Plaats een stel stevige, goed zichtbare palen aan weerskanten van de
weg in het midden van het pad.
--
Vriendelijke groet,
J. van Aalderen
Amstelveen
Kingdom of The Netherlands
Een (belangrijke) overeenkomst tussen de buurweg en het recht van overpad
(dat is een zgn. erfdienstbaarheid) is dat de manier waarop de buurweg wordt
gebruikt, niet zo maar gewijzigd mag worden. Dit geldt, als het om een
buurweg gaat, overigens niet voor degene die eigenaar van de weg is: deze
mag de weg gebruiken zoals hij/zij dat wil. Hij/zij mag de (mede)gebruikers
alleen niet belemmeren in het gebruik dat zij van de weg maken.
Als er sprake is van een buurweg, dan zegt dat nog niets over (de
verplichting tot) onderhoud. Dat is anders als het gaat om een recht van
overpad. Voor erfdienstbaarheden geldt namelijk, in beginsel, dat de
eigenaar die verplicht is toe te staan dat anderen over zijn/haar grond gaan
(die wordt de eigenaar van het dienende of lijdende erf genoemd), ook voor
het onderhoud opdraait. Dit is echter in de (notariėle) akte waarmee de
erfdienstbaarheid wordt gevestigd, anders te regelen. In die akte kan
daarnaast worden geregeld dat de eigenaar van het dienende erf recht heeft
op een (periodieke) vergoeding, de zgn. retributie.
Een erfdienstbaarheid wordt gevestigd (notariėle akte, gevolgd door
inschrijving van die akte in het openbare register (kadaster)) of ontstaat
door verjaring. Voor een recht van overpad gold vóór 1 januari 1992 (toen
het Nieuw Burgerlijk Wetboek in werking trad) dat een erfdienstbaarheid van
overpad niet door verjaring kon ontstaan. De regeling voor de buurweg was in
feite een oplossing voor deze regel in het geval dat buren gewend waren aan
het gemeenschappelijk gebruik van een weg/pad.
Sinds 1 januari 1992 is het verschijnsel van de buurweg niet meer in de wet
geregeld. De Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek bepaalt in artikel 160
echter (voor zover van belang): "Het in werking treden van de wet brengt
geen wijziging in de rechten, bevoegdheden en verplichtingen met betrekking
tot een buurweg welke voordien is ontstaan; (...)". Hoewel er dus geen
nieuwe buurwegen meer kunnen ontstaan, blijven oude gehandhaafd.
Nog iets: behalve de buurweg en het recht van overpad bestond (en bestaat)
de zgn. noodweg. Een weg kan alleen maar noodweg zijn als er geen
behoorlijke andere uitgang is voor de eigenaar van een stuk grond.
De concrete vraag: uitgaande van jouw omschrijving van de weg lijkt het te
gaan om een buurweg. Dat brengt mee:
- dat de inhoud van het gebruik niet zo maar gewijzigd/uitgebreid kan
worden;
- dat de vraag wie moet opdraaien voor het onderhoud, afhangt van vroegere
afspraken/gewoonten;
- dat daarmee nog niets vaststaat over de vraag wie eigenaar is van de grond
waar de buurweg overheen gaat.
Toch nog een heel verhaal geworden. Groeten,
Tim Hoekstra