Hrabal op TV

5 views
Skip to first unread message

Frank Lekens

unread,
Nov 22, 2000, 3:00:00 AM11/22/00
to
Komende zondag is in "Het uur van de wolf" een documentaire over Bohumil
Hrabal te zien. In de VPRO-gids van deze week staat ook een aardig
artikel over Hrabal. Ik hoop dat het meer mensen nieuwsgierig maakt naar
zijn werk.

Toevallig, want onlangs hadden we het in deze groep ook al over Hrabal.
Om daar nog even op in te gaan:

In article <1ej4c4k.1un...@ip195-86-48-193.dyn.wirehub.net>,
arth...@xs4all.nl says...
> Frank Lekens <kraz...@operamail.invalid> wrote:
>
> > 1) Bohumil Hrabal, "Al te luide eenzaamheid"
>
> Toevallig ben ik gisteren ook aan een Hrabal begonnen: _Ik heb de koning
> van Engeland bediend_.
>
> > Bij eerste aanblik ziet Hrabals proza er niet erg uitnodigend
> > uit. Dichbedrukte bladzijden zonder indeling in alinea's, met ellenlange
> > zitten. Maar het zijn niet heel ingewikkelde zinnen: het zijn vaak
> > slechts meerdere zinnen waartussen de punt is vervangen door een komma,
> > om zo een wat ademloze stijl te creëren. Een stijl die het denken
> > nabootst van de boekverbrander
>
> Idem dito. Alleen is de denker hier een piccolo. En een dwerg. Hij wil
> vooral veel geld verdienen, want dat ziet hij als zijn enige middel tot
> de maatschappelijke erkenning waarnaar hij streeft.
>
> De vergelijking met _De Dwerg_ van Per Lagerkvist is snel gemaakt en
> valt vooralsnog uit in het nadeel van Hrabal. Ik vind die 'automatische'
> stijl van hem een beetje vermoeiend. Vaak heb ik moeite mijn gedachten
> erbij te houden en omdat die zinnen zo lang zijn, moet ik dan, of een
> heel eind terug naar het begin van de zin, of verder gaan met de
> tussenzin waar ik was blijven hangen, met het risico dat ik even
> verderop weer struikel, omdat je uit het ritme van die zin bent en een
> stukje context mist, waarna je, of alsnog terug naar de bron van de zin
> gaat, of denkt, laat maar zitten verder, ik lees gewoon door, dan mis ik
> maar iets, en als ik daardoor steeds minder geduldig lees en steeds
> minder registreer, dan is dat niet mijn schuld maar de schuld van meneer
> de schrijver, met z'n artistiek verantwoorde stream of someone else's
> consciousness.

Als je dat zo'n groot bezwaar vindt, had je dit boek misschien in de
Engelse vertaling moeten lezen. Ik vond "I served the king of England"
een paar weken geleden in de ramsj, en heb het toen ook gelezen. Ik vond
het ook wat minder dan andere boeken van Hrabal die ik gelezen heb -
maar vond het juist wel *toegankelijker*. Zijn stijl leek
conventioneler: kortere zinnen, kortere alinea's, alles veel
overzichtelijker.
Op den duur werd ik wantrouwend. Ik leende de Nederlandse
vertaling van dezelfde roman uit de bibliotheek, en wat bleek? Die
versie had wel de typische meanderende Hrabaliaanse stijl van soms
pagina's lange zinnen. Als er niet twee duidelijk verschillende
Tsjechische versies van het boek bestaan, dan heeft de Engelse vertaler
de tekst gewoon op eigen houtje zitten opschonen en normaliseren.
Ik heb wel vaker de indruk dat bij vertalers naar het Engels toe
de eis van het komen tot een *mooie* vertaling vaak wat zwaarder weegt
dan die van een *getrouwe* vertaling. Misschien deels doordat
buitenlandse boeken zo al moeilijk genoeg verkopen op de Engelstalige
markt.
Maar in dit geval heeft de vertaler het wel erg bont gemaakt.
Niet dat het een slechte vertaler is, overigens: het boek leest als een
trein, het is heel vlot vertaald. En ik heb het niet uitgebreid
onderzocht, maar ik kreeg de indruk dat het *verder* ook best getrouw
vertaald was. Alleen de interpunctie was (in mijn ogen) ontoelaatbaar
aangepast. Als je Ulysses vertaalt, ga je in het laatste hoofdstuk toch
ook een interpunctie toevoegen "omdat dat wat makkelijker leest".

En nu we het dan toch over de vertalingen hebben: de vertalingen van
Hrabals werk door Kees Mercks vind ik werkelijk schitterend. Zijn
heerlijk soepele en idiomatische teksten dragen voor een groot deel bij
aan mijn leesplezier. De nauwgezetheid van de vertalingen kan ik
moeilijk beoordelen - maar je zou denken dat dat haast wel snor *moet*
zitten bij iemand die zo *mooi* vertaalt!

O ja, en nog over Hrabals stijl: ik raak ook wel eens de weg kwijt in
zijn zinnen. Maar ik blader zelden terug, omdat ik nooit echt het gevoel
heb iets verschrikkelijk belangrijks te missen. Het is niet zozeer een
pretentieuze stream-of-consciousness-achtige woordenstroom, als wel de
woordenstroom van een verteller in het café. Mis je een detail, dan
wordt dat wel weer goedgemaakt door een sappig detail dat er meteen op
volgt.
En in het voorwoord bij "Vita Nuova" houdt Hrabal zelf ook een
pleidooi voor wat hij "diagonaal lezen" noemt. Het is een voorbeeld van
een zekere nonchalance met betrekking tot de tekst die ik wel eens
verfrissend vind. Het is weer eens wat anders dan "Er kan geen mus van
het dak vallen of het betekent iets". Nee, lees er maar gewoon op los.
Lees desnoods de helft, of sla telkens een bladzij over, kan niet
bommen.

> De vele absurde situaties zijn wel vermakelijk, maar doen toch wat
> plichtmatig aan. Zoals Nederlandse schrijvers geacht worden zich aan
> eindeloze beschrijvingen te buiten te gaan, zo lijkt het alsof de
> Tsjechische schrijvers hun quota surrealisme moeten halen. Het zal wel
> niet zo zijn, maar dat is de indruk die ik krijg bij het lezen van _Ik
> heb de koning van Engeland bediend_.

Je moet het zelf weten, maar mijn raad is toch om Hrabal nog een
herkansing te geven. Dan niet zozeer met de Engelse vertaling van
hetzelfde boek, maar met de Nederlandse vertaling van met name "Al te
luide eenzaamheid" (in een bundel van drie novellen die althans tot voor
kort nog bij De Slegte lag). Goede kans dat je dan misschien toch nog
gegrepen wordt.

Ik zal niet zeggen dat zijn verdere werk helemaal verstoken is van
neigingen tot surrealisme of (een soort van) "magisch realisme". Maar
het is allemaal wat minder opgelegd dan "Ik heb de koning van Engeland
bediend". De andere novellen en romans die ik gelezen heb (Gekortwiekt,
Het dorpje waar de tijd stil is blijven staan en Trouwpartijen thuis)
hadden allemaal meer een autobiografische inslag. (In zekere zin geldt
dat ook voor "Al te luide eenzaamheid", waarvan de hoofdpersoon in
"Trouwpartijen thuis" opduikt als een kennis van Hrabal.) "Ik heb de
koning van Engeland bediend" is meer een geconstrueerde, verzonnen roman
die een doelbewuste poging lijkt te doen om op symbolische wijze iets
over de geschiedenis van Tsjechoslowakije te zeggen (maar wat
precies??). Het doet inderdaad allemaal een beetje geforceerd aan - het
is het sterkst in bepaalde passages waarin je de rest van de roman
vergeet en alleen het moment beleeft. Maar als geheel is het niet erg
geslaagd.

Passagewerk, episodisch, genieten van het moment, terloopsheid,
nonchalante montages - dat zijn de steekwoorden als ik Hrabals proza zou
moeten kenschetsen. De spontaniteit en vitaliteit van zijn woordenstroom
is belangrijker dan enige narratieve lijn (die er meestal ook wel in
zit, maar niet zo nadrukkelijk). Het is een woordenvloed waar je in
duikt zonder je te bekommeren waar je uitkomt, precies zoals "dr.
Hrabal" in die verhalen ook zo vaak het water induikt om zich even te
verfrissen.
Wat ook anders is aan "Ik heb de koning van Engeland bediend" is
dat het minder positief van toon is. Wat me in Hrabals werk vooral zo
treft is de constante blijde toon, die sterke *wil* om er ondanks al de
tegenwerkende omstandigheden wat van te maken, ergens iets moois in te
blijven zien. Zoals ze in de VPRO-gids iemand citeren:

In de documentaire zegt iemand dat hij zich niet kan voorstellen
dat er maar één mens op aarde rondloopt waar Hrabal niet van
hield. Dat klinkt ontzettend soft, maar het is wél zo. Dat blijkt
uit zijn werk. Die man heeft het vermogen om in iedereen iets
moois, iets waardevols te zien.

Zoiets ben je, na al die vervreemding en onthechting in de twintigste-
eeuwse literatuur, haast ontwend. En dat voor iemand uit het land van
Kafka...
--
Frank Lekens
operamail.com is where it's really @

Arthur van Kruining

unread,
Nov 24, 2000, 3:00:00 AM11/24/00
to
Frank Lekens <kraz...@operamail.invalid> wrote:

> En in het voorwoord bij "Vita Nuova" houdt Hrabal zelf ook een
> pleidooi voor wat hij "diagonaal lezen" noemt. Het is een voorbeeld van
> een zekere nonchalance met betrekking tot de tekst die ik wel eens
> verfrissend vind. Het is weer eens wat anders dan "Er kan geen mus van
> het dak vallen of het betekent iets". Nee, lees er maar gewoon op los.
> Lees desnoods de helft, of sla telkens een bladzij over, kan niet
> bommen.

Precies. Desnoods lees je alleen de lidwoorden. Moet allemaal kunnen.
Alleen... ik doe het nooit. Kentnietovermehartverkrijge. Laatst ook
weer, met een boek van Jacques Cazotte (die was wat zotte, zat in 't
cachotte, stond op 't schavotte, ging toen kapotte, en bleef verrotte,
tot op z'n botte). De Folio-editie van zijn hoofdwerk _Le Diable
amoureux_ bevat behalve die novelle nog meer dan 200 pagina's aan ander
Cazotte-materiaal. En ik dacht, nou daar heb ik niet zo'n zin in, want
als Mario Praz _Le Diable amoureux_ al niks vindt (zeer onterecht
overigens), dan zal de rest niet veel soeps zijn. Een pennacistische
diagonaallezer zou zo'n boek dan rustig halfgelezen in de kast kunnen
zetten. Ik niet. Kon het niet over mijn hart verkrijgen en las gewoon
stug door--er is tenslotte voor dat boek betaald! En, lo, mijn moeite
werd beloond, want het gevreesde verhaal, _Ollivier_, dat er zelfs in
het voorwoord van langs kreeg, bleek op een bizarre, chaotische manier
ontzettend leuk te zijn. Het is begrijpelijk dat de moderne kritiek
korte metten met zo'n werk maakt, maar toen ik het las begreep ik ook
dat het destijds, in 1763, een onverbiddelijke bestseller was.

En, zo te zien, evenals _Le Diable amoureux_, behoorlijk invloedrijk.
_Ollivier_ haakt in op de populariteit van Ariosto's _Orlando Furioso_,
die na 1750 enorm toenam. (Waarom weet ik eigenlijk niet zo goed.) Het
gaat over een schildknaap die de dochter van zijn graaf zwanger maakt.
De schildknaap moet het kasteel ontvluchten, de graaf moet op
kruistocht, zijn Lady Macbeth van een tweede vrouw laat haar onteerde
stiefdochter in een kerker opsluiten, enz. enz. En dat is nog maar de
eerste zang. Cazotte leukt zijn heldendicht à la Ariosto op door
fantastische elementen toe te voegen uit de wereld van het sprookje, die
(althans voor de Fransen) rond 1700 openging met behulp van Perrault, La
Fontaine en, niet te vergeten, Gallands vertaling van de _1001 Nacht_.
De toon is ironisch, soms zelfs op het grollerige af (net als bij Sterne
wordt ook hier de dubbelzinnige neuzengrap niet geschuwd). Daarentegen
zijn de spannend bedoelde bovennatuurlijke scenes, zoals het gevecht met
de boze geesten in het spookkasteel, ook echt spannend. Het geheel maakt
een uiterst stuurloze indruk, maar wat bomt dat bij zo'n onderhoudend en
pretentieloos stukje ontspanningslectuur.

Ik vraag me af of Mario Praz _Ollivier_ heeft gelezen. Denk 't niet,
want anders zou hij veel meer aandacht aan Cazotte hebben besteed, en
niet een enkel denigrerend regeltje in _Het Verdrag met de Slang_.
(Misschien bespreekt Praz hem uitgebreider in, het door mij niet bezeten
noch gelezen, _The Romantic Agony_?) _Ollivier_ verscheen, zoals gezegd,
in 1763, en was , zoals ook al gezegd, een commercieel succes. En net
als tegenwoordig is succes verzekerd van imitaties. Ik zou Walpole's
_Castle of Otranto_ (1764) niet direct een imitatie noemen, maar er zijn
teveel overeenkomsten met _Ollivier_ om een grondige beïnvloeding uit te
sluiten: de toon, de periode, de vele verwikkelingen, het thema van de
achtervolgde maagd. Het belangrijkste verschil is misschien de setting:
waar de personages van Cazotte de halve aardbol afstruinen, blijven die
van Walpole in en rond het kasteel hangen. Vermoedelijk zag Walpole waar
het bij _Ollivier_ aan schortte (teveel verhaallijnen verspreid over
teveel locaties, waardoor het lijkt of je vier boeken tegelijk zit te
lezen) en concludeerde hij dat je zo'n pakkend verhaal met een overdosis
verwikkelingen in één plaats moet situeren, wil je er een hecht geheel
van maken.

Als je het zo bekijkt, en geef me eens één goede reden waarom je dat
niet zou doen, dan is de 'gothic novel' feitelijk ontstaan uit de
technische mislukking van _Ollivier_.

Maar *de* kenner van dat genre, voornoemde meneer Praz, noemt Cazotte
een "onbeduidende voorloper"... Tsk. Wat een eikel, zeg!

En dan loopt-ie volgens hem niet eens voor op Walpole, maar op Matthew
Lewis, schrijver van het grandioze _The Monk_ (1796), één van de 5 beste
boeken die ik dit jaar heb gelezen; 19-jarige leeftijd geschreven in een
periode van 3,5 maand, in de Britse ambassade te 's Gravenhage! De
invloed van _Le Diable amoureux_ op _The Monk_ is overduidelijk, dat
weet zelfs een meisje en dus ook meneer Praz. Het aardige is dat Lewis
in een "advertisement" keurig zijn inspiratiebronnen kenbaar maakt, maar
daarbij compleet 'vergeet' Cazotte te noemen--nochtans zijn grootste
bron! "I have now made a full avowal of all the plagiarisms of which I
am aware myself; but I doubt not, many more may be found, of which I am
at present totally unconscious." Yeah, right! De schavuit! Net doen
alsof hij heel eerlijk en open is en zo de aandacht van het werkelijke
plagiaat af te leiden. En mocht het aan het licht komen, dan kon hij
altijd, met die advertentie als 'bewijs', beweren dat het jatwerk
onbewust was.

Lewis ontkende zelfs _Le Diable amoureux_ gelezen te hebben.
Waarschijnlijk ook omdat hij bang was dat men verder in die richting zou
gaan wroeten en men zou ontdekken dat Lewis ook het nodige uit Cazotte's
_Ollivier_ had 'geleend'. In essentie is _The Monk_ een combinatie van
_Le Diable amoureux_ en _Ollivier_. (De achtervolgde maagd van _The
Monk_ heeft zelfs dezelfde naam als die van _Ollivier_.) Wie _Ollivier_
niet gelezen heeft, zoals blijkbaar meneer Praz, ziet dit niet, en is,
zoals meneer Praz, geneigd om Cazotte onder en Lewis over te waarderen.
Althans, waar het gaat om originaliteit, want _The Monk_ is in de meeste
opzichten veel beter _Le Diable amoureux_. Intellectueel gezien is _Le
Diable amoureux_ interessanter, omdat het verhaal zich voor meerdere
interpretaties leent. Van _Le Diable amoureux_ gooit Lewis het
allegorische aspect weg en behoudt hij de sensationele, horrorachtige
elementen, die hij in de plaats zet van de sprookjesachtige elementen
van _Ollivier_, waarvan hij de spektaculaire vorm behoudt.

Net als bij _Ollivier_ dreigt bij Lewis' brouwsel de chaos. Maar het
probleem dat Walpole oploste door voor één specifieke locatie te kiezen,
loste Lewis op door het boek twee keer zo dik te maken. Op die manier
zat hij niet aan een kasteel vastgebakken en kon hij de actie lekker
verplaatsen zonder dat het geheel al te gefragmenteerd werd, domweg
omdat de fragmenten op zich minstens zolang waren als dat hele _Castle
of Otranto_!

Maar ik dwaal af. We waren bij Hrabal:


> "Ik heb de
> koning van Engeland bediend" is meer een geconstrueerde, verzonnen roman
> die een doelbewuste poging lijkt te doen om op symbolische wijze iets
> over de geschiedenis van Tsjechoslowakije te zeggen (maar wat
> precies??).

Ja, kijk, dat is dan weer een nadeel van diagoneellezen. Je mist het één
en ander. En dan moeten wij noeste lezers die luie donders weer
bijspijkeren! Nou goed, onder en boven de diagonalen leek Hrabal te
willen zeggen dat de weg der geschiedenis nog zo mag slingeren, er is en
blijft één constante: de wil van de mensch om zich van anderen te
onderscheiden. De universaliteit van die wil geeft Hrabal aan door hem
te openbaren daar waar je hem het minst verwacht: de wereld van het
bedienend personeel. Zelfs (of misschien wel juist) onze held, de
kleinste in statuur en status, kent de behoefte om zich op één of andere
manier beter te voelen dan de rest. Het communisme ontkent die
natuurlijke aandrang en is daarom tot mislukken gedoemd. Dat dit niet
juichend wordt geconstateerd, blijkt uit de vriendschappelijke, doch
langzaam maar zeker desintegrerende verhouding met de man die het
socialisme symboliseert: de vrijgevige collega-ober Zdének. Het boek
gaat eigenlijk over het verlies van idealen en de ironie dat de
bereikbaarheid van het persoonlijke ideaal (hoteleigenaar worden)
omgekeerd evenredig lijkt met die van het gemeenschappelijke ideaal
(gelijkheid blijheid). Op het laatst zie je de spanning tussen die
idealen terug in de weg van het dorp naar het afgelegen huisje van de
dwerg. De ik-figuur kan en wil niet voor het totale isolement kiezen,
maar evenmin voor de gemeenschap. Hij zoekt een gulden middenweg, hij
wil best naar het dorp, maar het dorp moet ook naar hem toekomen;
socialisme, OK, maar dan wel met een menselijk gezicht, met oog voor het
individu, a.u.b.

> Wat ook anders is aan "Ik heb de koning van Engeland bediend" is
> dat het minder positief van toon is.

Mwah, zo negatief vond ik het niet. Goed, er gebeuren een hoop trieste
dingen, maar de grondtoon is vrij optimistisch. Die dwerg blijft geen
moment bij de pakken neerzitten. Hij heeft een doel, waardoor hij
gemotoriseerd door het leven gaat, en of dat doel nu bereikt wordt of
niet, maakt uiteindelijk weinig uit. Het gaat, clichéalarmfase 3, om De
Reis, en dientengevolge om de "ongelofelijke dingen die een feit
worden". Een pleidooi derhalve om toch maar idealen te blijven
nastreven, ook al zijn ze nog zo onbereikbaar. Want wat er wel bereikt
wordt, is nog altijd beter dan niets. Met een Ethiopische onderscheiding
kun je de rest van je leven pronken. (Behalve als je 'm kwijtraakt door
diefstal of onoplettendheid.)

U groet,
Arthur.

Samuel Vriezen

unread,
Nov 24, 2000, 3:00:00 AM11/24/00
to
On Wed, 22 Nov 2000 15:27:57 +0100, Frank Lekens
<kraz...@operamail.invalid> wrote:

> En in het voorwoord bij "Vita Nuova" houdt Hrabal zelf ook een
>pleidooi voor wat hij "diagonaal lezen" noemt. Het is een voorbeeld van
>een zekere nonchalance met betrekking tot de tekst die ik wel eens
>verfrissend vind. Het is weer eens wat anders dan "Er kan geen mus van
>het dak vallen of het betekent iets". Nee, lees er maar gewoon op los.
>Lees desnoods de helft, of sla telkens een bladzij over, kan niet
>bommen.

Interessant.

Waarom is zo'n manier van genieten zo gebruikelijk in de beeldende
kunst en niet in de literatuur? Vast omdat literatuur lineair is. Er
zijn voor mij maar weinig teksten waar dit diagonale echt van pas
komt: meestal de boeken van John Cage, die komen het best tot hun
recht als je ze zo af te toe oppakt, doorbladert, hier en daar een
paar bladzijden leest. Of als je ze voorleest, quasi-ceremonieel,
quasi-lezing.

Zelfs zo'n boek als Stein's 'The Making of Americans' wat ik na enkele
maanden pauze weer heb opgepakt - de beschrijvingen die ik lees van
Hrabal's werk doen me nadrukkelijk aan dit boek denken - wil ik,
ondanks de ellenlange zinnen, de eindeloze herhalingen en het extreem
trage tempo (bestaat er een trager boek dan dit?) elk woord lezen. Ik
ervaar elk woord als onmisbaar, merk dat als mijn aandacht bij een
halve zin verslapt ik mezelf dwing terug te gaan omdat anders de
stroom onlogisch wordt. Het is een 'slow history', en je moet blijven
opletten:

'Every one always is repeating the whole of them. Always, one having
loving repeating to getting completed understanding must have to them
an open feeling, a sense for all the slightest variations in
repeating, must never lose themselves so in the solid steadiness of
all repeating that they do not hear the slightest variation. If they
get deadened by the steady pounding of repeating they will not learn
from each one even though each one always is repeating the whole of
them they will not learn the completed history of them, they will not
know the being really in them.'

Muziek wordt ook zelden gedetailleerd beluisterd, maar dat komt omdat
veel mensen geen geconcentreerde luistervaardigheid hebben ontwikkeld.


--
Samuel

Anemic cinema

- Rrose Sélavy

marcel raman

unread,
Nov 24, 2000, 1:02:11 PM11/24/00
to

Arthur van Kruining <arth...@xs4all.nl> schreef in berichtnieuws

>
>
> (Misschien bespreekt Praz hem uitgebreider in, het door mij niet bezeten
> noch gelezen, _The Romantic Agony_?) _

Cazotte wordt er tweemaal in vermeld.
Indien geïnteresseerd typ ik de passages hier voor u over.


--
marcel raman

http://users.pandora.be/m.r-f.x.gcv


Arthur van Kruining

unread,
Nov 24, 2000, 4:07:57 PM11/24/00
to
marcel raman <mra...@pandora.be> wrote:

> Arthur van Kruining <arth...@xs4all.nl> schreef in berichtnieuws
>
> > (Misschien bespreekt Praz hem uitgebreider in, het door mij niet bezeten
> > noch gelezen, _The Romantic Agony_?) _
>
> Cazotte wordt er tweemaal in vermeld.

> Indien geīnteresseerd typ ik de passages hier voor u over.

Graag!

Bij voorbaat dank.

U groet,
Arthur.

marcel raman

unread,
Nov 26, 2000, 3:00:00 AM11/26/00
to

Arthur van Kruining <arth...@xs4all.nl> schreef in berichtnieuws
> > Cazotte wordt er tweemaal in vermeld.
> > Indien geïnteresseerd typ ik de passages hier voor u over.
>
> Graag!

Beetje opgehouden door computerprobleempje.

Hier gaan we:

Mario Praz: The Romantic Agony

Chapter iv: La Belle Dame sans Merci (p.202 in de Oxford University Press
editie 1970)

"3. Only a bare mention is necessary in the case of a frivolous forerunner
of Matilda - although the book found favour with the French Romantics - Le
Diable amoureux, by Cazotte (1772), in which Biondetta, dressed up as a page
(Biondetto), tries to make Don Alvare fall in love with her, and, when his
resistance is finally vanquished, reveals the fact that she is the Devil and
leaves him a prey to grotesque visions. We shall take Matilda, the witch in
Lewis's The Monk, as our starting-point. Lewis denied having read Le Diable
amoureux, but certain exactly parallel passages seem to prove the contrary."

met als voetnoot: ( p. 282)
"Le Diable amoureux" appeared in an English translation in 1791, Railo
quotes a passage from Cazotte in which Biondetta's habit 'discovered part of
her bosom, and the moonbeams darting full upon it, enabled me to observe its
dazzling whiteness', and compares it with the following from Lewis: 'The
moonbeams darting full upon it (Matilda's bosom) enabled the monk to observe
its dazzling whiteness'. See also other anticipations of Matilde quoted by
Railo...
Lewis, who was a homosexual (see Montague Sumers, The Gothic Quest pp 263-4)
must have been struck by Biondetta's disguise as Biondetto.


Dat is alles ...

Arthur van Kruining

unread,
Nov 26, 2000, 3:00:00 AM11/26/00
to
marcel raman citeert Mario Praz:

> "3. Only a bare mention is necessary in the case of a frivolous forerunner
> of Matilda - although the book found favour with the French Romantics - Le
> Diable amoureux, by Cazotte (1772),

Tja. Uit dat 'frivolous' blijkt meteen dat Praz weinig van het verhaal
heeft begrepen. De vorm mag soms wat luchtig zijn, de inhoud is verdomde
religieus en, zoals blijkt uit het slot, zeer moralistisch.

> in which Biondetta, dressed up as a page
> (Biondetto), tries to make Don Alvare fall in love with her, and, when his
> resistance is finally vanquished, reveals the fact that she is the Devil and
> leaves him a prey to grotesque visions.

En dit is gewoon onjuist. Alvare is zich vanaf het begin bewust van
Biondetta's demonische afkomst. Dat maakt die hele verleiding juist zo'n
hels karwei! Er moet een uiterst verblindende liefde worden gekweekt; de
held moet zo bevangen worden door de persoon Biondetta dat hij bereid is
de leugen over haar ware aard te geloven. Uiteindelijk moet hij zo in
haar netten verstrikt zijn dat hij haar zijn ziel aanbiedt, ook al is ze
Mr. Splitfoot himself.

> Lewis, who was a homosexual (see Montague Sumers, The Gothic Quest pp 263-4)
> must have been struck by Biondetta's disguise as Biondetto.

Dit beweert-ie in _Het Verdrag van de Slang_ ook al. Alsof iedere homo
een travestiet is... Lewis' homosexualiteit komt IMO vooral tot
uitdrukking in het verhaal van _The Monk_ zelf. De ongekende hypocrisie
en dito morele valpartij van Ambrosio (de monnik in kwestie), die, vrij
van alle zonde opgevoed, alles in zich had om heilig te worden. Dat zo'n
onbevlekte man zo diep kan zinken--wie had dat gedacht? Door op die
manier de schijnbare deugd verdacht te maken, zal Lewis wellicht
geprobeerd hebben zijn eigen schijnbare ondeugd minder verdacht te
maken. Al was het alleen maar voor zichzelf.

U groet,
Arthur.

Frank Lekens

unread,
Dec 3, 2000, 3:00:00 AM12/3/00
to
In article <1eklpku.1x5...@ip195-86-113-160.dyn.wirehub.net>,
arth...@xs4all.nl says...

> Frank Lekens <kraz...@operamail.invalid> wrote:
>
> > En in het voorwoord bij "Vita Nuova" houdt Hrabal zelf ook een
> > pleidooi voor wat hij "diagonaal lezen" noemt. Het is een voorbeeld van
> > een zekere nonchalance met betrekking tot de tekst die ik wel eens
> > verfrissend vind. Het is weer eens wat anders dan "Er kan geen mus van
> > het dak vallen of het betekent iets". Nee, lees er maar gewoon op los.
> > Lees desnoods de helft, of sla telkens een bladzij over, kan niet
> > bommen.
>
> Precies. Desnoods lees je alleen de lidwoorden. Moet allemaal kunnen.

Precies. Of alleen de klinkers, dat is ook spannend.

Voorstel: We gaan _La Disparition_ van Georges Perec snellezen. Methode:
alleen de woorden lezen waarin de letter E voorkomt.

(Maar serieus: Ik kan het ook niet. Of niet goed. Maar ik heb mezelf een
paar jaar geleden wel ontslagen van de plicht om boeken die ik heel
slecht, saai of vervelend vond, tóch altijd helemaal uit te lezen.

En voor sommige auteurs ontbreekt het me gewoon aan uithoudings- of
(historisch) inlevingsvermogen. Net de gloednieuwe vertaling van Dante
geprobeerd; de Hel snel doorgelezen. Maar wat kan ik ermee? Ik ken al
die Italiaanse piefen die hij daar tegenkomt, helegaar niet. Voor mijn
gevoel: veel moeite, laag rendement.)

> Alleen... ik doe het nooit. Kentnietovermehartverkrijge. Laatst ook
> weer, met een boek van Jacques Cazotte

<knip interessante beschrijving van werk van Cazotte en Lewis>

Klinkt interessant. Ik heb nog nooit van die Cazotte gehoord. Ik krijg
bijna zin om het te gaan lezen - maar dat komt er voorlopig niet van,
want ik zit nu even met mijn hoofd in de Wolkers. Raar maar waar: als
misschien wel enige lezer in heel Nederland had ik tot voor kort nog
nooit ook maar iets gelezen van dé schrijver van wie zowat *ieder*
Nederlands huishouden wel een of twee beduimelde romans in huis heeft -
een even obligaat interieurstuk als de Ikea-kast.
Maar zodra ik één roman van hem las (_De doodshoofdvlinder_), was
ik meteen verkocht en kreeg ik zin om het hele oeuvre door te werken.
Daar ben ik nu (ertoe uitgenodigd door de recente heruitgaven) in
chronologische volgorde aan begonnen (en met die chronologische volgorde
tekent zich wel meteen een mooie lijn in het oeuvre af).

Die roman van Lewis die je noemt, interesseert me ook wel. Ik noemde hem
een tijdje terug met opzet niet in mijn bespreking van _Martha Peake_,
omdat ik _The Monk_ zelf niet gelezen heb; maar naar wat ik ervan weet,
is het natuurlijk dé roman bij uitstek die het genre van de gothic novel
vertegenwoordigt waar McGrath zo sterk op teruggrijpt. En juist omdat ik
me met McGrath zo vermaakt heb, word ik - van nature meestal niet zo
geďnteresseerd in genrefictie - nu toch wel nieuwsgierig naar _The
Monk_.

> Maar ik dwaal af. We waren bij Hrabal:
> > "Ik heb de
> > koning van Engeland bediend" is meer een geconstrueerde, verzonnen roman
> > die een doelbewuste poging lijkt te doen om op symbolische wijze iets
> > over de geschiedenis van Tsjechoslowakije te zeggen (maar wat
> > precies??).
>
> Ja, kijk, dat is dan weer een nadeel van diagoneellezen. Je mist het één
> en ander. En dan moeten wij noeste lezers die luie donders weer
> bijspijkeren!

<knip uitstekende interpretatie>

Fijn dat je daar toch even de moeite voor nam. Nu weet ik tenminste hoe
het zit. :-)

> > Wat ook anders is aan "Ik heb de koning van Engeland bediend" is
> > dat het minder positief van toon is.
>
> Mwah, zo negatief vond ik het niet. Goed, er gebeuren een hoop trieste
> dingen, maar de grondtoon is vrij optimistisch. Die dwerg blijft geen
> moment bij de pakken neerzitten. Hij heeft een doel, waardoor hij
> gemotoriseerd door het leven gaat, en of dat doel nu bereikt wordt of
> niet, maakt uiteindelijk weinig uit. Het gaat, clichéalarmfase 3, om De
> Reis, en dientengevolge om de "ongelofelijke dingen die een feit
> worden". Een pleidooi derhalve om toch maar idealen te blijven
> nastreven, ook al zijn ze nog zo onbereikbaar. Want wat er wel bereikt
> wordt, is nog altijd beter dan niets. Met een Ethiopische onderscheiding
> kun je de rest van je leven pronken. (Behalve als je 'm kwijtraakt door
> diefstal of onoplettendheid.)

Mja, ik weet het niet... Zo'n episode als het huwelijk met de
fascistische Duitse gymlerares, en het monsterachtige kind dat ze samen
krijgen - dat is zwartgalliger dan wat ik in andere boeken van hem
tegenkom. Maar misschien komt het ook een beetje doordat het hier zo
nadrukkelijk en met een weids gebaar wordt opgedist als een symbolische
vertelling (met name *die* episode) - terwijl zijn andere boeken juist
zo sterk het particuliere en het individuele lijken te benadrukken.
Een enkele keer verwijst hij in die andere boeken (voor zover ik
ze nu heb gelezen) ook wel naar de nare gevolgen van de fascistische en
communistische overheersing, maar het gebeurt terloopser en minder
nadrukkelijk. In al zijn boeken wijst hij wel op de mogelijkheid om ook
onder de onmenselijkste omstandigheden een menswaardig leven te lijden -
maar in de andere boeken vind ik die boodschap authentieker klinken.

Maar ik geef toe: als ik er wat langer over nadenk, krijg ik ook weer
twijfels. Want wat is er uiteindelijk triester dan het melancholieke
verhaal van boekenpletter Hanta in _Al te luide eenzaamheid_?
Zo is het ook wel weer. Dus zoals ik al zei: ik weet het ook
niet. Misschien is het wel dat de vertaling van Kees Mercks meer van de
blijde toon voelbaar maakt dan de Engelse vertaling die ik van _Ik heb
de koning..._ heb gelezen.

Ik heb nu trouwens net die documentaire van vorige week op video
bekeken, en die was bar slecht. Dodelijk saai, met vooral veel aandacht
voor Hrabals drinkebroertjes in het café. Ik vond het vervelend om naar
te kijken. Dan waren de begeleidende artikeltjes over Hrabal in de VPRO-
gids en in de Volkskrant (nota bene in Traject!) nog interessanter.
De film bestond vooral uit artistiekerige maar weinig
informatieve beelden en interviews met bekenden van Hrabal, die niet
fatsoenlijk werden geďntroduceerd. En natuurlijk zat er - heel sjiek -
geen begeleidende voice-over bij die alles in een chronologisch kader
plaatste of andere uitleg gaf. In plaats daarvan las de voice-over
alleen maar stukken uit Hrabals werk voor, zonder erbij te vermelden uit
welke boeken de teksten kwamen, en of de ik-figuur dan Hrabal zelf
betrof, of zijn vrouw, of een derde (bijv. Hanta uit _Al te luide
eenzaamheid_).
Het leek wel of ze een documentaire over Hrabal wilden maken,
maar er niet al te veel moeite voor wilden doen. Wat ik onder meer
miste: meer uitleg over wie Hrabal was en wat voor soort boeken hij
schreef. Een poging om hem te situeren in de bredere context van de
Tsjechische literatuur. Een betere chronologische inkadering (wanneer
begon hij met schrijven, wanneer werd zijn werk verboden, wanneer gaf
hij dat beruchte interview waarin hij een beetje vergoelijkend deed over
het communistische regime, zodat hij het bij de dissidenten verbruid
had, enz. enz.). En dat het woord "samizdat" valt zonder dat nader wordt
uitgelegd wat dat precies inhoudt, kan ik nog begrijpen (al naderen we
wel het moment dat je dat woord niet meer zomaar bekend mag
veronderstellen). Maar als je scčnes filmt in een of ander "Museum voor
Verboden Boeken", mag je toch wel een béétje meer uitleg geven over hoe
dat instituut is ontstaan en wat het precies doet e.d.? In plaats van er
alleen maar interessantdoenerige beelden van een papierpers doorheen te
snijden.
Verder zat er ook veel beeldmateriaal in van Hrabal zelf. Maar er
werd absoluut niet bij verteld van wanneer die beelden waren. Een aantal
ervan moet uit de communistische tijd stammen: waren die opnamen dan
ook een teken van zijn "collaboratie" met het regime? Of had dat er niks
mee te maken? Waren ze juist clandestien geschoten? Of stamden ze uit de
periode dat hij nog helemaal niet verboden was? De kijker kwam het niet
te weten.
Ik vraag me ook af of ze nog moeite gedaan hebben om te proberen
iemand als Kundera te interviewen (of Havel, al kan ik me voorstellen
dat die tegenwoordig onbereikbaar is). Ik weet niet of Kundera iets
interessants over Hrabal te melden zou hebben, maar hij zou in ieder
geval toch als een publiekstrekker kunnen fungeren.
Want ik ga ervan uit dat ze met de film wat meer aandacht voor
Hrabal wilden creëren. Maar ik betwijfel of het iemand heeft
gestimuleerd om eens iets van hem te gaan lezen. Dit was vooral een
documentaire van gemiste kansen. Jammer.

Reply all
Reply to author
Forward
0 new messages