http://www.tctubantia.nl/CDA/regioportal/1,2078,1654__460244,00.html
`Wij mogen niet klagen, we hebben elkaar nog`
Echtpaar Bruins raakte alles kwijt bij vuurwerkramp
Door Gerben Kuitert
Het is zaterdagmiddag 13 mei luttele minuten na de tweede explosie. Jan
Bruins (78) staat op de hoek van de Walhofstraat en Deurningerstraat en
staart verdwaasd voor zich uit. Hij bloedt uit verschillende wonden.
Fotojournalist Frans Nikkels (31) van deze krant legt het vast. Zeven
maanden later ontmoeten slachtoffer en fotograaf elkaar opnieuw.
Frans Nikkels won met de foto`s van Bruins twee prijzen. `Ze kennen me nu
tot in Zuid-Amerika aan toe`, glimlacht het slachtoffer.
Zij: `Het is hier zo stil, ik kan er maar niet aan wennen.`
Hij: `Ja, aan de Walhofstraat viel meer te zien dan hier.`
Zij: `Maar hier zitten meesjes in de tuin, dat hadden we daar niet.`
Hij: `We mogen niet klagen, we hebben elkaar nog. Dat is het belangrijkste.`
De inboedel in de kleine woning in woon-zorgcomplex Het Achtervoort aan de
Voortsweg is fonkelnieuw. Ze moesten zelfs voor een nieuw trouwboekje naar
het stadhuis. Het echtpaar Bruins raakte bij de vuurwerkramp hoegenaamd
alles kwijt. `En wat niet is verbrand, hebben de plunderaars wel meegenomen.
Onze fietsen, Jans gereedschap, het koffiezetapparaat, de helft van ons
bestek; allemaal gestolen`, stelt mevrouw Bruins gelaten vast.
`Twee klokken en een lade met paperassen heb ik drie weken na de ramp
stiekem nog zelf uit huis gehaald. Anders was dat ook nog gestolen`,
veronderstelt voormalig spinner Bruins.
Vijfenvijftig jaar woonden ze aan de Walhofstraat 10, naast supermarkt
Nieuwe Weme. Bruins kon lopend naar zijn werk bij spinnerij De Bamshoeve.
Dat achter De Bamshoeve de vuurwerkhandel S.E. Fireworks huisde, heeft hij
nooit geweten zegt hij. Tot die zaterdagmiddag dus...
Ze hebben een kopje koffie gedronken met de buurvrouw als er rumoer naar
binnen dringt in de karakteristieke woning aan de Walhofstraat. `We hadden
eerst niet eens door dat er brand was`, zegt Bruins. `Maar toen we
brandweerwagens en een ambulance voorbij zagen stuiven, zijn naar buiten
gelopen.` Niet lang daarna volgt de eerste explosie. Mevrouw Bruins is
richting hoek Walhofstraat-Deurningerstraat gewandeld. Niet wetend dat zijn
vrouw door de drukgolf is weggeslingerd, zoekt Bruins in paniek in de
supermarkt van Nieuwe Weme naar haar. `Maar daar kwam het plafond naar
beneden.` Bij de tweede klap wordt Bruins op zijn hoofd en arm getroffen
door stukken dakpan. `De thermopaneruit bij de buren kwam uit de sponning en
viel vlak naast me neer.`
Luttele seconden later krijgt Frans Nikkels de gewonde Jan Bruins voor zijn
lens. Nikkels heeft in Hengelo voor de krant foto`s gemaakt van een
voetbalwedstrijd en rijdt op het viaduct bij de UT als hij de enorme wolk
van de eerste explosie boven de stad ziet opstijgen. Via de
Roessinghbleekweg rijdt hij richting rampgebied. `Meneer Bruins is de enige
die ik die zaterdag om toestemming heb gevraagd om een foto te maken. Hij
knikte alleen maar, toen heb ik een paar keer afgedrukt.` Nikkels trekt
daarna verder het rampgebied in. Hij heeft fotografen-geluk; is op het
juiste moment op de voor een fotojournalist juiste plek.
Bruins wordt minuten later door zijn kleinzoon Xander(19) gevonden. Met hulp
van een Turkse buurjongen wordt hij door zijn kleinkind naar het Van
Heekpark gebracht, dat fungeert als verzamelplaats voor gewonden. Hij weet
dan nog steeds niet waar zijn vrouw is. Mevrouw Bruins zit hemelsbreed 1,5
kilometer verderop op een muurtje bij de Kottenparkcollege. Ze is er door de
schoonzoon van kapper Weltevreden, hun buurman aan de Walhofstraat, naartoe
gebracht. `Daar moesten we ook weg, vanwege ontploffingsgevaar bij de
Grolsch.` Het gaat te voet verder richting appartement van kapper
Weltevreden op Park de Kotten. Ondertussen zit Jan Bruins in de bus die met
gewonden koers zet richting Twenteborg-ziekenhuis in Almelo. Pas uren later,
na gebel met familieleden, weten de echtelieden van elkaar dat ze nog in
leven zijn.
Rond een uur of half zes bekijkt Frans Nikkels op de redactie van de
Twentsche Courant Tubantia de negatieven van de rolletjes die hij heeft
volgeschoten. Nikkels foto`s vinden niet veel later hun weg naar het
vermaarde persbureau Reuters, dat om beeldmateriaal van de catastrofe
schreeuwt. Zo gaat de bloedende Jan Bruins tegen de achtergrond van een
verwoestend inferno de hele wereld over.
Frans Nikkels zal er maanden later de `GPD Foto Jaarprijs` mee winnen en een
derde prijs in de jaarlijkse wedstrijd om de prestigieuze Zilveren Camera.
Hij zegt zich een tikje gegeneerd te voelen, omdat hij prijzen won met de
ellende van een ander. `Collega`s hebben me overgehaald die foto`s in te
sturen. Ik had liever met een ander onderwerp gewonnen.`
Jan Bruins en zijn vrouw wonen als weer sinds juni in Het Achtervoort. `De
verzekering heeft alles betaald, daar hebben we geen klagen over`, zegt
Bruins. En zij: `Buurvrouw Florijn en slager Veldschoten van de
Deurningerstraat wonen hier ook. Maar weet u: We hebben daar toch iets
achtergelaten wat we hier niet weer vinden.`
Einde citaat