist und
Theaterkritiker in Prag und Wien tätig, flüchtete über die Schweiz nach
Frankreich, 1940 in die USA, wo er als Drehbuchautor in Hollywood und
New York lebte, 1951 Rückkehr nach Wien; 1954-65 Hg. der satir.
Monatsschrift "Forum". T. Bekanntheit gründet sich v. a. auf den Roman
"Der Schüler Gerber hat absolviert" (1930, 1954 unter dem Titel "Der
Schüler Gerber"), in dem er das Psychogramm eines Gymnasiasten bis zu
dessen Selbstmord entwirft. In den beiden Erzählbänden um die "Tante
Jolesch" ("Die Tante Jolesch oder Der Untergang des Abendlandes in
Anekdoten", 1975, und "Die Erben der Tante Jolesch", 1978) erinnert er
sich pointenreich-satirisch an die versunkene Welt des jüd. Bürgertums
der Zwischenkriegszeit. Ö. Staatspreis 1979.
Werke: Romane: ... und glauben, es wäre die Liebe, 1932; Die Mannschaft,
1935; Hier bin ich, mein Vater, 1948; Die zweite Begegnung, 1950;
Süßkind von Trimberg, 1972. Kritiken, Parodien, Erinnerungen: PPP
(Pamphlete, Parodien, Post-Scripta), 1962; Das fünfte Rad am
Thespiskarren, 3 Bde., 1966/67; Pegasus im Joch, 1983; Der letzte Ritt
des Jockeys Matteo, 1985. Übersetzer von E. Kishon.
Literatur: F. Tichy, F. T. Ein Leben aus der Welt von einst, 1990; NÖB.
Het oorspronkelijk Duitse gedicht heb ik helaas ook niet gevonden.
Een paar jaar geleden maakte ik een variant met jongens in plaats van
hondjes, leek me leuker. Werd het toch niet. Weggegooid.
Vraag het ook eens in nl.kunst.literatuur Daar weten enkele mensen
veel.
Gerard C Kool
http://www.casema.net/~gckool/
roze gedichten en verhalen
gck...@NOTcasema.net verwijder NOT uit het adres
>Ik vind op het web verwijzingen naar het gedichtje als: "Spleen".
>Ik vermoed dat dat "Spelen" moet zijn.
Integendeel, ik denk juist dat je op het goede spoor zit.
Ik herinner me van vroeger een ietwat treurig gedichtje, dat Spleen
heette (van Piet Paaltjens?? of misschien was het het gezochte versje
wel).
Spleen (VD11, p.2682) = half-ironische naam voor een lichte
depressieve gemoedsgesteldheid waarin men met zichzelf niet goed raad
weet. - het spleen hebben - aan het spleen lijden
+ een dichtregel van Van Schendel.
Kanttekening bij VanDale's formulering: ik denk zelf dat 'lichte' hier
'licht' moet zijn; licht depressieve gemoedsgesteldheid.
Ik heb Newsferret ook; hoe/waar vond je 'spleen'?
groeten,
annelies
>Ik heb Newsferret ook; hoe/waar vond je 'spleen'?
Ik vond niet 'spleen', dat is: ik vond wel onnoemelijk veel (meer
dan 500 dus) vermeldingen van spleen, maar dan betekent het wat
anders <grijns>
Als je zoekt op "Friedrich Torberg", dan vind je 'e'en pagina
over Godfried Bomans. Helemaal onderaan die pagina vind je een
verwijzing naar "spleen". En op een andere pagina (quotes als ik
me niet vergis, spelenbrink?) vind je dan "spleen" terug.
Ik geloof trouwens dat wij het begrip 'Schüttelreim' niet kennen.
> Is de oorspronkelijke tekst van de vermoedelijk Duitse dichter nog
> steeds niet achterhaald of heb ik iets gemist?
Vervang vermoedelijk door zeker.
Inmiddels is in Wenen een gerichte speurtocht door de omvangrijke
nalatenschap van Friedrich Torberg gestart.
Wij melden ons zodra we van onze bronnen iets vernomen hebben.
>In article <3707362b...@newsreader.euronet.nl> peer.m...@euronet.nl (Peter Koopman) writes:
> > >> Ik lag laatst op mijn dakterras
> > >> Mij stierlijk te vervelen
> > >> Ik wou dat ik twee hondjes was
> > >> Dan kon ik samen spelen
>...
> > Godfried Bomans, en hij lag niet op een dakterras maar zat voor het
> > vensterglas en hij verveelde zich niet stierlijk maar onnoemelijk.
>
>Er wordt altijd bijverteld: "naar het Duits van Friedrich Torberg)".
>Verder wordt ook wel beweerd dat het van Michel van der Plas zou zijn,
>ik denk dat dat een misverstand is, ontstaan doordat het verschenen is
>in een door hem samengestelde bundel.
Jij zit volgens mij het dichst bij het goede antwoord:
Uit: Michel van der Plas: van veel te veel een spaarzaam deel / Frank
Verhallen:
"Michel van der Plas is begin jaren vijftig al goed bevriend met
Godfried Bomans. Die heeft dan reeds naaam gemaakt met zijn (...)
toneelstuk Bloed en Liefde, en met boeken als Pieter Bas, Erik of Het
klein insectenboek, Sprookjes en Kopstukken. Maar gedichten schreef
hij niet. Michel van der Plas vertaalt voor zijn bloemlezing een
humoristisch versje dat hij uit het Duits kent. Als grap publiceert
hij het niet anoniem, maar hij schrijft het weg onder de naam...
Godfried Bomans.
Spleen
Ik zit mij voor het vensterglas
onnoemelijk te vervelen.
Ik wou dat ik twee hondjes was,
dat kon ik samen spelen.
Godfried Bomans laat zich het auteursschap graag aanleunen. Hij zwijgt
er later zelfs tegen zijn vriend (Plas, rvb), al refereert hij in Van
der Plas' aanwezigheid nog weleens geheimzinnig aan zijn 'vermaarde
poëtische oeuvre'.
In 1978 beschuldigt het weekblad Vrij Nederland Bomans van postuum van
plagiaat. Men heeft ontdekt dat niet hij, maar de Oostenrijkse
schrijver Friedrich Torberg de geestelijk vader is van 'Ich mochte
gern zwei kleine Hunde sein und miteinander spielen...'
Bomans overleed eind 1971. Als hij nog had geleefd, zou hij zelfs op
dat moment niet hebben onthuld hoe het nu precies in elkaar stak. Dat
was kenmerkend voor deze auteur, die immers zeer verknocht was aan
zulke mystificaties. Dit voorval typeert tevens Michel van der Plas,
die zich altijd vrij eenvoudig naar de achtergrond liet dringen -
gewild, maar soms ook ongewild. Daardoor kwamen anderen weleens te
veel en hem zelf dikwijls te weinig eer toe.
Zo stond Bomans dus ten onrechte bekend als de 'bewerker' van dit
gedichtje."
---
Het citaat waarmee deze thread begon, klopte dus trouwens niet
helemaal.
groet,
Richard
>Spleen
>
>Ik zit mij voor het vensterglas
>onnoemelijk te vervelen.
>Ik wou dat ik twee hondjes was,
>dat kon ik samen spelen.
>......... typeert tevens Michel van der Plas, die zich altijd vrij eenvoudig naar de achtergrond liet dringen -
>Zo stond Bomans dus ten onrechte bekend als de 'bewerker' van dit
>gedichtje."
En zo zijn we allemaal precies op de hoogte.
Hartelijk dank.
annelies
Vandaag hoorde ik nog een Kopstukkie op de radio. (Nee, niet op
de draadomroep, helaas: in de auto.) Over verstrooid winkelen.
Tegen de tijd dat oom Frits zijn vrouw in Spanje ontwinkelvoerde
schudde mijn auto al vervaarlijk, maar na de begrafenis was mijn
standaarddeviatie zodanig opgelopen dat ik eigenlijk van de weg
gehaald had moeten worden.
</pe>
>Eerder bevreemdend (op de hoger aangeduide webbladzijde) vond ik de zin: "De
>cassette onderscheidt zich doordat hij de drie woordenboeken zodanig
>bijeenhoudt dat ze er snel en makkelijk uit te nemen zijn."
>
>De term 'cassette' werd weliswaar niet opgenomen in GB54 en GB90 stelt:
>"=cassette=, de, cassetten, cassettes.", maar de 'Herziene Woordenlijst'
>(HGB90) meende nog: "{dropje} =cassette=, v. (m.), -n /of/ -s." (HGB90,
>blz.165).
>
>'Cassette' als 'hij-woord' lijkt wel een omgekeerd geval van de hier al
>eerder vermelde zgn. 'vervrouwelijking van woorden' te zijn.
>
>Weet iemand wat hier aan de hand is?
Je schijnt aan niet als vrouwelijk herkende woorden te mogen refereren met "hij" en zijn
afgeleide vormen ("De koe en zijn uiers" gaat mij persoonlijk te ver). Vandaar ook het
/(m.) achter de v .
Overigens moet me van het hart dat Van Dale op veel te dik papier wordt gedrukt. Tot de
10de druk werd papier gebruikt dat 1/3 dunner was dan het sindsdien gebruikte. De inhoud
van Van Dale past makkelijk in twee delen; bij een iets groter formaat zelfs in één -- al
zou dat misschien wat moeilijk hanteerbaar zijn.