Cor Huizer
unread,May 19, 2013, 11:38:42 AM5/19/13You do not have permission to delete messages in this group
Either email addresses are anonymous for this group or you need the view member email addresses permission to view the original message
to
Schriftuitleg van Pinksterzondag 19 mei 2013.
Inleiding:
Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk
van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet
bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar
enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te
preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden.
Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de
schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn
met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen
ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere
wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien
wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen.
U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht
voor uw hart), of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn
schrijven zoals het u behaagt.
Schriftteksten:
Eerste lezing Handelingen 2, 1-11
Toen de dag van Pinksteren aanbrak waren allen bijeen op de zelfde plaats.
Plotseling kwam uit de hemel een gedruis alsof er een hevige wind opstak en
heel het huis waar zij gezeten waren was er vol van. Er verscheen hun iets
dat op vuur geleek en dat zich, in tongen verdeeld, op ieder van hen
neerzette. Zij werden allen vervuld van de heilige Geest en zij begonnen te
spreken in vreemde talen, naargelang de Geest hun te vertolken gaf. Nu
woonden er in Jeruzalem joden, vrome mannen die afkomstig waren uit alle
volkeren onder de hemel. Toen dat geluid ontstond liepen zij te hoop en tot
hun verbazing hoorde iedereen hen spreken in zijn taal. Zij waren buiten
zichzelf en zeiden vol bewondering: ‘Maar zijn al die daar spreken dan geen
Galileeërs? Hoe komt het dan dat ieder van ons hen hoort spreken in zijn
eigen moedertaal? Parten, Meden en Elamieten, bewoners van Mesopotamië, van
Judea en Kappadocië, van Pontus en Asia, van Frygië en Pamfylië, Egypte en
het gebied van Libië bij Cyrene, de Romeinen die hier verblijven, joden
zowel als proselieten, Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze eigen
taal spreken van Gods grote daden’.
Tweede lezing Romeinen 8, 8-17
Broeders en zusters, zij die zelfzuchtig leven, kunnen God niet behagen.
Maar uw bestaan wordt niet beheerst door de zelfgenoegzaamheid, maar door de
Geest, omdat de Geest van God in u woont. Zou iemand de Geest van Christus
niet hebben, dan behoort hij Hem niet toe. Als Christus in u is, blijft wel
uw lichaam door de zonde de dood gewijd, maar uw geest lééft, dankzijde
gerechtigheid. En als de Geest van God die Jezus van de doden heeft
opgewekt, in u woont, zal Hij die Christus Jezus van de doden heeft doen
opstaan, ook uw sterfelijk lichaam eenmaal levend maken door de kracht van
zijn Geest, die in u verblijft. Broeders en zusters, wij hebben dus
verplichtingen, maar niet aan onszelf, om zelfgenoegzaam te leven. Als gij
zelfzuchtig leeft, zult gij zeker sterven. Maar als gij door de Geest de
praktijken van de zelfzucht versterft, zult gij leven. Allen die zich laten
leiden door de Geest van God, zijn kinderen van God. De geest die gij
ontvangen hebt, is er niet een van slaafsheid die u opnieuw vrees zou
aanjagen. Gij hebt de geest van het kindschap ontvangen die ons doet
uitroepen: ‘Abba, Vader!’. De Geest zelf bevestigt het getuigenis van onze
geest dat wij kinderen zijn van God. Maar als wij kinderen zijn dan zijn wij
ook erfgenamen, en wel erfgenamen van God, tezamen met Christus, daar wij
delen in zijn lijden om ook te delen in zijn verheerlijking.
Evangelielezing Johannes 14, 15-16.23b-26
In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: ‘Als gij Mij liefhebt, zult ge
mijn geboden onderhouden. Dan zal de Vader op mijn gebed u een andere Helper
geven om voor altijd bij u te blijven. Als iemand Mij liefheeft, zal hij
mijn woord onderhouden; mijn Vader zal hem liefhebben en Wij zullen tot hem
komen en verblijf bij hem nemen. Wie Mij niet liefheeft, onderhoudt mijn
woorden niet; en het woord dat gij hoort is niet van Mij, maar van de Vader
die Mij gezonden heeft. Dit zeg Ik u terwijl Ik nog bij u ben, maar de
Helper, de heilige Geest die de Vader in mijn naam zal zenden, Hij zal u
alles leren en u alles in herinnering brengen wat Ik u gezegd heb’.
Uitleg:
Het thema van deze Pinksterzondag is: ‘Op vuur gelijkend’. De liefde, die de
heilige Geest in het hart van een mens kan ontsteken is op vuur gelijkend.
Vandaar dat een mens kan branden van liefde voor God en de naasten.
Natuurlijk kan de heilige Geest, God dus, alleen deze liefde in een mens
ontsteken en laten groeien tot een groot vuur, een groot licht, als deze
mens God in zijn hart toelaat. Waar zijn staat moet u ook haar lezen, lees
dit naar uw eigen geslacht. Wie door een egoïstische levensstijl zich
afsluit voor God in Jezus Christus, die sluit zich niet alleen af voor het
leven, maar ook voor de liefde voor God en de naasten. Deze mensen maken hun
gedachten en verlangens eigenlijk zeer klein en alleen gericht op het
materiële, alleen gericht op wat zij kunnen waarnemen en als het ware met de
handen kunnen pakken. Alles wat niet gezien wordt, maar zich wel duidelijk
laat waarnemen, zoals God door de door Hem geschapen natuur, wordt genegeerd
of krijgt een uitleg, die meer geloof vereist dan de waarheid uit God. Met
alle macht en kracht wordt God ontkent en alle mensen, die deze zogenaamde
‘wetenschappelijke’ sprookjes niet geloven, die worden uitgemaakt als
onwetend, dom en blind. Maar dat de ‘gelovigen’ van deze menselijke
theorieën zelf behoorlijk kortzichtig, zo niet blind zijn, komt bij de
vijanden van God niet op, want God erkennen betekent voor hen ook dat zij
zich aan de regels, die God ons heeft gegeven om voor eeuwig zalig te
worden, zouden moeten gaan houden. En dat kan niet, want dan zouden zij hun
zonden moeten laten, zich minder zelfzuchtig moeten opstellen en niet
materiële rijkdom en aards geluk op de eerste plaats stellen. Maar meer
rekening houden met de zaligheid in het hiernamaals. Nee, voor de aardse
welvaart kan men dan beter God beledigen en de eeuwige zaligheid mislopen en
in plaats daarvan eeuwig lijden in de hel. Want het huidige kent men, maar
het toekomstige is voor hen een vraag, omdat zij zich nimmer met de liefde
hebben beziggehouden, behalve dan de eigenliefde. Vandaag vieren wij dat de
apostelen, Maria en vele andere leerlingen van Jezus Christus de heilige
Geest ontvingen, die hoorbaar en zichtbaar op hen neerdaalde. Dat kon enkel
omdat reeds daarvoor er een vuur van liefde in hen brandde voor de ene ware
en levende God en voor hun naasten. Het is niet nodig voor de heilige Geest
om met zoveel kabaal en met zichtbaar vuur op mensen neer te dalen, Hij kan
het ook ongemerkt voor anderen doen. Maar op deze eerste Pinksterdag was het
wel nuttig, omdat er vanwege dit kabaal veel mensen daar samenkwamen en er
enkele duizenden van hen bekeerd konden worden. De Kerk van Jezus Christus
moest een goede start hebben, allereerst onder de joden, daarna onder de
heidenen, omdat de joodse Kerk, de Tempel God in Jezus Christus afwees.
Vandaar ook dat het geen vijftig jaar meer duurde voordat de hoogmoed van de
Tempelheren de Romeinen zo kwaad maakten, dat Jeruzalem en een groot deel
van Israël verwoest werd en de meeste joden in een zeer lange ballingschap
gingen, overal in de wereld. Dat was reeds op Aarde de beloning voor het
verzet tegen God, alhoewel Zijn liefde hen nimmer heeft losgelaten. Want ook
al spuugden zij door hun ongeloof de Zoon in het gezicht, de Vader bleven
zij aanbidden. Dit in tegenstelling tot vele andere volkeren die, of heidens
bleven, of weer tot heidendom zijn vervallen in de loop der eeuwen en die
nog steeds de christenen, en daarmee God in Jezus Christus, vervolgen.
Begrijp het goed, zij die zelfzuchtig leven, kunnen God niet behagen.
Ongeacht wat hun officiële geloof mag zijn. Christen, Jood, heiden, atheïst
of hoe men zich wil noemen, als men een zelfzuchtig, egoïstisch leven leidt,
dan kan men God niet behagen. En daarom ook nooit de vrede vanuit God
voelen, of een laaiend vuur van liefde in het hart ontsteken. God is Liefde
en wie Hem afwijst, die kan niet de heilige Geest in zijn hart ontvangen en
kan nimmer een op vuur gelijkende liefde bezitten. Wie geen liefde heeft
voor God en de naasten, die ontsteekt in haat. Haat echter komt nimmer van
God, omdat God niet en nooit Zijn schepselen haat, maar komt van Satan, die
een mensenhater is en de koning van de leugenaars. God heeft ons mensen
opgedragen om zelfs onze vijanden lief te hebben en, wanneer een vijand onze
hulp nodig heeft, zijn slechte daden tegenover ons te vergelden met
goedheid, daadwerkelijke liefde en ruim gegeven hulp. Wie dat doet zal
ervaren dat Jezus Christus ook in hem zal wonen en hij de geest van
kindschap zal ontvangen en niet die van slaafsheid. Dat is de Geest, die
Jezus ons mensen heeft beloofd. Maar die kan enkel komen in een mens als
deze Hem toelaat in alle vrije wil en door daden van geloof en liefde. Wie
de geboden van Jezus Christus onderhoudt, dus de geboden van God, die onze
Vader wil zijn, als wij Hem toelaten, die zal deze Helper krijgen en deze
Helper, de heilige Geest, die de Vader u zal zenden in de Naam van Jezus,
die zal u alles in herinnering brengen wat Jezus ons heeft geleerd. Hij zal
met andere woorden ons leiden en onderwijzen. En op deze wijze zal elke
volgeling van Jezus Christus, die trouw zoveel als hem mogelijk is, de
geboden van God in Jezus Christus onderhoudt, door God Persoonlijk geleerd
en onderwezen worden. Daarom is het de taak van iedere christen om te
streven naar heiligheid. Geen schijnheiligheid, want dat is gehuichel en een
gruwel in Gods ogen. Nee, oprechte heiligheid die voortvloeit uit een
standvastige liefde voor God en de naasten, die weigert met de tijdsgeest
mee te gaan, als deze niet aansluit op het Woord van God, maar zelf, als
goede voorbeeld, het Woord van God leeft. Dan kan men heilig worden en
daarvoor hoeven wij mensen niet op de heiligenlijst te staan, want het is
niet de Kerk die weet wanneer iemand echt heilig is, maar God alleen. De
door de Kerk heilig verklaarde personen worden alleen als voorbeeld gezien
hoe een mens een God welbevallig leven kan leiden, God kan behagen door daad
en woord. Deze voorbeelden kunnen voor ons mensen belangrijk zijn om ons
zelf ernaar te richten, maar niet perse noodzakelijk, Een goede bestudering
van Gods Woord in de Bijbel en daarnaar te leven is eigenlijk voldoende,
maar niet iedereen is het zorgvuldig bestuderen van Gods Woord gegeven, want
elke mens is verschillend, en een voorbeeld kan dan helpen. Wie echter de
geboden van Jezus Christus onderhoudt, en die vindt u in de Bijbel, die zal
zeker wel in de hemel komen. Wellicht ook in het huis van onze Vader, God in
Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem. Laten wij daarom leven als
daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij elkaar daar allemaal
mogen ontmoeten.
Amen.
Cor Huizer.